De MVS-gemeenten staan voor de opgave om het bereik en de effectiviteit van vroegsignalering te verbeteren. Uit de regionale analyses blijkt dat het aandeel huishoudens met problematische schulden in alle drie de gemeenten boven het landelijk gemiddelde ligt, terwijl de huidige formatie vroegsignalering achterblijft bij gemeenten van vergelijkbare omvang. De hulpacceptatie blijft met gemiddeld zo'n 14% bovendien achter bij het landelijk gemiddelde van 35%. Met de tijdelijke IBO-middelen willen we structurele verbeteringen realiseren in de uitvoering van vroegsignalering. Stroomopwaarts gaat daarom doelgericht werken naar de KPI’s uit het Regionaal Activiteitenplan Armoede en Schulden MVS 2025–2028:

  • Bereik ≥ landelijk niveau (≥20%)
  • Hulpacceptatie ≥ 25% per jaar (landelijk niveau 35%)

Stroomopwaarts is ook gestart met het CAK-project. Dit is een gerichte aanpak binnen de vroegsignalering voor inwoners die minimaal zes maanden geen zorgpremie hebben betaald en daardoor een bestuursrechtelijke premie moeten betalen. Een CAK-schuld kan een indicatie zijn dat er meerdere schulden binnen het huishouden zijn. In de eerste fase van het project richt Stroomopwaarts zich op de groep inwoners die zowel op de CAK-lijst staan als een uitkering ontvangen. Als fase 1 van het project definitief een succes blijkt, wordt onderzocht of deze werkwijze kan worden opgeschaald naar alle inwoners op de CAK-lijst (fase 2).

Na het afronden van fase 1 start Stroomopwaarts fase 2, gericht op inwoners op de CAK-lijst die geen Participatiewet-uitkering hebben. De pilot is succesvol wanneer het percentage van het bereik, dat leidt tot hulpaanvaarding groter of gelijk is aan 25% per jaar. Hiermee sluiten we aan bij de KPI-norm voor vroegsignalering zoals is afgesproken in het Regionale Activiteitenplan Armoede en Schulden MVS 2025-2028.