Terug
We versterken de aanpak van laaggeletterdheid

De aanpak van laaggeletterdheid bestaat uit twee delen. Ten eerste zorgdragen voor een doorlopende leerlijn van (digi)taalaanbod zodat laaggeletterden op hun eigen taalniveau en volgens hun eigen leerbaarheid in staan zijn om les te volgen of hun Nederlandse taal te onderhouden. Er is aandacht voor laaggeletterden met Nederlands als eerste taal (NT1-ers) en laaggeletterden met Nederlands als tweede taal (NT2-ers) Ten tweede erkennen dat laaggeletterde burgers een andere wijze van communiceren hebben. Zij zijn minder in staat om geschreven informatie tot zich te nemen en hebben eerder hulp nodig bij digitale communicatie. Hiervoor gaan we het volgende doen:
- Samen met de Vlaardingse taalaanbieders een doorlopende leerlijn organiseren zodat er een gevarieerd (digi)taalaanbod is met ook aandacht voor andere vaardigheden zoals rekenen, het vinden van werk, het inschrijven voor een opleiding en voeren van een thuisadministratie. Laaggeletterden worden door zogenaamde camouflage-cursussen gemotiveerd om deel te nemen aan een taaltraject en vervolgens hebben zij de mogelijkheid om door te stromen naar een volgend traject. Ook voor het onderhouden van de Nederlandse taal is er aanbod zoals een leesclub of een taalcafé.
- Verder ontwikkelen van het Bondgenootschap Laaggeletterdheid zodat meer partijen in de stad zich committeren aan het erkennen en herkennen van laaggeletterdheid en het ontwikkelen van laaggeletterdenbeleid. Hierdoor worden meer laaggeletterde inwoners bereikt vanuit het sociaal domein, de gezondheidszorg of de gemeente. Voor het uitbreiden van het Bondgenootschap wordt er jaarlijks een inspiratiebijeenkomst georganiseerd. Voor het onderhouden van het Bondgenootschap is er jaarlijks een strategisch overleg waarvoor de directies van de Bondgenoten worden uitgenodigd voor het maken van afspraken over de aanpak van laaggeletterdheid. Daarnaast wordt ingezet op samenwerking tussen partners/bondgenoten. In dat kader zijn er inmiddels twee sub-bondgenootschappen actief: ‘basisvaardigheden en wonen’ en ‘basisvaardigheden en gezondheid’.
- Verder ontwikkelen van Informatiepunten Digitale Overheid (IDO) waar burgers die niet digitaal vaardig zijn terecht kunnen voor hulp bij vragen met betrekking tot de e-overheid en het volgen van (digi)taalcursussen. Samenwerken met de Formulierenbrigade is onderdeel hiervan.