Paragrafen

Paragraaf Lokale heffingen

Inleiding

Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale heffingen - Inleiding

Lokale heffingen zijn de inkomsten die verkregen worden op grond van publiekrechtelijke regels, voornamelijk belastingen, heffingen en retributies. De heffingen zijn gebaseerd op wettelijke bepalingen. Bij de lokale lasten maken we onderscheid tussen zuivere belastingen, heffingen en retributies:

  • De zuivere belastingen behoren tot de algemene dekkingsmiddelen en zijn voor de uitvoering van collectieve vormen van dienstverlening, maar ook individuele vormen van dienstverlening zonder een duidelijke relatie tussen dienstverlening en belasting. In Vlaardingen onderscheidden we in 2025 de onroerende zaakbelasting (OZB), de precariobelasting en de toeristenbelasting.
  • De heffingen zijn voor de dekking van de kosten voor uitvoering van publiekrechtelijke dienstverlening. Dat houdt in dat de belastingplichtige ook moet betalen als hij de dienst niet wenst. Voorbeelden van heffingen zijn afvalstoffenheffing en rioolheffing.
  • De retributies zijn vergoedingen voor individuele dienstverlening van typische overheidsdiensten van publiekrechtelijke aard. Voorbeelden hiervan zijn leges voor een paspoort en rijbewijs.

Beleid

Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale heffingen - Beleid

Uitgangspunten van het gemeentelijk beleid 2025 waren ten aanzien van de belastingen en heffingen: gematigde belastingen en kostendekkende heffingen en retributies.

  • Onroerendezaakbelasting: de OZB-opbrengsten zijn verhoogd met 3.2% conform de CPI inflatie van januari 2024, zoals vastgelegd in het coalitieakkoord 2022-2026 'Groei en Bloei voor Vlaardingen'
  • De tarieven van de overige gemeentelijke belastingen, heffingen en leges zijn geïndexeerd met 3.2%. De uitzondering hierop wordt gevormd door de wettelijk vastgelegde tarieven en het tarief voor de Zeehavengelden en Binnenhavengelden, waarvoor Vlaardingen meelift met Rotterdam.
  • Het tarief voor het rioolrecht, gebaseerd op het verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan, was € 206,90.
  • Het tarief voor de afvalstoffenheffing, gebaseerd op de gewenste opbrengst in combinatie met het aantal huishoudens, was € 317,69 voor een éénpersoonshuishouden en € 406,20 voor een meerpersoonshuishouden
  • De parkeertarieven kennen een eigen regime en zijn bij afzonderlijk raadsbesluit vastgesteld.

Kwijtschelding

Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale heffingen - Kwijtschelding

Voor mensen met de laagste inkomens bestaat de mogelijkheid van gehele of gedeeltelijke kwijtschelding van de lokale lasten. De regels voor het toekennen worden bepaald door de Rijksoverheid, neergelegd in de Invorderingswet. Deze regels komen erop neer dat kwijtschelding mag worden verleend aan belastingplichtigen, die een inkomen hebben dat niet hoger ligt dan de bijstandsnorm.
Gemeenten mogen hiervoor een lager inkomen hanteren. De gemeente Vlaardingen hanteert de zogenaamde 100%-norm, dat betekent dat inwoners van Vlaardingen met een inkomen op bijstandsniveau in beginsel voor kwijtschelding in aanmerking komen. Daarnaast heeft Vlaardingen met ingang van 2023 de vermogensnorm met € 2.000 verhoogd.

Voor welke belastingen kwijtschelding wordt verleend, mogen gemeenten zelf bepalen. In Vlaardingen kan kwijtschelding worden aangevraagd voor de afvalstoffenheffing. Er is over 2025 voor een bedrag van € 945.700 aan kwijtschelding verleend. Naar verwachting komt hier nog circa € 60.000 over 2025 bij. Dit is iets meer dan in de begroting geraamd. De voornaamste oorzaak hiervan is dat in het kwijtscheldingsbudget geen is rekening gehouden met de verhoging van het tarief van afgelopen jaren. Over voorgaande jaren is echter minder kwijtschelding verleend, dan vooraf begroot, dit levert een voordeel op van circa € 36.500. Per saldo is er in 2025 een nadeel op het budget van  circa € 43.000.

Gemeentelijke belastingschulden tot en met 2020 van slachtoffers van de kinderopvangtoeslagaffaire worden kwijtgescholden op basis van een landelijke regeling. De gemeente Vlaardingen wordt hiervoor gecompenseerd door het Rijk. De kwijtschelding in 2025 bedraagt € 11.800.  De te ontvangen compensatie vanuit het Rijk bedraagt € 29.100, waarvan € 17.300 ziet op kwijtschelding van schulden uit voorgaande jaren.

Woonlasten, lokale lastendruk

Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale heffingen - Woonlasten, lokale lastendruk

Onder de woonlasten verstaan we het gemiddelde bedrag dat een huishouden in Vlaardingen betaalt aan OZB, rioolheffing en afvalstoffenheffing. Bij de berekening van de totale woonlasten hebben we de volgende uitgangspunten gehanteerd:

  1. We gaan uit van een eigen woning, die wordt bewoond door een gezin;
  2. De OZB-aanslag is gebaseerd op de gemiddelde WOZ-waarde van een woning in Vlaardingen.

De ontwikkeling van de woonlasten van de afgelopen jaren ziet er als volgt uit. 

Woonlasten 2021 2022 2023 2024 2025
OZB-eigenaar 308 296,45 314,04 351,64 340,82
Rioolheffing 159,28 169,17 161,43 177,58 206,9
Afvalstoffenheffing 369,56 371,93 377,51 406,2 406,2
Totaal 836,84 837,55 852,98 935,42 953,92

Woonlasten, vergelijking met andere gemeenten

Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale heffingen - Woonlasten, vergelijking met andere gemeenten

Het Centrum voor Onderzoek van de Economie van de Lagere Overheden (COELO) geeft sinds 1997 met de ’Atlas van de lokale lasten‘ inzicht in de woonlasten per gemeente en de posities die de gemeenten ten opzichte van elkaar innemen in Nederland. Hierbij geldt dat nummer 1 de goedkoopste gemeente is en nummer 346 de duurste. In de atlas van 2025 neemt Vlaardingen de 207e plaats in op basis van de woonlasten zoals die in de tabel hierboven zijn berekend. In 2025 zat Vlaardingen €14 boven de landelijke gemiddelde woonlasten.

Overigens liggen de woonlasten van 80% van alle gemeenten, waaronder Vlaardingen, heel dicht bij elkaar en rond het landelijk gemiddelde. Wat betreft de omringende gemeenten bedragen de woonlasten:

Gemeente Gemiddelde woonlasten Ranglijst Coelo (2025)
Capelle a/d IJssel € 793 6
Nissewaard € 978 109
Rotterdam € 1.080 221
Vlaardingen € 1.066 207
Schiedam € 988 117
Westland € 1.081 222
Delft € 1.192 289
Maassluis € 1.099 239

Opbrengsten belastingen, heffingen en retributies

Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale heffingen - Opbrengsten belastingen, heffingen en retributies

Bij de begroting 2025 is op basis van de toen bekende informatie een inschatting gemaakt van de te ramen opbrengsten en hun kostendekkendheid. De afwijkingen van de verschillende belastingen, heffingen en retributies zijn toegelicht in het programma waar de producten worden verantwoord.  Onderstaand overzicht geeft inzicht in de realisatie daarvan:

Opbrengsten heffingen, retributies en belastingen Realisatie Begroting Begroting na Realisatie Verschil Verschil
bedragen x € 1.000 2024 2025 wijziging 2025 2025 in %
Leges Burgerzaken 1.719 2.246 2.548 1.730 -818 -32,10%
Parkeerbelasting 3.067 3.186 3.456 3.414 -42 -1,22%
Zeehaven- en binnenhavengelden 999 1.167 1.167 974 -193 -16,55%
Afvalstoffenheffing 12.874 12.863 12.863 12.962 99 0,77%
Rioolheffing 7.092 8.158 8.158 8.145 -13 -0,16%
Lijkbezorgingsrechten 837 925 925 886 -39 -4,24%
Leges bijzondere wetten 43 21 21 33 12 59,50%
Leges bouwvergunningen 2.859 1.537 2.297 1.973 -323 -14,07%
Precariobelasting 179 297 297 257 -40 -13,61%
Onroerendezaakbelasting 24.281 25.031 26.642 26.124 -518 -1,94%
Toeristenbelasting 565 363 363 346 -17 -4,57%
Totaal 54.515 55.794 58.738 56.845 -1.893 -3,22%

Kostendekkendheid

Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale heffingen - Kostendekkendheid

Rioolheffing
De rioolheffing is een heffing om het beheer en het onderhoud van het gemeentelijk rioolstelsel te bekostigen. Uitgangspunt bij deze heffing is dat de tarieven kostendekkend zijn. De stijging van de rioolheffing is dus afhankelijk van de ontwikkeling van de kosten. Voor het beheer en onderhoud op de lange termijn is een gemeentelijk rioleringsplan opgesteld waarin onder andere de kosten zijn opgenomen die door middel van een rioolheffing moeten worden gedekt. Voor 2025 was het tarief van de rioolheffing € 206,90.

Rioolheffing Begroting Begroting na wijziging Realisatie Verschil Verschil
2025 2025 in %
Kosten taakveld inclusief (omslag) rente 4.179.835 4.232.458 2.803.766 1.428.692 34,18%
Inkomsten taakveld, exclusief heffingen -96.360 -94.935 -114.163 19.228 -19,95%
Netto kosten taakveld 4.083.475 4.137.523 2.689.603 1.447.920 35,46%
Toe te rekenen kosten:
Overhead inclusief (omslag) rente 348.850 348.850 348.850 0 0,00%
BTW 410.297 356.250 389.439 -33.189 -8,09%
Totale kosten 4.842.622 4.842.623 3.427.892 1.414.731 29,21%
0
Opbrengst heffing -8.158.427 -8.158.427 -8.144.978 -13.449 0,16%
Toevoeging aan voorziening 3.315.804 3.315.804 4.717.086 -1.401.282 -42,26%
Totale inkomsten -4.842.623 -4.842.623 -3.427.892 -1.414.731 29,21%
0
Dekkingspercentage 100,00% 100,00% 100,00% 0
Bij de riolering is conform het vastgestelde beleid sprake van een zogenaamd gesloten systeem. Om die reden is het voordeel van de lagere lasten, gesaldeerd met de lagere opbrengsten, gestort in de voorziening Rioleringswerken.

Afvalstoffenheffing
De afvalstoffenheffing is een heffing om het ophalen en verwerken van de huishoudelijke afvalstoffen te bekostigen. Uitgangspunt bij deze heffing is dat de tarieven kostendekkend zijn. De stijging of daling van de afvalstoffenheffing is mede afhankelijk van de ontwikkeling van de kosten. Bij deze heffing wordt een tariefdifferentiatie toegepast voor één- en meerpersoonshuishoudens.

De tarieven zijn in 2025 gelijk gebleven ten opzichte van de tarieven in 2024. 

 

Afvalstoffenheffing Begroting Realisatie Verschil Verschil
2025 2025 in %
Kosten taakveld inclusief (omslag) rente 11.349.336 11.591.234 -241.898 -2,13%
Inkomsten taakveld, exclusief heffingen -430.000 -466.220 36.220 -8,42%
Netto kosten taakveld 10.919.336 11.125.014 -205.678 -1,88%
Toe te rekenen kosten:
Overhead inclusief (omslag) rente 79.147 79.147 0 0,00%
BTW 1.934.018 1.966.981 -32.963 -1,70%
Totale kosten 12.932.501 13.171.142 -238.641 -1,85%
Opbrengst heffing -12.863.270 -12.961.922 98.652 -0,77%
Onttrekking aan voorziening -69.231 -209.219 139.988 0,00%
Storting aan voorziening 0
Totale inkomsten -12.932.501 -13.171.141 238.640 -1,85%
Dekkingspercentage 100,00% 100,00% 0,00%
Bij de afvalstoffenheffing is sprake van een gesloten systeem. Het saldo van de lagere dan geraamde kosten en inkomsten wordt geëgaliseerd door een lagere dan geraamde onttrekking aan de voorziening Afvalverwijdering.

Lijkbezorgingsrechten
Deze retributie wordt geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor verleende diensten in verband met de begraafplaats. Lijkbezorgingsrechten worden geheven bij de aanvrager van de dienst, dan wel van degene voor wie de dienst wordt verricht. De tarieven zijn verhoogd met 3,2%.

Lijkbezorgingsrechten Begroting Begroting na wijziging Realisatie Verschil Verschil
2025 2025 2025 in %
Kosten taakveld inclusief (omslag) rente 921.631 842.726 867.903 -25.177 -2,99%
Inkomsten taakveld, exclusief heffingen 0 0 -594 594
Netto kosten taakveld 921.631 842.726 867.309 -24.583 -2,92%
Toe te rekenen kosten:
Overhead inclusief (omslag) rente 0 0 0 0
BTW 0
Totale kosten 921.631 842.726 867.309 -24.583 -2,92%
Opbrengst heffing -925.310 -925.310 -886.048 -39.262 -4,24%
Dekkingspercentage 100,40% 109,80% 102,16% -7,64%

Parkeerbelasting
Deze belasting wordt geheven voor het gedurende een aaneengesloten periode laten staan van een voertuig binnen de gemeente. De belasting wordt geheven bij degene die het voertuig heeft laten staan of de houder van het voertuig. De tarieven kennen een eigen beleid en worden afzonderlijk vastgesteld.

Parkeerbelastingen Begroting Begroting na wijziging Realisatie Verschil Verschil
2025 2025 2025 in %
Kosten taakveld inclusief (omslag) rente 1.646.289 1.442.614 1.140.585 302.029 20,94%
Inkomsten taakveld, exclusief heffingen -23.189 -22.846 -10.569 -12.277 53,74%
Netto kosten taakveld 1.623.100 1.419.768 1.130.016 289.752 20,41%
Toe te rekenen kosten:
Overhead inclusief (omslag) rente 159.191 159.191 159.191 0
BTW 0
Totale kosten 1.782.291 1.578.959 1.289.207 289.752 18,35%
Opbrengst heffing -3.185.889 -3.455.806 -3.413.511 -42.295 1,22%
Onttrekking aan voorziening 0
Totale inkomsten -3.185.889 -3.455.806 -3.413.511 -42.295 1,22%
Dekkingspercentage 178,75% 218,87% 264,78% 45,91%
Het voordeel van de lagere uitgaven en de hogere inkomsten van het taakveld parkeren is toegevoegd aan de algemene middelen.

Legesverordening hoofdstuk 1, algemene dienstverlening

Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale heffingen - Legesverordening hoofdstuk 1, algemene dienstverlening

 

 

Legesverordening hoofdstuk 1, algemene dienstverlening 2025
Kosten taakvelden inclusief (omslag) rente 729
Inkomsten taakvelden, exclusief heffingen 0
Netto kosten taakvelden 729
Toe te rekenen kosten:
Overhead inclusief (omslag) rente 1.819
BTW 0
Totale kosten 2.548
Opbrengsten heffingen -1.730
Dekkingspercentage 67,90%
Het dekkingspercentage in de begroting was 38%. In de realisatie is dit uitgekomen op 68%.

Legesverordening hoofdstuk 2, fysieke leefomgeving

Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale heffingen - Legesverordening hoofdstuk 2, fysieke leefomgeving
Legesverordening hoofdstuk 2, fysieke leefomgeving 2025
Kosten taakvelden inclusief (omslag) rente 35
Inkomsten taakvelden, exclusief heffingen 0
Netto kosten taakvelden 35
Toe te rekenen kosten:
Overhead inclusief (omslag) rente 2.745
BTW 0
Totale kosten 2.780
Opbrengsten heffingen -1.974
Dekkingspercentage 71,01%
De opbrengsten bouwleges zorgen voor een dekkingspercentage van 71%.

Legesverordening hoofdstuk 3, Europese dienstenrichtlijn

Terug naar navigatie - Paragraaf Lokale heffingen - Legesverordening hoofdstuk 3, Europese dienstenrichtlijn
Legesverordening hoofdstuk 3, Europese dienstenrichtlijn 2025
Kosten taakvelden inclusief (omslag) rente
Inkomsten taakvelden, exclusief heffingen 0
Netto kosten taakvelden 0
Toe te rekenen kosten:
Overhead inclusief (omslag) rente 35
BTW 0
Totale kosten 35
Opbrengsten heffingen -33
Dekkingspercentage 95,93%
Het gerealiseerde dekkingspercentage van 96% van hoofdstuk 3 ligt hoger dan het begrote dekkingspercentage van 59%.

Paragraaf Weerstandsvermogen

Inleiding

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen - Inleiding

Voldoende weerstandsvermogen om risico's op te kunnen vangen is voor een gemeente absolute noodzaak. In Vlaardingen maakt risicomanagement dan ook structureel onderdeel uit van de Planning & Control-cyclus. Zo vindt op dit moment twee maal per jaar, zowel bij de begroting als bij de jaarrekening, een risico-inventarisatie en een risico-waardering plaats.

Artikel 11 van het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV) beschrijft het weerstandsvermogen als volgt: “Het weerstandsvermogen geeft de relatie aan tussen de weerstandscapaciteit (middelen om niet begrote kosten op te vangen) en de risico’s van mogelijk materiële financiële betekenis waar geen maatregelen voor zijn getroffen”. Dit weerstandsvermogen wordt weergegeven in een verhoudingsgetal of ratio.

Weerstandsvermogen = aanwezige weerstandscapaciteit /risico's * 100%

De gewenste weerstandscapaciteit is het geldbedrag dat idealiter aanwezig zou moeten zijn om risico’s af te dekken. De hoogte van de gewenste weerstandscapaciteit is volledig afhankelijk van de binnen de gemeente aanwezige risico's en vooral van de ingeschatte risicobedragen (per risico). Het gemeentelijk beleid streeft naar het realiseren van een weerstandsvermogen van 100% (weerstandsratio van 1,0).

Aanwezige weerstandscapaciteit

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen - Aanwezige weerstandscapaciteit

De aanwezige weerstandscapaciteit bestaat uit het totaal aan middelen dat de gemeente beschikbaar heeft of op korte termijn vrij kan maken om financiële tegenvallers op te vangen. De Algemene Reserve vormt daarbij het reeds beschikbare deel. De aanwezige weerstandscapaciteit bedraagt per ultimo 2025 € 57,7 miljoen. Deze capaciteit is voor resultaatbestemming 2025. Bij de begroting 2025 was de verwachte  capaciteit € 45,9 miljoen.  Deze lagere raming was gebaseerd op een verwacht tekort in de exploitatie in 2025 die zich uiteindelijk niet heeft voorgedaan.

Gewenste weerstandscapaciteit

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen - Gewenste weerstandscapaciteit

De gewenste weerstandscapaciteit bestaat uit middelen die de gemeente beschikbaar zou moeten hebben of op korte termijn vrij zou moeten kunnen maken om de waargenomen risico's financieel te kunnen dekken indien deze zich voordoen in de geschatte mate (kans x impact).

Er wordt een simulatie uitgevoerd voor het berekenen van de benodigde weerstandscapaciteit op basis van de Monte- Carlomethode. De basis van deze simulatie is het inventariseren en het kwantificeren van de risico’s.

De totale omvang van risico’s is met ongeveer € 3,0 mln. afgenomen naar € 43,0 mln. We spreken dan over de impact van de risico’s. Mede door beheersmaatregelen en exogene ontwikkelingen zijn voorname risico’s daarnaast lager ingeschaald op kans. In totaliteit is er dientengevolge sprake van een afname van een benodigd weerstandsvermogen.

Op basis van de interne analyse betreffende de risico’s moet een totale weerstandscapaciteit van € 33,68 miljoen worden aangehouden..  De interne analyse  is gebaseerd op de Monte Carlo berekening,   een statistische berekening die rekening houdt met omvang, kans en kansverdeling  voor het bepalen van de weerstandscapaciteit. Ten opzichte van het verwachte risico bij de begroting zijn de risico’s met ongeveer € 3,0 mln gedaald. Tegen de omvang van de weerstandscapaciteit per ultimo 2025 van € 57,7 miljoen levert dit een weerstandsratio op van:

Weerstandsratio = € 57.5 miljoen / € 33.68 miljoen = 1,7.

De beleidsdoelstelling van de gemeente om een weerstandsratio van minimaal 1,0   aan te houden is hiermee gehaald. 

Risico's

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen - Risico's

De activiteiten van de gemeente Vlaardingen gaan over een breed scala aan beleidsterreinen. Dit betekent dat onze gemeente blootgesteld is aan een groot aantal risico’s. In de aanpak van de risico- inventarisatie is bij het bepalen van de impact rekening gehouden met een structureel component.
Voor structurele risico's is een factor 3 gebruikt om aan te sluiten bij een gemiddelde transitieperiode van 3 jaar voor het implementeren van beleidswijzigingen.

Onderstaand de risico inventarisatie met  een toelichting op de afwijkingen ten opzichte van de begroting 2025.   De  grootste risico's afwijkingen  zijn :

Grondexploitaties 
Van de huidige grondexploitaties is de verwachting, dat deze  positief afsluiten.  Met het vaststellen van de nota grondbeleid  en  herijking bij de nota  MPG 2026  worden de bestaande risico's  eerst verrekend met de winstneming.  Hierdoor komen de bestaande inschattingen te vervallen.     In 2026  wordt voor de Rivierzone  een risico inventarisatie opgesteld van de gehele gebiedsontwikkeling.     

Overdrachtsdossier
In het overdrachtsdossier zijn de zorgen benoemd  van enerzijds de financiering van  bepaalde beleidsterreinen waaronder gezondheid/ jeugd en anderzijds  de stijging van onderhoud buitenruimte door stijging van kosten maar ook voorzieningen/ woningen.   Deze  onderwerpen zijn verwerkt in omvang  en kans op de MIP en gemeentefonds.  

Cybercrime
De combinatie van AI-gedreven aanvallen, ketenafhankelijkheid, identiteitsmisbruik en dalende drempels voor cybercriminelen zorgt ervoor dat het risico op cybercrime sneller stijgt dan in voorgaande jaren. Zowel overheid, bedrijven als burgers worden hierdoor kwetsbaarder.   Met de vaarroutes  wordt het toenemende risico effectief beheerd.  

Risico-Inventarisatie
Onderwerp Risico Maatregel Impact in begroting 2025 Impact jaarrekening 2025 Kans op risico in begroting 2025 Kans op risico in jaarrekening 2025 Toelichting verschil tussen begroot en jaarrekening 2025
x € 1.000 x € 1.000 (in % ) (in % )
GEVOLGEN CALAMITEIT/RAMP Als gevolg van calamiteiten / rampen, bestaat de kans dat er kosten voor rekening van de gemeente komen. Veelal gaat het hier om kosten voor nazorg, tijdelijk onderdak en personele kosten. De crisisorganisatie is op sterkte en iedereen wordt opgeleid en getraind. Daarnaast vinden er regelmatig oefeningen plaats. In het kader van preventie is een wijkbrandweer-functionaris aangesteld, die zich specifiek richt op voorlichting & ondersteuning van kwetsbare inwoners. 250 275 25% 25% Indexatie
VERBONDEN PARTIJEN (WAARONDER GR) Afgeleide risico's van gemeenschappelijke regelingen, m.n. afwezigheid van reserves om bijv. de gevolgen van calamiteiten of fouten op te vangen. Als gevolg van het overschrijden van de begroting van een gemeenschappelijke regeling, bestaat de kans dat de gemeente als deelnemer een financiële bijdrage moet doen. Bijdragen aan BUIG, Jeugdhulp en Wmo zijn als specifieke risico's opgenomen en hier buiten beschouwing gelaten. In de begroting 2025 is rekening gehouden met de kans van sturen op regionale bezuinigingen, welke niet zijn opgenomen in de ramingen. Met de Implementatie Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen wordt op basis van beschikbare informatie en ervaringen aan een gemeenschappelijke regeling (GR) een specifiek risicoprofiel toegekend van Laag tot Hoog. Op basis daarvan wordt een sturingspakket toegekend, met elk een eigen zwaarte van betrokkenheid van de raad. In 2024 is er regionaal ingezet om de GR mee te laten meebewegen op de bezuinigen van de gemeenten. Door de gezamenlijkheid is dit een kans dat de deelnemersbijdrage gaat dalen. De opvolging meenemen in het reguliere P&C proces met de verbonden partijen en accounthouderschap. Kans waar mogelijk onderdeel geworden van de deelnemersbijdragen. -765 75 40% 10% vervallen kans op regionale besparingen, onderdeel geworden van regulier P&C proces. Afgelopen periode geen extra bijdragen in uitvoeringskosten, en enkele hebben een eigen reserve gevormd.
AFTREDEN WETHOUDERS Als gevolg van het tussentijds (moeten) aftreden van één of meerdere wethouders, bestaat de kans dat wachtgeld en kosten van sollicitatie - en loopbaanbegeleiding betaald moet worden. Geen. Discreet Discreet Discreet Discreet Discreet
FOUTEN INKOOPPROCEDURES Als gevolg van (fouten in) de inkoopprocedures / aanbestedingstrajecten, bestaat de kans dat de gemeente aansprakelijk wordt gesteld en mogelijk de leverancier moet compenseren voor de misgelopen winst. De gemeentelijke organisatie heeft een eigen inkoopafdeling, welke bestaat uit inkoopadviseurs, een contractadviseur en contractbeheerders. Daarnaast kent elke lijnafdeling Inkoop-ambassadeurs, die gedegen basiskennis hebben van Inkoop- en aanbestedingsprocedures. Aan de hand van een aanbestedingskalender wordt bijgehouden welke aanbesteding zijn gepland, lopen en afgerond. 450 1340 10% 10% Stijging aanbestedingskalender met specifieke onderwerpen als sporthal, zwembad en broker inhuur
LOONSOM Als gevolg van cao wijzigingen (loonsverhogingen, verlofsparen) en stijging van werkgeverslasten bestaat het risico dat een overschrijding op de loonsom ontstaat. In 2024 wordt het functiewaarderingssysteem HR21 ingevoerd wat een ophogende werking zal hebben op de loonsom. Voor verlofsparen, wat kan leiden tot een 'stuwmeer', is een voorziening in de begroting opgenomen. Van de invoering van het HR21 wordt in najaar 2024 pas duidelijk welke gevolgen dit heeft voor de loonsom. 500 583 20% 10% De loonsom wordt periodiek geactualiseerd op basis van autonome ontwikkelingen, HR21 is in 2026 ingevoerd. Hierdoor daling van de kans.
GEGARANDEERDE LENINGEN ZORGCENTRA Als gevolg van het eventueel failliet van zorgcentra of sportvereniging, bestaat er een kans dat de gemeente rente en aflossingen moet betalen voor de gegarandeerde leningen aan deze zorgcentra en sportverenigingen. Periodiek opvragen van de verantwoordingen betrokken zorgcentra. 100 100 10% 10%
CLAIMS EN NADEELCOMPENSATIE Burgers en private partijen claimen vaker en meer bij de gemeente. Dit vraagt meer juridische inzet, zowel bij aangaan van contracten/overeenkomsten als bij verzoeken tot nadeelcompensatie, maar ook bij schadegevallen, aansprakelijkstellingen e.d. Vanwege invoering van de nieuwe Omgevingswet stijgt het risico op dwangsommen. Verder loopt een claim op terugvordering OZB Deskundigheid voor de afhandeling van verhaalschade. Verzekering voor de aansprakelijkstellingen, met eigen risico. In cassatie gaan tegen uitspraak van het Hof over het compenseren van OZB. 1.122 100 28% 10% Naar beneden bijgesteld door uitspraak rechter OZB, resultaat verwerkt bij RBG.
INGEKOMEN SUBSIDIES Of de gesubsidieerde doelen echt worden bereikt, staat niet onomstotelijk vast. Het is mogelijk dat we subsidie terug moeten betalen als dat niet lukt of omdat we niet juist / volledig / tijdig voldoen aan de voorwaarden voor de subsidie, waaronder de verantwoording van de besteding. Sterke groei van het aantal (omvangrijke) subsidies vanwege meer ontwikkelingsprojecten. Het proces voor de beheersing van inkomende subsidies is ondergebracht bij het Subsidie Serviceput met ondersteuning van een financieel adviseur subsidies. SISA verantwoording is onderdeel van het reguliere P&C cyclus.. 1.100 1.740 25% 10% actualisatie inzich ultimo 2025 en verbetering beheersing.
INKOMENSVOORZIENING / MINIMAVOORZIENING (inkomsten) Inkomensregelingen (BUIG); een inschatting van het maximale risico dat de gemeente loopt, alvorens in aanmerking te komen voor de 'vangnetregeling' van het Rijk. In de begroting 2025 van Stroomopwaarts MVS is als bijdrage van Vlaardingen een voor Uitkeringen en Loonkostensubsidie (BUIG) een bedrag opgenomen van circa € 49 mio. incl. overhead Stroomopwaarts voert beiden regelingen uit. Lopende de P&C cyclus wordt de ontwikkeling van inkomens- en minimavoorziening versus BUIG (inkomsten) gemonitord. De invulling van de opdrachtgever / nemer rol en de regie op de GR is in de loop van de tijd verder ontwikkeld. Met ingang van 2024 doet Stroomopwaarts dit in delegatie. 3.675 3.772 20% 10% Actualisatie ultimo 2025, gezien er sprake is van voordeel gemeente BUIG de kans verlaagd.
JEUGDHULP (LOKAAL EN REGIONAAL) Het beroep op specialistische jeugd hulp ingekocht via Rogplus en GRJR is sterk gestegen. Het aandeel van Vlaardingen daarin is in de begroting opgenomen. De hervormings agenda is vertaald in een taakstelling in 2028, gelijk aan de korting van het gemeentefonds. Het risico op overschrijding blijft aanwezig. Investeren op het voorliggend veld en de vernieuwende aanpak. Jeugdhulp is met ingang van 2023 grotendeels gedelegeerd aan Roggplus en er zijn budget afspraken gemaakt. Lopende de P&C cyclus wordt het gebruik gemonitord. ROG plus verzorgt het contractmanagement Mevis door kansen en risico dossier. Deze opgave is gezamenlijk met team jeugd MVS en onder verantwoording van de stuurgroep N&N. De transformatie is op onderdelen vertaald in de begroting Mevis, deze is onderdeel van de transformatie agenda jeugd om te sturen in de verandering. 5.655 6.853 70% 30% Actualisatie ultimo 2025, en structureel zijn de middelen voor jeugd opgenomen.
WMO LOKAAL Het beroep op de WMO stijgt meer dan het gemiddelde gebruik van de afgelopen jaren. In het algemeen blijk het voor gemeenten lastig om de gestelde doelen in het sociaal domein te realiseren binnen het beschikbare rijksbudget. In de begroting 2025 van Rogplus is als bijdrage van Vlaardingen voor WMO-taken een totaalbedrag opgenomen van circa € 24,6 mln, de voorlopige realisatie 2025 is 24,0 mln. Lopende de P&C cyclus wordt het gebruik gemonitord. Op basis van signalen beoordelen welke wijzigingen mogelijk zijn. 1.913 1.800 18% 10% Actualisatie ultimo 2025 op basis van voorlopige cijfers ROG plus. Kans verlaagd door uitkomsten
DUURZAAMHEID In de Transitievisie Warmte (2021) heeft de raad de route vastgesteld naar een aardgasvrij Vlaardingen in 2050.Als eerste is gestart met de Drevenbuurt en Hoofdstedenbuurt. Verwacht wordt dat tussen de 60 en 70% van de woningeigenaren willen aansluiten op deze collectieve voorziening. In het geval dat het collectieve aanbod zo gunstig wordt dat meer dan de 60 tot 70% woningeigenaren willen aansluiten is er niet voldoende dekking. Zowel in de visie als in het coalitieakkoord is het uitganspunt dat de energietransitie betaalbaar moet zijn voor bewoners. Het gebruik van het aanbod wordt gemonitord. Daarnaast wordt er onderzocht naar mogelijke ontwikkelingen naar bredere betaalbaarheid. 1.150 1.150 50% 10% Verlanging kans door inzet.
MEERJAREN INVESTERINGS PROGRAMMA (MIP) Investeringen die op ons afkomen maar nog niet zijn opgenomen en de vastgestelde investering schuift door, wat een kostenverhogend effect zal hebben. Tijdig actualiseren van de MIP en periodieke opvolging van de ontwikkelingen gedurende de reguliere P&C cyclus. 500 3000 15% 25% Omschrijving aangepast niet specifiek gericht op sport. Actualisatie op inzicht overdrachtdossier BOR voor bestand en nieuw.
WONINGBOUWOPGAVE Met de stijgende druk op de woningmarkt is de woningbouwopgave verhoogd naar 39.000 woningen in 2030. Dit sluit aan bij de ambities uit het Herstelplan om tot 2030 jaarlijks gemiddeld 500 woningen te bouwen. De verwachte groei in aantal woningen is voor een groot gedeelte belegd onder de drie gebiedsontwikkelingen: Rivierzone, Binnenstad en Westwijk. Echter dan is er nog wel een opgave van 2000 woningen. De woningvoorraad was op 1-12-2025 37.181. Om de doelstelling 39.000 woningen in 2030 te halen moeten er minimaal 1.819 woningen worden gerealiseerd. Er zijn ruim voldoende woningen in de planvoorraad opgenomen tot 2030 om dit aantal te kunnen halen. Omdat in 2024 en 2025 voor ruim € 50 mln. aan woningbouw gerelateerde Rijks- en Provinciale subsidies is binnengehaald, waarvan de co-financiering grotendeels is geregeld, is de uitvoering van al deze plannen financieel gedekt.  Tevens heeft het Rijk een nieuwe subsidie geïntroduceerd, de Realisatiestimulans, waarmee tot en met 2030 een reservefonds Wonen gevuld zal gaan worden. De verwachting is dat deze oploopt tot circa € 5 mln. in 2030. Hiermee kunnen overige kosten gedekt worden. Voorstel is het risico daarmee te laten vervallen. 4.600 0 60% 0% Kans is toegenomen doordat de tijd verstrijkt voor het realiseren woningbouw.
VERZEKERINGEN De Uitgebreide gevaren verzekering (UGV) en de Aansprakelijkheidsverzekering (AVG) zijn opnieuw aanbesteed. De eigen risico's zijn verhoogd om een zo laag mogelijke premie te krijgen. Mogelijk is hierdoor een hoger bedrag nodig voor betaling van schadeclaims. Tevens kunnen er nog aansprakelijkheden volgen voor asbest gerelateerde schadeclaims. Deze zijn niet in een polis ondergebracht. Beperken grote risico's door het afsluiten van verschillende verzekeringen met een zo laag mogelijke premie. 250 0 10% 0% Vervallen
GARANTIESTELLING WONINGBOUW-CORPORATIES De gemeente heeft per einde 2022 voor een totaalbedrag van € 462 miljoen aan garanties verstrekt. Van dit bedrag wordt € 462 miljoen gegarandeerd door het Waarborgfonds Sociale Woningbouw. Pas als het garantievermogen van het WSW daalt tot onder de drempel van 0,25% van het garantievolume, dan treedt de achtervangpositie van het rijk en de gemeente in werking in de vorm van verstrekken van renteloze leningen. Het risico voor de gemeente bij achtervang is zeer gering. De achtervang of zekerheidsstructuur bestaat uit drie lagen: 1.Primaire zekerheid: de financiële middelen van de corporatie. 2.Secundaire zekerheid: de borgstellingsreserve van het WSW. 3.Tertiaire zekerheid: Rijk en gemeenten. 1.500 1.500 1% 1% Ongewijzigd
GRONDEXPLOITATIES: VERTRAGING PLANNEN Als gevolg van planvertraging van grondexploitaties, bestaat de kans op nadelig effect op het financiële resultaat. Uitgangspunt bij de grondexploitatie om risico te verrekenen met de winstvoorziening, pas als deze niet toereikend is wordt het risico opgenomen in het weerstandsvermogen. In werking bij de jaarrekening 2025. Continue toetsing grondopbrengsten en kosten (2x per jaar én na elke grondafname), openbare aanbestedingen, goede marketing en communicatie, tijdige onderzoeken e.d. 307 n.v.t. 10% n.v.t Nieuw grondbeleid en uitgangspunten over verrekening van risico's bij verwachte winst geimplementeerd bij de verantwoording 2025.
GRONDEXPLOITATIES Risico's met kans tussen 0 en 5% Als gevolg van planvertraging van grondexploitaties, bestaat de kans op nadelig effect op het financiële resultaat. Uitgangspunt bij de grondexploitatie om risico te verrekenen met de winstvoorziening, pas als deze niet toereikend is wordt het risico opgenomen in het weerstandsvermogen. In werking bij de jaarrekening 2025. Continue toetsing grondopbrengsten en kosten (2x per jaar én na elke grondafname), openbare aanbestedingen, goede marketing en communicatie, tijdige onderzoeken e.d. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t Nieuw grondbeleid en uitgangspunten over verrekening van risico's bij verwachte winst geimplementeerd bij de verantwoording 2025.
GRONDEXPLOITATIES Risico's met kans tussen 5 en 10% Als gevolg van planvertraging van grondexploitaties, bestaat de kans op nadelig effect op het financiële resultaat. Uitgangspunt bij de grondexploitatie om risico te verrekenen met de winstvoorziening, pas als deze niet toereikend is wordt het risico opgenomen in het weerstandsvermogen. In werking bij de jaarrekening 2025. Continue toetsing grondopbrengsten en kosten (2x per jaar én na elke grondafname), openbare aanbestedingen, goede marketing en communicatie, tijdige onderzoeken e.d. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t Nieuw grondbeleid en uitgangspunten over verrekening van risico's bij verwachte winst geimplementeerd bij de verantwoording 2025.
GRONDEXPLOITATIES Risico's met kans tussen 10 en 20% Als gevolg van planvertraging van grondexploitaties, bestaat de kans op nadelig effect op het financiële resultaat. Uitgangspunt bij de grondexploitatie om risico te verrekenen met de winstvoorziening, pas als deze niet toereikend is wordt het risico opgenomen in het weerstandsvermogen. In werking bij de jaarrekening 2025. Continue toetsing grondopbrengsten en kosten (2x per jaar én na elke grondafname), openbare aanbestedingen, goede marketing en communicatie, tijdige onderzoeken e.d. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t Nieuw grondbeleid en uitgangspunten over verrekening van risico's bij verwachte winst geimplementeerd bij de verantwoording 2025.
GRONDEXPLOITATIES Risico's met kans hoger dan 20% Als gevolg van planvertraging van grondexploitaties, bestaat de kans op nadelig effect op het financiële resultaat. Uitgangspunt bij de grondexploitatie om risico te verrekenen met de winstvoorziening, pas als deze niet toereikend is wordt het risico opgenomen in het weerstandsvermogen. In werking bij de jaarrekening 2025. Continue toetsing grondopbrengsten en kosten (2x per jaar én na elke grondafname), openbare aanbestedingen, goede marketing en communicatie, tijdige onderzoeken enzovoorts n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t Nieuw grondbeleid en uitgangspunten over verrekening van risico's bij verwachte winst geimplementeerd bij de verantwoording 2025.
GRONDEXPLOITATIES: DIVERSE SPECIFIEKE RISICO'S Als gevolg van planvertraging van grondexploitaties, bestaat de kans op nadelig effect op het financiële resultaat. Uitgangspunt bij de grondexploitatie om risico te verrekenen met de winstvoorziening, pas als deze niet toereikend is wordt het risico opgenomen in het weerstandsvermogen. In werking bij de jaarrekening 2025. Continue toetsing grondopbrengsten en kosten (2x per jaar én na elke grondafname), openbare aanbestedingen, goede marketing en communicatie, tijdige onderzoeken enzovoorts. 11.420 0 22% n.v.t Nieuw grondbeleid en uitgangspunten over verrekening van risico's bij verwachte winst geimplementeerd bij de verantwoording 2025.
KLIMAATADAPTIE Gevolgen van uitzonderlijke weersomstandigheden als gevolg van klimaatverandering, waarbij extreme situaties kunnen optreden in: - waterspiegelniveau (overstroming) - regenbuien (wateroverlast) - hoge temperaturen (hittestress) - langdurige droogte - hevige stormen Ontwikkelingen volgen, analyseren en opstellen klimaatscenario’s aan de hand van landelijk beschikbare informatie op kennisportalen. Daarnaast kan in het beleid c.q. de begroting hiermee rekening worden gehouden. Er wordt momenteel een monitor ontwikkeld om de gebeurtenissen vast te leggen. 375 394 30% 30% Indexatie
INFLATIE Stijging als gevolg van exogene ontwikkeling boven de lopende begrotingsbedragen. Exogene ontwikkelingen volgen 3.600 4.150 20% 20% Actualisatie
RENTE Gevolgen van renteontwikkeling Bewaking lening portefeuille, monitoren rente ontwikkelingen. 2.063 2.080 10% 10% Actualisatie
GEMEENTEFONDS Onzekerheid over de inkomsten, het gevolg van trap op trap af principe, o.a. hervormingsagenda jeugd en financiering gezondheidsbeleid. Monitoren ontwikkeling gemeentefonds. Tijdig signaleren van afwijkingen. Gezonde financiële positie om tijdelijke afwijkingen te kunnen opvangen. Impact aangepast aan uitkering Gemeentefond in de Begroting 2025. De ontwikkelingen van het kabinet worden gevolgd. 3.400 5.480 25% 25% Actualisatie benoemd in overdrachtdossier.
ARBEIDSMARKT Krapte op de arbeidsmarkt waardoor hogere apparaatskosten en vertraging van projecten . P monitor over de volledige capaciteit Enerzijds zijn er hogere kosten vanwege meer inhuur en anderzijds minder kosten in verband met vertraging in oplevering. 500 500 10% 10% Ongewijzigd
CYBERCRIME Schade door cyberaanvallen. De dreiging is groter geworden vanwege de aandacht van Russen voor overheidsinstanties. (DDoS aanvallen van het afgelopen jaar en recent nog). Inrichting informatiebeveiliging inhoud en proces. Op basis van de ontwikkelingen (toename van dreiging) en de ervaringen van andere gemeenten de impact bepaald. Invulling aan benodigde beheersmaatregelen NIS2 Inzet op een noodvoorziening. 2.500 7.500 45% 25% Aangepast actualisatie informatievoorziening en noodvoorziening
NIET TERUGBETALEN STARTERSLENINGEN Als gevolg van het verstrekken van startersleningen via de Stimulering Volkshuisvesting Nederland (SVN) bestaat het risico dat de startersleningen niet afgelost worden. 1% van de totaal uitstaande schuld is het maximale risico. De gemeente heeft een eigen risico van 10% van de totale uitstaande schuld. Door de startersleningen via de SVN te verstrekken is het risico geminimaliseerd n.v.t. 150 n.v.t. 5% Nieuw
JAPANSE DUIZENDKNOOP De Japanse Duizendknoop is een plant die door muren, funderingen en riolen kan groeien met (financiële) schade als gevolg. De gemeente Vlaardingen heeft in de afgelopen jaren verschillende maatregelen genomen om de japanse duizendknoop te bestrijden. dit omvatte mechanische verwijdering en het experimenteren met begrazing in bepaalde gebieden zoals de broekpolder. Naast deze twee initiatieven zijn er in de gemeente kleine haarden uitgestoken. n.v.t. 500 n.v.t. 50% Actualisatie ook benoemd in overdrachtdossier

Kengetallen weerstandsvermogen

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen - Kengetallen weerstandsvermogen

De voorgeschreven set van kengetallen geeft in samenhang een goed inzicht in de financiële positie van een gemeente.
Als gevolg van artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeente (BBV) worden kengetallen opgenomen voor:

  • de netto schuld quote
  • de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
  • de solvabiliteitsratio
  • de grondexploitatie
  • de structurele exploitatieruimte
  • de gemeentelijke belastingcapaciteit

In onderstaand tabel worden de VNG normen behorende bij de kengetallen weergegeven.

Kengetallen Minst risicovol Neutraal Meest risicovol
Netto schuld-quote < 90% tussen 90% en 130% > 130%
Netto schuld-quote gecorrigeerd voor verstrekte leningen < 90% tussen 90% en 130% > 130%
Solvabiliteitsratio > 50% tussen 20% en 50% < 20%
Grondexploitatie < 20% tussen 20% en 35% > 35%
Structurele exploitatieruimte > 0% 0% < 0%
Gemeentelijke belastingcapaciteit < 95% tussen 95% en 105% > 105%

De voorgeschreven set van kengetallen geeft in samenhang een goed inzicht in de financiële positie van een gemeente.
Als gevolg van artikel 11 van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeente (BBV) worden kengetallen opgenomen voor:

  • de netto schuld quote
  • de netto schuldquote gecorrigeerd voor alle verstrekte leningen
  • de solvabiliteitsratio
  • de grondexploitatie
  • de structurele exploitatieruimte
  • de gemeentelijke belastingcapaciteit

In onderstaand tabel worden de VNG normen behorende bij de kengetallen weergegeven.

Kengetallen Rekening Begroting Rekening
2024 2025 2025
Netto schuld-quote 70,20% 70,90% 56,72%
Netto schuld-quote gecorrigeerd voor verstrekte leningen 69,70% 70,20% 56,31%
Solvabiliteitsratio 19,10% 20,30% 21,58%
Grondexploitatie 9,90% 8,20% 7,77%
Structurele exploitatieruimte -0,50% 1,10% 1,93%
Gemeentelijke belastingcapaciteit 94,10% 101,90% 90,59%

Bij ministeriële regeling zijn regels gesteld over de wijze waarop de kengetallen moeten worden vastgesteld en op welke wijze deze in de begroting worden opgenomen. In onderstaande tabel worden de kengetallen weergegeven, waarna elk kengetal nader wordt toegelicht.

Netto schuldquote

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen - Netto schuldquote

De netto schuldquote beoordeelt de schuld als aandeel van de inkomsten. Eenvoudig gezegd betekent een netto-schuldquote van 100% dat de schuldenlast de omvang heeft van een jaaromzet. Een grote portefeuille uitgeleende gelden aan derden en aan verbonden partijen kan het beeld nuanceren. Daarom is tevens een kengetal opgenomen waarin de netto schuldquote gecorrigeerd wordt voor verstrekte leningen. De indicator vertoont ratio’s ruim onder de 100 . In het coalitieakkoord is een maximale schuldquote afgesproken van 110%. Hier blijven we derhalve ruimschoots binnen.

Netto schuldquote & quote minus verstrekte leningen Rekening Begroting Rekening
bedragen x € 1.000 2024 2025 2025
A- Vaste schulden 206.764 213.938 140.000
A2- Vaste schulden (afkoopsommen erfpacht) 26.764 28.112 25.387
B- Netto vlottende schulden 36.571 33.139 13.438
C- Overlopende passiva 111.834 58.867 117.692
D-Financiële vaste activa (> 1 jaar):
D1 - overige uitzettingen 7.926 5.800 11.826
D2 - verstrekte leningen en overige uitzettingen 9.828 8.536 13.534
E- Uitzettingen < 1 jaar 79.943 20.000 32.523
F- Liquide middelen 75 500 138
G- Overlopende activa 29.032 29.500 15.301
Netto schuld 264.956 278.255 236.729
Netto schuld-quote gecorrigeerd voor verstrekte leningen 263.054 275.519 235.020
H- Baten, exclusief onttrekkingen reserves 377.172 392.610 417.363
Netto schuld-quote = (A+B+C-D1-E-F-G) / H x 100% 70,25% 70,87% 56,72%
Netto schuld-quote gecorrigeerd voor verstrekte leningen= (A+B+C-D2-E-F-G)/H x 100% 69,74% 70,18% 56,31%

Solvabiliteitsratio

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen - Solvabiliteitsratio

De solvabiliteitsratio wordt berekend als verhouding tussen de verschillende vermogenscomponenten. Het gaat erom inzicht te krijgen in de mate waarin de gemeente in staat is aan zijn financiële verplichtingen te voldoen. Het kengetal geeft weer in hoeverre de in de activa geïnvesteerde vermogen door het eigen vermogen kan worden gefinancierd. Wanneer de helft of meer van het totaal vermogen uit eigen vermogen bestaat, dan is een gemeente voldoende solvabel. Is het kengetal voor solvabiliteit kleiner dan 20%, dan is er veel vreemd vermogen aanwezig en wordt dat als onvoldoende beoordeeld. Versterking het van eigen vermogen, lees Algemene Reserve, is al enkele jaren ons streven, mede vanwege de ons gestelde norm voor voldoende weerstandscapaciteit. In het coalitieakkoord Groei en bloei voor Vlaardingen is afgesproken om als ondergrens een solvabiliteitspercentage te hanteren van 20%. 

Solvabiliteitsratio Rekening Begroting Rekening
bedragen x € 1.000 2024 2025 2025
A- Eigen vermogen 91.256 77.979 93.642
B- Totaal activa (totaal vermogen) 478.010 384.475 433.910
Solvabiliteitsratio = A/B x 100% 19,09% 20,28% 21,58%

Grondexploitatie

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen - Grondexploitatie

Het financiële kengetal ‘grondexploitatie’ geeft aan hoe groot de grondpositie (boekwaarde) is ten opzichte van de jaarlijkse baten. Wanneer een gemeente grond tegen de veel lagere prijs van landbouwgrond heeft aangekocht, loopt ze veel minder risico dan wanneer er dure grond is aangekocht en de vraag naar woningen is gestagneerd. Een norm bepalen voor het kengetal grondexploitatie is lastig. De boekwaarde van de gronden in bezit
zegt namelijk nog niets over de relatie tussen de vraag en aanbod van woningbouw dan wel m²- bedrijventerrein. Daarnaast is het van wezenlijk belang wat de te verwachte vraag is/wordt. De paragraaf Grondbeleid en het Meerjaren-Programma-Grondzaken (MPG) bieden hierin meer inzicht. De boekwaarde van de gronden geeft wel weer in welke mate er middelen zijn aangewend in de grondexploitatie. Dit geld dient namelijk ook nog terugverdiend te worden. Hoe kleiner het aandeel van de grondpositie is ten opzichte van de totale geraamde baten, hoe kleiner het risico is op het onvermogen om verliezen te kunnen opvangen. Een percentage kleiner dan 20
wordt als gunstig beschouwd. 

Grondexploitatie Rekening Begroting Rekening
bedragen x € 1.000 2024 2025 2025
Boekwaarden niegg's
A- Boekwaarde grondexploitaties 37.447 32.000 32.431
B- Baten, excl. onttrekkingen reserves 377.172 392.610 417.363
Grondexploitatie = A / B x 100% 9,90% 8,20% 7,80%

Structurele exploitatieruimte

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen - Structurele exploitatieruimte

Dit kengetal is van belang om te kunnen beoordelen welke structurele ruimte een gemeente heeft om de eigen lasten te dragen, of welke structurele stijging van de baten of structurele daling van de lasten daarvoor nodig is. Voor de beoordeling van het structurele en reële evenwicht van de begroting wordt onderscheid gemaakt tussen structurele en incidentele lasten. Het BBV bepaalt dat een overzicht van de geraamde incidentele baten en lasten per programma wordt opgenomen. Met behulp van deze gegevens en de structurele onttrekkingen en toevoegingen aan reserves, waarvan op grond van het BBV ook een overzicht moet worden opgenomen, wordt de structurele exploitatieruimte bepaald.

Structurele exploitatieruimte Rekening Begroting Rekening
bedragen x € 1.000 2024 2025 2025
A- Structurele lasten 376.740 332.298 378.019
B- Structurele baten 374.518 336.422 386.084
C- Structurele toevoegingen aan reserves 24 0 0
D- Structurele onttrekkingen aan reserves 0 0 0
E- Baten, exclusief onttrekkingen reserves 377.172 392.610 417.363
Structurele exploitatie ruimte in % = (((B-A)+(D-C))/(E) x 100% -0,50% 1,10% 1,90%

Belastingcapaciteit

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen - Belastingcapaciteit

De belastingcapaciteit geeft inzicht hoe de belastingdruk zich verhoudt ten opzichte van het landelijke gemiddelde. De definitie van het kengetal belastingcapaciteit luidt: Woonlasten meerpersoonshuishouden in jaar t ten opzichte van het landelijk gemiddelde in jaar t-1 uitgedrukt in een percentage.

Gemeentelijke belastingcapaciteit Rekening Begroting Rekening
Bedragen x € 1 2024 2025 2025
A- OZB-lasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde 352 334 341
B- Rioolheffing voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde 178 207 207
C- Afvalstoffenheffing voor een gezin 406 418 406
D- Eventuele heffingskorting voor een gezin 0 0 0
E- Totale woonlasten voor gezin bij gemiddelde WOZ-waarde 935 959 954
F- Woonlasten landelijke gemiddelde voor gezin in t-1 994 941 1.053
Gemeentelijke belastingcapaciteit in % = (E/F) x 100% 94,10% 101,90% 90,60%

Samenvatting en conclusie

Terug naar navigatie - Paragraaf Weerstandsvermogen - Samenvatting en conclusie

De benodigde weerstandscapaciteit is toegenomen en de ratio bedraagt nu 1,7. De algemene reserve zal nog worden gemuteerd met het rekeningresultaat 2025 na besluitvorming. De omvang van de algemene reserve per 31-12-2025 is ruim voldoende om op korte termijn de risico’s op te vangen. De solvabiliteit is in 2025 gestegen en voldoet aan de gewenste ondergrens van 20%. De overige kengetallen kennen allen een positieve bijstelling.

Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen

Inleiding

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Inleiding

De gemeente Vlaardingen heeft ruim 7 km² openbare ruimte in beheer. In die ruimte bevindt zich een groot aantal 'kapitaalgoederen'. Deze goederen moeten onderhouden worden en dat vergt continu budgettaire middelen. Deze paragraaf gaat over de voortgang over 2025 van het geplande onderhoud aan onder andere water, wegen en kunstwerken, verlichting, speeltoestellen, riolering en gebouwen. 

We geven hier aan hoe we de kapitaalgoederen in gemeentelijk eigendom beheren. In de Financiële verordening is onder andere opgenomen hoe en wanneer de gemeente haar kapitaalgoederen afschrijft. Per onderdeel gaan we nader in op de specifieke beleidskaders, beheerplannen en financiën. 

Tabel kerncijfers 
In onderstaande tabel worden de kerncijfers voor wegen, riolering, water en groen weergegeven. Deze data zijn afkomstig uit de gemeentelijke beheersystemen. Het muteren van gegevens vindt plaats na afronding van werkzaamheden. Hierdoor lopen de gepresenteerde kerncijfers altijd wat achter op de werkelijke situatie.

Omschrijving Kerncijfers Percentage
Aantal kilometers wegrijbanen* 277 kilometer 100%
waarvan binnen de bebouwde kom 260 kilometer 94%
waarvan buiten de bebouwde kom 17 kilometer 6%
Oppervlakte wegennet rijbanen 1.416.511 m² 100%
waarvan klinkers 1.359.349 m² 96%
waarvan asfalt 63.141 m² 4%
Aantal kilometers fietspad* 109 kilometer 100%
waarvan binnen de bebouwde kom 95 kilometer 87%
waarvan buiten de bebouwde kom 14 kilometer 13%
Oppervlakte fietspaden 270.926 m² 100%
waarvan klinkers 115.572 m² 42%
waarvan asfalt 156.743 m² 58%
Oppervlakte overig 1.495.378 m² 100%
waarvan klinkers 1.359.349 m² 91%
waarvan asfalt 63.141 m² 4%
waarvan onverhard 67.662 m² 5%
Totaal verharding openbare ruimte 3.182.816 m² 100%
Waarvan klinkers 2.410.296 m² 76%
Waarvan asfalt 691.277 m² 22%
Waarvan onverhard 72.036 m² 2%
Aantal rioolaansluiting 38.250 stuks (heffingseenheden)
Aantal trottoir- en straatkolken ± 25.000 stuks
Aantal gemalen, pompputten en drainagepompen 66 stuks
Aantal minigemalen drukriolering 57 stuks
Lengte vrijverval riolering ± 280 kilometer
Lengte persleiding en drukriolering ± 36,5 kilometer
Aantal bruggen 130 stuks
Aantal lichtmasten 13.312 stuks
Aantal armaturen 14.114 stuks
Aantal lampen 14.576 stuks
Aantal duikers
Lengte watergangen 8 kilometer HHD, 2,4km gemeente
Oppervlakte beplantingen 731.123 m²
Oppervlakte gazon 989.270 m²
Oppervlakte ecologisch gras 1.527.131 m²
Oppervlakte water singels 561.305 m²
Lengte sloten 92.385 m²
Aantal bomen 28.615 stuks
* totaal wegennet (rijbaan/fietspad) 274 kilometer, waarvan 92% binnen de bebouwde kom en 8% buiten de bebouwde kom

In onderstaande tabel worden de kerncijfers voor gebouwen weergegeven. 

Functie/doel Aantal
Maatschappelijk
- Dienstgebouw 13
- Wijkcentrum 3
- Overig 10
- Kerktoren 4
- Multifunctioneel 3
- Kinderopvang 2
- Zaalsport 7
- Onderwijs 37
- Veldsport 10
Economisch
- strategisch 2
- overig 30
- rioolgemaal 6
Totaal 127

Beheerplannen en planning

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Beheerplannen en planning

In het 'Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten' (BBV) wordt gesteld dat voor tenminste de kapitaalgoederen wegen, riolering, water, groen en gebouwen het volgende wordt aangegeven: 

  • Het beleidskader 

  • De uit het beleidskader voortvloeiende financiële consequenties 

  • De vertaling van de financiële consequenties in de begroting 

Onderstaand volgt een overzicht van de geldende beheerplannen, waarna per beheerplan een nadere toelichting is opgenomen. Van ieder substantieel kapitaalgoed wordt vervolgens het beleidskader aangegeven, gekoppeld aan het geldende beheerplan. Daarna volgt een verantwoording over de uitvoering in het afgelopen jaar. Op basis van de beheerplannen en actuele ontwikkelingen stelt de gemeente jaarlijks in november een integraal plan op voor het onderhoud van alle kapitaalgoederen.

Beheerplannen Door de raad vastgesteld d.d. Looptijd t/m Programma
Wegen 17 juni 2021 n.v.t. 4. Verkeer en mobiliteit
Civieltechnische kunstwerken 20 mei 2025 n.v.t. 4. Verkeer en mobiliteit
Riolering en grondwater 14 december 2023 n.v.t. 3. Groen en milieu
Waterbodems (Waterplan) 28 november 2013 n.v.t. 4. Verkeer en mobiliteit
Groenvisie Vlaardingen 2024-2034 11 juli 2024 n.v.t. 3. Groen en milieu
Kades en glooiingen 19 februari 2015 n.v.t. 6. Onderwijs, economie en havens
Havens Zie kades en glooiingen n.v.t. 6. Onderwijs, economie en havens
Oppervlaktewater (Waterplan) 28 november 2013 n.v.t. 3. Groen en milieu
Ondergrondse containers - n.v.t. 3. Groen en milieu
Speeltoestellen 5 juli 1905 n.v.t. 9. Sport en recreatie
Openbare verlichting 18 september 2014 n.v.t. 4. Verkeer en mobiliteit
Verkeersregelinstallaties (Nota verkeerslichten) Ter kennisname raad 18 december 2012 n.v.t. 4. Verkeer en mobiliteit
Gebouwen 7 november 2024 n.v.t. 1. Bestuur, participatie en dienstverlening
Nota grondbeleid 7 april 2011 Raad n.v.t. 5. Wonen
Nota Vastgoed 25 september 2025 n.v.t. 1. Bestuur, participatie en dienstverlening

Wegen en civieltechnische kunstwerken

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Wegen en civieltechnische kunstwerken

Beleids- en beheerkaders
Voor het onderhoud aan wegen en civieltechnische kunstwerken werken we aan de hand van het Beheerplan Wegen (actualisatie in ontwikkeling) en het Beheerplan Civieltechnische kunstwerken (actualisatie vastgesteld op 20 mei 2025). De kaders van deze plannen zijn bepalend voor de wijze en het niveau waarop we het wegenbeheer en het beheer van civieltechnische kunstwerken uitvoeren. We bepalen aan de hand van de actuele areaal- en inspectiegegevens en de technische levensduur aan welke wegen en kunstwerken we gaan werken. 

Wegen
We onderhouden de wegen op onderhoudsniveau B (het basisniveau van kennisplatform CROW uit de beeldkwaliteitsniveaus voor het onderhoud van de openbare ruimte). De wegen worden 1 keer per 2 jaar geïnspecteerd. Mede op basis hiervan bepalen we het onderhoud en het moment van vervanging. Acute problemen pakken we per direct op om de veiligheid in de openbare ruimte te waarborgen. We werken de planopgave voor groot onderhoud en vervanging doorlopend bij op basis van inspecties en meldingen. Periodiek stemt de wegbeheerder de planning af met andere beheerdisciplines, zoals riolering en groen, en met ruimtelijke ontwikkelingen, zoals herontwikkeling, verkeerskundige aanpassingen, klimaatadaptatie (wateroverlast en hittestress) en energietransitie. Vervangingen van de verhardingsconstructies worden als krediet geactiveerd vanuit het investeringsprogramma.   

In 2025 hebben we onder andere aan de volgende projecten gewerkt: Ophoging Platanendreef Oost, Kastanjedreef, Cederdreef en Acaciadreef en de Ophoging Dirk de Derdelaan. Daarnaast is er ook gewerkt in het Centrum en Vlaardinger Ambacht aan de rehabilitatie Indische Buurt kwadrant 1 en start uitvoering kwadrant 2 en de rehabilitatie van Oud Ambacht Zuid. Ten slotte is ook de stadswijde wegeninspectie uitgevoerd ten behoeve van de actualisatie van het beheerplan wegen en is er een nulmeting uitgevoerd voor de wegmarkeringen in de hele stad.   

Civieltechnische kunstwerken
 
Ook het onderhoudsniveau voor civieltechnische kunstwerken (CTK) is B (basis). We doen aan technisch adequaat onderhoud, waarbij het kapitaalgoed duurzaam in stand gehouden wordt. Zo houden we de civieltechnische kunstwerken heel, veilig en toegankelijk. De civieltechnische kunstwerken inspecteren we 1 keer per 5 jaar gedetailleerd. Werktuigbouwkundige en elektrische installaties inspecteren we jaarlijks.  

In 2025 vonden er onderhoudswerkzaamheden plaats bij de houten brug over de Vaart en de fietsbrug langs de Olmendreef. De uitvoering van de vervanging van de elektrotechnische installatie van de Oude Havenbrug is succesvol uitgevoerd waardoor er de komende 15 jaar geen renovatie noodzakelijk is, de veiligheid en bediening voldoet aan de vigerende wet- en regelgeving en de totale tijd dat de brug jaarlijks ongepland niet beschikbaar is, is gedaald. De actualisatie van het beheerplan is vastgesteld door het college en de financiële consequenties zijn meegenomen in de voorjaarsnota en meerjarenbegroting. Er is een tijdelijke noodreparatie uitgevoerd aan de Nelson Mandelabrug en middels het beheerplan direct geschakeld voor het beschikbaar stellen van een vervangingskrediet voor 2026 voor vervanging van de brugval van deze brug zodat de benodigde lange termijn onderhoudswerkzaamheden tijdig kunnen worden uitgevoerd.

Omschrijving Realisatie 2024 Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Klein onderhoud wegen 517.213 655.751 665.676 625.443 40.233 Verkeer en mobiliteit
Groot onderhoud wegen 2.115.501 1.711.449 1.917.050 1.477.390 439.660 Verkeer en mobiliteit
Onderhoud CTK 234.261 242.727 244.684 211.204 33.480 Verkeer en mobiliteit
Overig onderhoud 875.050 900.806 939.462 1.124.160 -184.698 Verkeer en mobiliteit
Mutatie voorziening/reserve n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Kapitaallasten CTK 121.978 131.071 130.110 130.110 0 Verkeer en mobiliteit
Totaal 3.864.003 3.641.804 3.896.982 3.568.307 328.675
Overig onderhoud heeft o.a. betrekking op onderhoud installatie, onderhoud markeringen, afval gerelateerde zaken, aanschaf materialen, magazijnuitgiftes etc. Cijfers zijn exclusief inzet ambtelijke uren

Riolering en grondwater

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Riolering en grondwater

Beleidskader 
Het beleidskader voor het rioolbeheer is beschreven in het Programma Stedelijk Water, vastgesteld in 2023. Het programma beschrijft hoe de gemeente haar zorgplicht voor afvalwater, hemelwater en grondwater invult. Een goede, betrouwbare en kostenefficiënte invulling van de zorgplicht staat hierbij centraal, waarbij we rekening houden met toekomstige ontwikkelingen. 

Met de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024 is de verplichting om te beschikken over een verbreed Gemeentelijk Rioleringsplan vervallen. Aangezien het wenselijk blijft om verantwoording af te leggen over de invulling van onze zorgplichten en financiën, is het beleidsplan herzien geïmplementeerd in het omgevingsplan.

In 2025 is gewerkt aan de realisatie van de volgende projecten: Ophoogprogramma fase 3, bestaande uit de volgende gebieden: Platanendreef Oost, Kastanjedreef, Cederdreef en Acaciadreef. Ophoogprogramma fase 2: Parkeerterrein Dirk de Derdelaan. Daarnaast is er ook gewerkt in het Centrum en Vlaardinger Ambacht aan de rehabilitatie Indische Buurt kwadrant 1 en start uitvoering kwadrant 2 en de rehabilitatie van Oud Ambacht Zuid. 

Financiën 
In het programma Groen & Milieu zijn middelen voorzien voor het rioolbeheer. De exploitatiekosten van het rioolstelsel worden gefinancierd met de opbrengsten uit de rioolheffing. Eventuele overschotten die ontstaan na afsluiting van een boekjaar worden verrekend via de voorziening riolering. 

Omschrijving Realisatie 2024 Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Klein onderhoud 724.378 986.615 1.126.791 935.157 191.634 Groen en milieu
Groot onderhoud IP IP IP IP IP Groen en milieu
Overig onderhoud 378.768 435.257 1.099.967 378.977 720.990 Groen en milieu
Mutatie voorziening/reserve 3.595.628 3.315.804 3.315.804 4.717.086 -1.401.282 Groen en milieu
Kapitaallasten 602.660 788.641 622.844 653.719 -30.875 Groen en milieu
Totaal 5.301.435 5.526.317 6.165.406 6.684.938 -519.532
Overig onderhoud heeft o.a. betrekking op energiekosten en betaalde belastingen. Het groot onderhoud en vervanging van riolering bij integrale ophogingsprojecten wordt gefinancierd vanuit het IP. Cijfers zijn exclusief ambtelijke uren.

Waterbodems

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Waterbodems

Beleids- en beheerkaders
De beleidskaders zijn opgenomen in het Waterplan. Verschillende wetten stellen kaders en leggen verplichtingen op voor de waterbeheerder. De hoofdwatergangen vallen onder het beheer van het Hoogheemraadschap van Delfland, terwijl de gemeente verantwoordelijk is voor het beheer van de overige watergangen. Het onderhoud van de waterbodems omvat baggerwerkzaamheden. Deze worden uitgevoerd door het Hoogheemraadschap van Delfland volgens een planning met een cyclus van acht jaar.

Financiën 
In het programma Groen & Milieu zijn middelen voorzien voor het beheer en onderhoud van de waterbodems.

Omschrijving Realisatie 2024 Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Klein onderhoud 79.546 21.049 21.219 98.263 -77.044 Verkeer en mobiliteit
Groot onderhoud 237.696 156.021 147.280 -78.856 226.136 Verkeer en mobiliteit
Overig onderhoud 0 0 0 0 0 Verkeer en mobiliteit
Mutatie voorziening/reserve n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Kapitaallasten 2.603 2.591 2.591 2.591 0 Verkeer en mobiliteit
Totaal 319.846 179.661 171.090 21.998 149.092
Overig onderhoud heeft o.a. betrekking op energiekosten en betaalde belastingen. Cijfers zijn exclusief ambtelijke uren.

Groenvoorzieningen

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Groenvoorzieningen

Beleids- en beheerkaders 
In 2025 zijn de beleids- en beheerkaders voor het openbaar groen gevolgd zoals vastgelegd in de Groenvisie Vlaardingen 2024–2034, de Bomenverordening Vlaardingen 2023 en de bijbehorende beleidsregels. Duurzaamheid in inrichting en beheer van het groen areaal blijft het belangrijkste uitgangspunt. Onderhoud van het groen is uitgevoerd op kwaliteitsniveau Basis. 

Het technisch beheer, inclusief het periodieke Boomveiligheidsonderzoek (BVO), is volgens de driejarige cyclus uitgevoerd. Hierbij zijn bomen en ander groen tijdig geïnspecteerd, onderhouden of vervangen om de veiligheid in de openbare ruimte te waarborgen. Waar mogelijk is het onderhoud gekoppeld aan andere projecten in de openbare ruimte, zodat werkzaamheden efficiënt en doelmatig konden worden uitgevoerd. 

Financiën 
In de programma's Groen & Milieu en Verkeer & Mobiliteit zijn middelen voorzien voor het beheer en onderhoud van groenvoorzieningen.

Omschrijving Realisatie 2024 Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Klein onderhoud 34.537 51.726 51.902 58.355 -6.453 Groen en milieu
Groot onderhoud 3.836.723 2.969.167 3.851.575 4.007.014 -155.439 Groen en milieu
Overig onderhoud 143.350 237.656 245.516 58.955 186.561 Groen en milieu
Mutatie voorziening/reserve 24.877 24.877 24.877 24.877 0 Groen en milieu
Kapitaallasten 122.654 116.836 141.934 108.734 33.201 Groen en milieu
Totaal 4.162.140 3.400.262 4.315.804 4.257.934 57.870
Overig onderhoud heeft o.a. betrekking op verwerkingskosten groenafval, betaalde belastingen, huisvestingskosten, kantoorartikelen, aanschaf materiaal. Cijfers zijn exclusief inzet ambtelijke uren.

Kades en glooiingen

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Kades en glooiingen

Beleids- en beheerkaders
De veiligheid en functionaliteit van de kades en glooiingen zijn van groot belang voor de continuïteit van de havenactiviteiten. Het Plan Kades en glooiingen (2015) is de basis voor het beheer van de gemeentelijke kades en glooiingen. In dit plan staan uitgangspunten om veiligheid en functionaliteit te waarborgen. De nadruk in het plan ligt met name bij de technische kwaliteit en functionaliteit en minder op de belevingswaarde.   

In 2025 is het project Oosthavenkade afgerond. Vanuit het Programma Rivierzone is nagedacht over ontwerpen voor de herinrichting van de kades aan de Buitenhaven en de Koningin Wilhelminahaven. Ter voorbereiding op een actualisatie van het beheerplan Kades en Glooiingen is gestart met onderwaterinspecties en inspecties langs de wind-waterlijn met behulp van drones.    

Financiën 
De uitgaven voor kleinschalig en dagelijks onderhoud zijn conform het beheerplan opgenomen in de begroting bij de producten Zeehavens en Binnenhavens binnen het programma Economie en Haven. Groot onderhoud wordt gefinancierd vanuit het Investeringsplan. 

Omschrijving Realisatie 2024 Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Klein onderhoud kades en glooiingen -53.456 155.193 156.444 143.282 13.162 Onderwijs, economie en haven
Klein onderhoud havens 281.258 197.710 222.998 293.418 -70.420 Onderwijs, economie en haven
Groot onderhoud kades en glooiingen 0 0 0 0 0 Onderwijs, economie en haven
Groot onderhoud havens 0 66.531 67.067 0 67.067 Onderwijs, economie en haven
Overig onderhoud kades en glooiingen 0 0 0 0 0 Onderwijs, economie en haven
Overig onderhoud havens 44.464 47.274 47.784 101.226 -53.442 Onderwijs, economie en haven
Mutatie voorziening / reserve K&G n.v.t. n.v.t. n.v.t. nvt n.v.t. n.v.t.
Kapitaallasten K&G 492.179 490.548 486.291 486.291 0 Onderwijs, economie en haven
Totaal 764.445 957.256 980.584 1.024.218 -43.634
Overig onderhoud heeft o.a. betrekking op schadeuitkeringen en acualiseren plan kades en glooiingen. Cijfers zijn exclusief inzet ambtelijke uren.

Oppervlaktewater

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Oppervlaktewater

Beleidskaders  
Op grond van de Waterwet dragen de gemeente en het Hoogheemraadschap van Delfland samen zorg voor een doelmatig en samenhangend waterbeheer. Onze beleidskaders staan in het Waterplan. Met het oog op het verbeteren van de waterkwaliteit en -kwantiteit in het oppervlaktewatersysteem streeft de gemeente ernaar om afvalwater en hemelwater te scheiden. Daarnaast zoeken we naar extra ruimte voor waterberging en de ontwikkeling van natuurvriendelijke oevers. We nemen ook maatregelen in de riolering, zodat het aantal overstortgebeurtenissen (het lozen van overtollig rioolwater op het oppervlaktewater) afneemt. Hierdoor neemt de vervuiling van het oppervlaktewater af. In 2025 zijn we samen met het Hoogheemraadschap een studie gestart om meer inzicht krijgen in de effecten van gebiedsontwikkelingen op het functioneren van het riool- en watersysteem in Vlaardingen-oost. Ook zijn we met het Hoogheemraadschap gestart met het in kaart brengen van de “Staat van ons water Vlaardingen”,  waarbij we maatregelen in kaart brengen die bijdragen aan het verbeteren van de waterkwaliteit. 

Financiën 
In het programma Groen & Milieu zijn middelen voorzien voor het beheer en onderhoud van het oppervlaktewater. Vanwege de samenwerking met het Hoogheemraadschap van Delfland geldt voor een aantal onderdelen een gedeelde financiering. De financiële consequenties van het waterbeleid zijn in het Waterplan beschreven. 

Omschrijving Realisatie 2024 Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Klein onderhoud 245.383 245.546 245.383 245.383 0 Groen en milieu
Groot onderhoud n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. Groen en milieu
Overig onderhoud n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Mutatie voorziening/reserve n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Kapitaallasten n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Totaal 245.383 245.383 245.383 0
Het groot onderhoud wordt door de gemeente voor rekening van Midden-Delfland gedaan. Cijfers zijn exclusief inzet ambtelijke uren.

Ondergrondse containers

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Ondergrondse containers

Beleidskaders 
Ondergrondse containers zijn een verbetering voor het straatbeeld en de service aan inwoners. Eind 2020 zijn alle restafvalcontainers voorzien van vulgraadmeters en paslezers ten behoeve van de afvalpas die in februari 2021 is ingevoerd. Eind 2025 waren er 1163 ondergrondse restafvalcontainers in Vlaardingen. Het grootschalig onderhoud is opgenomen in de begroting van het product Afval van het programma Groen en Milieu. 

Financiën 
De kosten van nieuw te plaatsen ondergrondse containers worden gedekt uit de beschikbaar gestelde investeringskredieten. Dit staat verantwoord in het programma Groen en Milieu. Alle aan de afvalverwijdering en –verwerking gerelateerde kosten (inclusief de kapitaallasten) mogen via de afvalstoffenheffing worden doorberekend. Daarom is de exploitatie van de afvalverwijdering en –verwerking binnen de begroting budgettair neutraal. Saldi die na afsluiting van een boekjaar ontstaan, worden via de egalisatievoorziening Afvalverwijdering verrekend (voor zover de voorziening toereikend is). 

Omschrijving Realisatie 2024 Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Klein onderhoud 501.667 529.258 529.258 529.258 0 Groen en milieu
Groot onderhoud IP IP IP IP IP Groen en milieu
Groot onderhoud 106.476 151.032 158.036 44.469 113.567 Groen en milieu
Overig onderhoud 0 0 0 0 0 Groen en milieu
Mutatie voorziening/reserve 804.505 -69.230 -69.231 -209.219 139.988 Groen en milieu
Kapitaallasten Irado 914.345 971.134 971.134 971.134 0 Groen en milieu
Kapitaallasten gemeente 511.112 787.884 646.728 646.728 0 Groen en milieu
Totaal 2.838.105 2.370.078 2.235.926 1.982.370 253.556
Het groot onderhoud heeft betrekking op het plaatsen van de ondergrondse containers. Cijfers zijn exclusief inzet ambtelijke uren.

Speeltoestellen

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Speeltoestellen

Beleids- en beheerkaders
Uitdagende, toegankelijke en groene speelplekken leveren een belangrijke bijdrage aan buurten en wijken. We streven naar voldoende en gevarieerde sport- en speelplekken die zo goed mogelijk over de stad verdeeld zijn en aansluiten bij de wensen en behoeften van de gebruikers. Alle openbare sport- en speelvoorzieningen worden meermaals per jaar geïnspecteerd op veiligheid, belevingswaarde en de staat van onderhoud. Tot het beleidskader behoort het Speelruimteplan. Het nieuwe speelruimteplan is gereed, we verwachten dit in 2026 ter besluitvorming aan de gemeenteraad te kunnen voorleggen. 'Inclusief spelen' is hierbij een belangrijke pijler.

Groen spelen
In 2025 hebben veel speelplekken een opknapbeurt gekregen. Naast de formele speelplekken met speeltoestellen zetten we steeds vaker in op informeel spelen in het groen; wadi’s, boomstammen, stenen en fraaie beplanting nodigen kinderen uit tot het bedenken van eigen uitdagende spelvormen in de openbare ruimte.

Opwaardering openbare sportvoorzieningen
Veel balsportvoorzieningen hebben in 2025 een flinke opknapbeurt ondergaan. Zo zijn de velden met natuurlijk gras overal voorzien van afscheidingen in de vorm van beplanting om honden te weren en ballen binnen het veld te houden. Slijtplekken in het gras en voor doeltjes zijn hoogwaardig hersteld waardoor de benodigde onderhoudsfrequentie is afgenomen. Diverse verharde velden hebben een hoogwaardige kunststof sportvloer gekregen wat het speelcomfort vergroot, geluid reduceert en plasvorming na regen voorkomt. In de wijk Holy is een pumptrack gerealiseerd welke een grote aantrekkingskracht heeft. Zelfs buiten Vlaardingen blijkt de pumptrack populair onder jongeren. 

Opwaardering en vervanging speelplekken 
In de Westwijk en Holy zijn twee nieuwe vandalismebestendige waterspeelplekken gerealiseerd. De overige bestaande waterspeelplekken zijn opgeknapt en klaar gemaakt voor de toekomst. Naast alle reguliere speelplekken die in 2025 zijn vervangen hebben ook veel bestaande speelplekken een opwaardering gekregen. Nadrukkelijke aandacht is uitgegaan naar het borgen van inclusie zodat kinderen met een lichamelijke beperking zo normaal mogelijk mee kunnen doen. Voor een goede toegankelijkheid zijn valondergronden van zand en houtsnippers op veel locaties vervangen voor kunstgras of rubber. 

Omschrijving Realisatie 2024 Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Klein onderhoud 117.410 93.000 93.750 105.845 -12.095 Sport en recreatie
Groot onderhoud 525.577 331.675 334.350 445.816 -111.466 Sport en recreatie
Overig onderhoud 633 240 0 0 0 Sport en recreatie
Mutatie voorziening/reserve n.v.t. n.v.t. n.v.t. nvt n.v.t. n.v.t.
Kapitaallasten gemeente 2.951 2.937 2.937 2.937 0 Sport en recreatie
Totaal 646.571 427.852 431.037 554.597 -123.561
Overig onderhoud heeft onder andere betrekking op energiekosten. Cijfers zijn exclusief inzet ambtelijke uren.

Openbare verlichting

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Openbare verlichting

Beleids- en beheerkaders
De openbare verlichting draagt bij aan de sociale veiligheid, verkeersveiligheid en leefbaarheid van de openbare ruimte.  Het Beleidsplan openbare verlichting vormt het beleidskader voor het onderhoud aan de openbare verlichting. Als het gaat om het beheer van de openbare verlichting, voert de gemeente zelf de regie; beleidsmatig en operationeel. We laten ons daarbij ondersteunen door specialisten uit de markt. Het onderhoud en spoedreparaties zijn ondergebracht bij een marktpartij.

LED-verlichting
De gemeente Vlaardingen blijft de openbare verlichting verder verduurzamen door bij einde levensduur de conventionele verlichting te vervangen door energiezuinige LED-verlichting. In totaal zijn er ongeveer 1650 armaturen, die aan het einde van de levensduur waren, vervangen door duurzame LED-armaturen

Maatwerk
Ook is er aandacht voor maatwerk. Zo zijn de conventionele armaturen in de binnenstad vervangen door moderne kegel LED-armaturen en zijn de lichtmasten geschilderd. Ander maatwerk vond plaats naar aanleiding van meldingen van inwoners en ondernemers over donkere locaties. Na deze locaties onderzocht te hebben, hebben we extra lichtmasten bijgeplaatst op de Merellaan, Dillenburgsingel en de verlichting op het bedrijventerrein Benelux Workpark geoptimaliseerd. 

Omschrijving Realisatie 2024 Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Klein onderhoud n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Groot onderhoud 610.159 439.413 442.958 275.408 167.550 Verkeer en mobiliteit
Overig onderhoud 467.666 463.925 485.437 580.575 -95.138 Verkeer en mobiliteit
Mutatie voorziening/reserve n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Kapitaallasten gemeente 207.548 234.645 232.818 232.818 0 Verkeer en mobiliteit
Totaal 1.285.372 1.137.983 1.161.213 1.088.801 72.412
Overig onderhoud heeft onder andere betrekking op energiekosten. Cijfers zijn exclusief inzet ambtelijke uren.

Verkeersregelinstallaties

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Verkeersregelinstallaties

Beleids- en beheerkaders
De beleidskaders voor de verkeersregelinstallaties zijn vastgelegd in de Nota Verkeerslichten. In deze nota zijn uitgangspunten voor het niveau van beheer en onderhoud opgenomen en voor vervanging van verkeersregelinstallaties. De gemeente voert zelf de regie; beleidsmatig en operationeel. We laten ons daarbij ondersteunen door specialisten uit de markt. Het onderhoud en spoedreparaties van de installaties zijn ondergebracht bij een marktpartij.

'Intelligente' verkeerslichten
Inmiddels draaien er 8 intelligente verkeersregelinstallaties. Deze verkeerslichten kunnen met behulp van data van navigatieapps beter inspringen op de verkeersstromen. Zo zorg het voor een betere doorstroming. Naast het reguliere onderhoud worden de verkeersregelinstallaties ook preventief onderhouden.

Omschrijving Realisatie 2024 Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Klein onderhoud n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Groot onderhoud 336.991 356.520 359.396 297.106 62.290 Verkeer en mobiliteit
Overig onderhoud 0 0 0 0 0 Verkeer en mobiliteit
Mutatie voorziening/reserve n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t. n.v.t.
Kapitaallasten gemeente 159.478 173.419 172.209 172.209 0 Verkeer en mobiliteit
Totaal 496.469 529.939 531.605 469.314 62.290
Overig onderhoud heeft betrekking op energiekosten. Cijfers zijn exclusief inzet ambtelijke uren.

Gebouwen

Terug naar navigatie - Paragraaf Onderhoud kapitaalgoederen - Gebouwen

Beleids- en beheerkaders

MeerjarenOnderhoudsPlannen (MJOP)
Met ingang van 2023 werken we met een Beheerplan Gemeentelijke Gebouwen. Grondlegger van het beheerplan zijn de Duurzame MeerjarenOnderhoudsPlannen welke cyclisch aangeeft welk onderhoud en voor welk budget onderhoud gepleegd dient te worden om de technische kwaliteit te waarborgen.
Het opstellen van een (D)MJOP is een momentopname, hierom is het van belang de plannen actueel te houden. Dit doen we door het uitvoeren van conditiemetingen op de (D) MJOP’s.  Hiernaast doen we 1 x per 4 jaar een actualisatie van de plannen. Hierbij worden de plannen tegen het licht gehouden en aangepast aan huidige stand. 

Duurzaam MJOP (DMJOP) 
Het MJOP is gebaseerd op instandhouding en vervanging zonder extra duurzaamheidsmaatregelen. In het MJOP is rekening gehouden met het volgende uitgangspunt op gebied van duurzaamheid: gebouwen hebben een energielabel, bij vervanging wordt, indien dit tot de mogelijkheden behoort, gekozen voor een duurzame variant. Deze meerkosten vallen samen met het planmatig onderhoud, door dit te verwoorden in de MJOP wordt deze duurzaam en de noemer DMJOP.  

Routekaart CO2-neutraal gemeentelijk vastgoed
Met enkel duurzaam planmatig onderhoud gaat de gemeentelijke vastgoedportefeuille niet voldoen aan de landelijke klimaatdoelstellingen van CO2-reductie van 55% in 2030 en CO2-neutraal in 2050. In 2023 is de routekaart verduurzaming vastgoed vastgesteld door de gemeenteraad.  Evenals in 2024 zijn er ook in 2025 diverse complexen verduurzaamd  om uiteindelijk in 2030 de gesteld doelstellingen te kunnen realiseren.

De term ‘routekaart’ wordt gehanteerd omdat de uiteindelijke aanpak per gebouw nog niet volledig uit te tekenen is: tussen nu en 2050 zal de huisvestingsbehoefte zich ontwikkelen en zullen technische en financiële mogelijkheden veranderen. De opgave is ook te omvangrijk om alles tegelijk aan te pakken. Het belangrijkste is dat er een route wordt uitgestippeld naar het einddoel en dat een eerste stap wordt gezet. De routekaart werkt daarom niet alles uit, maar geeft strategische kaders om stapsgewijs tot uitvoering te komen. De routekaart werkt voor de eerstvolgende korte termijn een uitvoeringsplan uit, schetst de opgaven voor de middellange termijn en verkent de opgaven voor de lange termijn.

Vastgoedbeleid
Met de geactualiseerde DMJOP, het hierop volgende beheerplan én de routekaart hebben we de belangrijke bouwstenen voor (technisch) beheer van gemeentelijk vastgoedbeleid. In 2025 is er een nieuw vastgoedbeleid opgesteld en door de raad geaccoordeerd. Dit beleid heeft een sterke relatie met het in ontwikkeling zijnde maatschappelijk voorzieningenbeleid.

Gemeentelijk vastgoed biedt de gemeente immers de mogelijkheid om in bepaalde gevallen maatschappelijke organisaties te huisvesten als deze op de vrije markt niet slagen in het vinden van huisvesting. Tevens is het nodig voor de eigen huisvesting van de gemeentelijke organisatie. Ook kan gemeentelijk vastgoed nodig zijn voor binnenstedelijke- of gebiedsontwikkelingen.

De vastgoedportefeuille is ingericht op basis van de volgende categorieën:
•    Dienstgebouwen
•    Maatschappelijk en Cultureel vastgoed
•    Onderwijsgebouwen en (veld)sportaccommodaties
•    Strategisch bezit
•    Overig (incl. panden in leegstandsbeheer, af te stoten bezit en aantal woningen) 

Verhuur  
In 2025 zijn we door gegaan  op de ingeslagen weg op het gebied van herziening van ons huurbeleid. Voor de gemeentelijke vastgoedportefeuille worden huurcontracten – op natuurlijke momenten - herzien en worden de huurprijzen daarbij minstens kostprijsdekkend of marktconform gemaakt. Waar dat kan wordt tevens gekeken naar het gelijktijdig realiseren van eventuele verduurzamingsmaatregelen. 

Beheerplan
Het onderhoudsplan is geactualiseerd en structureel opgenomen in de begroting. Er zijn voldoende beheersmaatregelen om de komende jaren de portefeuille te beheren en onderhouden. Achterstallig onderhoud is inmiddels weggewerkt en hoeft niet meer meegenomen te worden in het weerstandsvermogen. 

Omschrijving Verschil begroting en realisatie 2025
Onderhoudslasten -303 -
Klimaatplafond -352 -
Schoonmaken in- en uitwendig 60 +
Huurkosten -82 -
Energie 173 +
Beheer -174 -
Leegstandsbeheer 166 +
Onvoorzien 767 +
Herstelwerkzaamheden -260 -
Overige lasten 88 +
Overige baten 49 +
Exploitatie saldo 132
Omschrijving Realisatie 2024 Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Klein en groot onderhoud 4.331.031 3.117.010 3.673.082 3.975.605 -302.523 Bestuur, dienstverlening en participatie
Mutatie voorziening -924.103 0 0 -160.375 160.375 Bestuur, dienstverlening en participatie
Kapitaallasten gemeente 2.367.397 2.758.796 2.243.464 2.243.464 0 Bestuur, dienstverlening en participatie
Totaal 5.774.325 5.875.806 5.916.546 6.058.694 -142.148

Nog te schrijven

Investeringen Oorspronkelijk Krediet (Restant) Krediet 01-01-2025 Lasten 2025 Baten 2025 Saldo 31-12-2025
Bulkkrediet Dienstgebouwen 1.679.585 1.679.585 21.047 0 1.658.538
Bulkkrediet Maatschappelijk Bezit 513.886 513.886 0 0 513.886
Bulkkrediet Onderwijsgebouwen 508.677 508.677 0 0 508.677
Bulkkrediet Sportaccommodaties 1.148.014 1.148.014 0 0 1.148.014
Bulkkrediet Overig Bezit 36.757 36.757 0 0 36.757
Totaal 3.886.919 3.886.919 21.047 0 3.865.872

Paragraaf Financiering

Inleiding

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Inleiding

De treasuryfunctie maakt deel uit van de bredere financiële functie. De treasuryfunctie houdt zich bezig met financiering, risico- en cashmanagement en de hiermee samenhangende baten en lasten. In onze gemeente worden de treasurytaken overwegend centraal uitgevoerd. De uitvoering vindt plaats binnen de kaders van het treasurystatuut. Dit verplichte document (artikel 212, Gemeentewet) is voor het laatst in december 2023 door uw raad vastgesteld.  

Uitgangspunt

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Uitgangspunt

Het treasurystatuut stelt dat het treasurybeleid in onze gemeente defensief van karakter behoort te zijn. Dit betekent dat financiële risico’s die betrekking hebben op de uitvoering van de treasuryfunctie, beperkt moeten blijven. Deze risicohouding vloeit enerzijds voort uit het idee dat prioriteit gegeven moet worden aan een ongehinderde continue uitvoering van de publieke taak, anderzijds uit de gedachte dat met gemeenschapsgeld met de nodige voorzichtigheid moet worden omgegaan. 

Doelstellingen

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Doelstellingen

In het statuut zijn de algemene doelstellingen van het treasurybeleid opgenomen. Deze zijn:

  • Het garanderen van een duurzame toegang tot de financiële markten en het beperken van de kosten die daarmee samenhangen.
  • Het beschermen van de gemeentelijke vermogenspositie middels het beheersen van de financiële risico’s.
  • Het optimaliseren van het extern renteresultaat.

In het vervolg van deze paragraaf worden de onderwerpen die bij deze doelstellingen horen, besproken. Als eerste wordt ingegaan op de wijze waarop Vlaardingen haar bezit financiert. Daarna worden de risico’s die aan dit financieren verbonden zijn in beeld gebracht. Vervolgens wordt stil gestaan bij het kredietrisico op uitzettingen (gelden bij derden) en komt ook het renteresultaat aan de orde. 

Financiering

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Financiering

In de jaren 2021 tot en met 2023 daalde de vaste leenschuld jaarlijks. In 2024 is de vaste leenschuld gelijk gebleven. In 2025 is de vaste leenschuld weer gedaald. 

In onderstaand overzicht is de leenschuld opgesplitst in een vlottend en een vast deel. Waar het vlottende deel betrekking heeft op leningen die binnen een jaar moeten worden afgelost,  daar verwijst het vaste deel naar leningen met een resterende looptijd van één jaar en langer. Per 31 december 2025 stond er 20 miljoen aan kortlopende leningen open.

Leenschuld Bedrag (x € 1 miljoen)
Vaste component (langlopende leningen) 160
Vlottende component (kortlopende leningen) 20
Totale leenschuld (per 31 december 2024) 180
Vaste component (langlopende leningen) 140
Vlottende component (kortlopende leningen) 20
Totale leenschuld (per 31 december 2025) 160

Het is beleid (zie onderdeel Renterisico) om jaarlijks € 20 miljoen op de vaste schuld af te lossen en voor zo ver noodzakelijk her te financieren. In 2025 is er voor een bedrag van € 20 miljoen aan vaste geldleningen afgelost en zijn er geen nieuwe vaste geldleningen aangetrokken. Zodoende is de vaste leenschuld afgenomen.

 

De financiers van de gemeente Vlaardingen zijn per 31 december 2025:
Geldgever Bedrag (x € 1 miljoen) %
Bank Nederlandse Gemeenten 140 88%
Provincie Noord-Brabant 10 6%
Provincie Groningen 10 6%
Totaal 160 100%

In 2025  is er voor totaal € 20 miljoen op langlopende geldleningen afgelost. Op 1 januari 2025 was het saldo bij Rijks Schatkist € 48 miljoen. Op 31 december 2025 was het saldo € 8 miljoen.  

Financiers
De Bank Nederlandse Gemeenten, huisbankier van onze gemeente, is al jarenlang marktleider op het gebied van financiering van decentrale overheden. Financier Provincie Noord-Brabant kwam in 2017 als voordeligste aanbieder uit de bus. In 2024 is een langlopende geldleningen van € 10 miljoen aangetrokken bij de Provincie Groningen. In 2025 zijn geen nieuwe langlopende geldleningen aangetrokken.

Renterisico's

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Renterisico's

Financiering en renterisico zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Het renterisico van de Gemeente Vlaardingen maakt deel uit van het, met behulp van de Monte Carlo Methode, vastgesteld benodigd weerstandsvermogen. Telkens wanneer een geldlening moet worden afgelost en herfinanciering noodzakelijk is, bestaat immers het gevaar dat de begroting geconfronteerd wordt met hogere rentelasten: de nieuwe lening kan door ontwikkelingen op de geld- en kapitaalmarkt duurder uitvallen dan de oude. Renterisico is niet uit te sluiten, maar kan wel worden gespreid om het risico per begrotingsjaar te beperken.

De Wet Financiering Decentrale Overheden (Wet Fido) stelt grenzen aan de mate waarin een gemeente zich bloot kan stellen aan renterisico. Ter beperking van dit risico is zowel voor de vaste schuld (langlopende leningen) als voor de vlottende schuld (kortlopende leningen) een wettelijk maximum vastgesteld. Het te lang niet voldoen aan deze limitering kan voor de Provincie, als toezichthouder van de gemeente, aanleiding zijn om maatregelen te nemen. In laatste instantie behoort preventief toezicht op het afsluiten van geldleningen tot de mogelijkheden.

Renterisiconorm vaste schuld

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Renterisiconorm vaste schuld

De renterisiconorm heeft als doel om het renterisico bij herfinanciering te beheersen. Hoe meer de aflossing van de schuld in de tijd wordt gespreid, hoe minder gevoelig de begroting wordt voor renteschokken bij de herfinanciering. Het is een wettelijke norm die betrekking heeft op de vaste schuld van de gemeente. De renterisiconorm stelt dat de jaarlijkse verplichte aflossing en renteherziening niet meer mag bedragen dan 20% van de begroting. De renterisiconorm zet gemeenten en andere decentrale overheden aan tot spreiding en daarmee verlaging van het jaarlijks renterisico. Dit gebeurt in de praktijk door aflossingen op leningen en momenten van renteherziening over toekomstige begrotingsjaren te verdelen. Het is aan de besturen van de decentrale overheden zelf om binnen de grens van de renterisiconorm voor de gewenste mate van spreiding te kiezen

Berekening Renterisiconorm (bedragen x €1 miljoen)
Begrotingstotaal 2025 426
Rekenpercentage renterisiconorm (gemeenten) 20%
Renterisiconorm 85

Gemeenten zijn niet vrij in het bepalen van de omvang van de jaarlijks te betalen aflossingen. De renterisiconorm geeft aan welk bedrag maximaal per begrotingsjaar kan worden afgelost en kan worden her gefinancierd. In 2025 is er ruim aan de renterisiconorm voldaan. Er is voor € 20 miljoen aan vaste geldleningen afgelost en er zijn geen nieuwe vaste geldleningen afgesloten.

Toekomstig beeld renterisico (bedragen x €1 miljoen) 2026 2027 2028 2029 2030
Aflossingen 20 20 20 20 20
Renteherzieningen 0 0 0 0 0
Renterisico 20 20 20 20 20

Risicobeheersing is een continu proces om risico’s te identificeren en beoordelen. Bovenstaande tabel is een weergave van het maximale renterisico (vaste schuld) tot en met 2030.

Renterisico vlottende schuld

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Renterisico vlottende schuld

Vlottende schuld ontstaat wanneer geldleningen worden afgesloten met een rentetypische looptijd die korter is dan 1 jaar. In Vlaardingen gaat het veelal om leningen met een looptijd van 4 weken tot 3 maanden. Jarenlang was de rente voor kortlopende geldleningen negatief. In 2022 is hier verandering in gekomen en moet er weer rente betaald worden voor deze leningen. 

Het financieren door middel van kortlopende geldleningen kent twee voordelen:

  1. Snel kunnen inspelen op schommelingen in de financieringsbehoefte
  2. Het is bij de huidige rentestructuur een relatief goedkope financieringsvorm).

Het treasurybeleid is erop gericht om zoveel mogelijk van deze voordelen te profiteren. De keerzijde van de medaille is echter de korte rentevastheid (renterisico) van kortlopende leningen. Om te voorkomen dat decentrale overheden zich teveel laten leiden door de voordelen van deze financieringsbron is door de wetgever de kasgeldlimiet ingesteld. Deze kasgeldlimiet stelt een maximum aan de omvang van de vlottende schuld. In 2025 zijn er geen kasgeldleningen afgesloten.

Berekening kasgeldlimiet (bedragen x €1 miljoen)
Begrotingstotaal 2025 436
Rekenpercentage kasgeldlimiet (gemeenten) 8,50%
Maximale netto vlottende schuld 37

De Wet Financiering Decentrale Overheden staat het overheden toe om de kasgeldlimiet gedurende twee achtereenvolgende kwartalen te overschrijden. In onderstaande tabel is voor de vier kwartalen van 2025 aangegeven wat de omvang van de netto vlottende schuld is geweest.

In onderstaande tabel is de gemiddelde vlottende schuld (kasgeldleningen) per kwartaal en de gemiddelde vlottende middelen (tegoed bij Rijks schatkist) per kwartaal te zien. In alle kwartalen van 2025 is het kasgeldlimiet niet overschreden.

Periode (bedragen x € 1 miljoen) Vlottende schuld Vlottende middelen Netto vlottende schuld
1e kwartaal 2025 20,0 39,2 19,2
2e kwartaal 2025 15,0 40,0 25,0
3e kwartaal 2025 5,0 32,0 27,0
4e kwartaal 2025 20,0 8,0 -12,0

Debiteurenrisico uitstaande gelden

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Debiteurenrisico uitstaande gelden

Aan het voor langere tijd verstrekken van gelden aan derden kleeft het gevaar dat deze derden op een veelal onvoorzien moment niet meer aan hun verplichtingen kunnen voldoen. Dit kan ertoe leiden dat enerzijds een openstaande vordering als oninbaar moet worden afgeboekt (ten laste van de algemene reserve) en, anderzijds een deel van de rente-inkomsten wegvalt. In principe kan door de gemeente om twee redenen geld aan derden worden uitgeleend. Ten eerste wanneer dit in functie van de publieke taak gebeurt. Ten tweede wanneer er voor een bepaalde tijd sprake is van een overschot aan liquide middelen. Deze laatste situatie heeft zich de afgelopen jaren niet meer voorgedaan. Het treasurybeleid is er namelijk op gericht om de geldstromen van onze gemeente zo te sturen dat overschotten worden voorkomen, dan wel zo snel als contractueel mogelijk is in te zetten ter verbetering van de schuldpositie en daarmee ter verlaging van het debiteurenrisico.

Verstrekte geldleningen (bedragen x € 1 miljoen)
Restant verstrekte geldleningen (per 31 december 2024) 8,25
Nieuw verstrekte geldleningen 2,50
Ontvangen aflossingsbedragen 0,16
Restant verstrekte geldleningen (per 31 december 2025) 10,59

In onderstaand overzicht is aangegeven bij welke partijen er begin 2026 nog gelden uitstaan. Onderstaand overzicht vermeldt dus uitsluitend geldleningen die verstrekt zijn in het kader van de publieke taak. Bij deze categorie van geldleningen speelt het debiteurenrisico een betrekkelijk ondergeschikte rol. Aan het maatschappelijk belang, dat verbonden is aan het verstrekken van een dergelijke lening, is tijdens de besluitvorming immers een hogere prioriteit toegekend dan aan het bijbehorende financiële risico. In 2025 werd er nieuwe geldleningen voor startersleningen aan het Stimuleringsfonds Volkshuisvesting  verstrekt van € 3,9 miljoen.

Debiteur/geldnemer (x € 1 miljoen) Restantbedrag Ontstaansgrond
Stimuleringsfonds Volkshuisvesting 10,4 Volkshuisvesting
Ambtenarenhypotheken 0,1 Arbeidsvoorwaarde
Totaal 10,5

Renteresultaat 2025

Terug naar navigatie - Paragraaf Financiering - Renteresultaat 2025

In de begroting 2025 - 2028 was het  omslagrentepercentage vastgesteld op 0,5%. Dat ondanks de hogere marktrente de interne rekenrente laag blijft, komt doordat de leningenportefeuille voornamelijk bestaat uit leningen met lage rentes uit de periode tussen 2015 en 2020 toen de rente erg laag stond. In de komende jaren zullen deze leningen moeten worden geherfinancierd én zullen nieuwe leningen moeten worden aangetrokken voor de begrote investeringen. De huidige rente ligt een stuk hoger. We verwachten derhalve dat de renteomslag in de komende jaren zal stijgen. Hier is rekening mee gehouden in de begroting 2026.

Hieronder ziet u het renteschema van de gemeente Vlaardingen.

Renteschema: (x € 1.000) Begroting Begroting na wijziging Rekening
a. De externe rentelasten over de korte en lange financiering + 2.878 1.942 1.740
b. De externe rentebaten -/- 0 -524 672
Totaal door te rekenen externe rente = 2.878 1.418 1.067
c1. De rente die aan de grondexploitatie wordt doorberekend -/- 206 0 192
c2. De rente van projectfinanciering die aan het betreffende taakveld moet worden gerekend -/- 0 0 0
c3. De rentebaat van doorverstrekte leningen indien daar een specifieke lening voor is aangetrokken (=projectfinanciering) die aan het betreffende taakveld moet worden toegerekend -/- 0 0 0
Saldo door te rekenen externe rente = 2.672 1.418 876
d1. Rente over eigen vermogen +
d2. Rente over voorzieningen (gewaardeerd op contante waarde) +
De aan taakvelden toe te rekenen rente = 2.672 1.418 876
e. De werkelijk aan taakvelden (programma’s inclusief overzicht Overhead) toegerekende rente (renteomslag) -/- 3.051 1.443 1.474
f. Renteresultaat op het taakveld treasury = -379 -25 -598

Paragraaf Bedrijfsvoering

Inleiding

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - Inleiding

De gemeente Vlaardingen werkt continu aan een sterke en toekomstbestendige organisatie die de ambities voor de stad kan waarmaken. Een goed functionerende bedrijfsvoering is daarbij een essentiële randvoorwaarde. In 2025 hebben we belangrijke stappen gezet om meer grip te krijgen op onze bedrijfsvoering, zodat we wendbaar en slagvaardig kunnen inspelen op de ontwikkelingen en opgaven in de stad. Daarmee bouwen we voort op de koers zoals ingezet in eerdere jaren, waarin het op orde brengen van de basis centraal stond.

Het afgelopen jaar stond in het teken van het verder implementeren en borgen van deze basis in het reguliere werk. In relatief korte tijd zijn grote stappen gezet, onder andere door het afronden en in gebruik nemen van een aantal omvangrijke organisatiebrede projecten, zoals het zaaksysteem, MS365 en een nieuwe telefooncentrale. Ook zijn de laatste voorbereidingen getroffen voor ingebruikname van het nieuwe financiële systeem ERPx en zoeksysteem My-LEX. Tegelijkertijd is gewerkt aan het in kaart brengen en verbeteren van processen, het versterken van de samenhang in onze informatievoorziening en het verbeteren van onze financiële beheersing. Dit heeft veel gevraagd van de organisatie en van onze medewerkers. Om deze versnelling mogelijk te maken is in 2025 relatief veel gebruikgemaakt van externe inhuur. In 2026 verschuift de focus naar het verder versterken van de vaste bezetting, zodat we de continuïteit en duurzame borging van onze bedrijfsvoering kunnen waarborgen.

We zien dat deze inspanningen hun vruchten beginnen af te werpen. De basis van onze bedrijfsvoering staat steviger en we hebben beter inzicht in processen, systemen en capaciteit. Daarmee zijn we beter in staat om de ambities voor de stad te ondersteunen. Tegelijkertijd realiseren we ons dat we er nog niet zijn. Het verder ontwikkelen van de organisatie en het structureel versterken van de bedrijfsvoering is een proces van de lange adem. Met name op onderdelen zoals het financieel systeem (ERPx) en het zaaksysteem vraagt het borgen in de dagelijkse praktijk blijvende aandacht.

In deze paragraaf leest u hoe wij in 2025 verder hebben gebouwd aan onze bedrijfsvoering en welke stappen wij hebben gezet om deze verder te versterken. Door te blijven investeren in een sterke bedrijfsvoering zorgen we ervoor dat we als gemeente onze ambities voor Vlaardingen ook in de toekomst waar kunnen maken.

Personeel en organisatie

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - Personeel en organisatie

Inclusief werkklimaat
In 2025 is een kopgroep vanuit het management aan de slag gegaan om gedragscomponenten vanuit het onderzoek van The Better Company (2023) concreet toepasbaar te maken. Het gaat om kleine concrete acties/gedragingen (tiny habits) die in de dagelijkse praktijk bijdragen aan de drie voor Vlaardingen relevante drijfveren uit het onderzoek. De tiny habits helpen om stapsgewijs via gedragsverandering te werken aan het versterken van een inclusief werkklimaat. De deelnemers van de kopgroep zijn zich bewuster geworden hoe ze ook onder druk zo inclusief mogelijk leiding kunnen blijven geven. De meting onder de pilotteams die hierop volgt laat straks zien hoe we de ingezette beweging kunnen vasthouden en breder binnen de organisatie kunnen verspreiden. Doordat de pilot wat later van start is gegaan is de beoogde meting van eind 2025 doorgeschoven naar begin 2026.

Naast deze gerichte aanpak werkt de organisatie aan het verankeren van inclusiviteit in HR-instrumenten zoals werving en selectie, onboarding, leren en ontwikkelen en leiderschap.

Vinden
Ondanks de aanhoudende krapte op de arbeidsmarkt hebben we afgelopen jaar 87 nieuwe medewerkers verwelkomd. In 2025 hebben we in totaal 92 vacatures geplaatst wat betekent dat 94,5% van de geplaatste vacatures is vervuld. Ter vergelijking was dit 91% in 2024 en 88% in 2023. Deze stijgende lijn is in 2025 mogelijk gemaakt door de gerichte aandacht voor en inzet op werving. Onder andere via onze arbeidsmarktcampagne. We hebben vacatures actief voor het voetlicht gebracht bij relevante doelgroepen (jobmarketing) en benaderden ook actief potentiële kandidaten voor specifieke vacatures via LinkedIn (sourcing). We zien dat een doelgerichte campagne/marketing helpt bij het vervullen van vacatures; zeker voor moeilijk vervulbare vacatures. We zien dat het bij sommige vacatures lang duurt om deze ingevuld te krijgen. Tot soms bijna een jaar doorlooptijd. De langlopende vacatures van 2025 bevonden zich met name bij bouw- en woningtoezicht, inkoop en burgerzaken. Dit is grotendeels opgelost door de functiezwaarte aan te passen en niet uitsluitend op senior niveau te werven, maar ook ruimte te maken voor junior of medior profielen en te investeren in de doorontwikkeling van deze medewerkers.

Op het gebied van stages zien we dat de inzet van de stagecoördinator per 2025 een positief effect heeft gehad. In 2025 startten er 15 stagiairs en was de diversiteit groot. De stages zijn gemiddeld ook langer door een vergrote hoeveelheid Leerarbeidsplaatsen (LAP) en BBL (Beroepsbegeleidende Leerweg)-stages. In 2025 zijn drie stagiairs na hun stage/LAP bij de gemeente in dienst gekomen.  Ook waren er in 2025 meer teams die stagiairs begeleiden ten opzichte van voorgaande jaren. Bovendien hebben wij als gemeente zelf actief meer stagevacatures uitgezet in plaats van voornamelijk te reageren op binnenkomende stageverzoeken. Naast stageplekken bieden wij ook een Vlaardings traineeship aan. In 2025 zijn zes van de totaal acht trainees na het succesvol voltooien van hun traineeship bij ons in dienst gekomen.

Externe inhuur
Het afgelopen jaar bestond de organisatie in aantallen personen voor 30,5% uit externe inzet. In 2025 heeft de rekenkamer onderzoek gedaan naar externe inhuur in Vlaardingen. Hieruit bleek dat de externe inhuur sinds 2021 sterk is toegenomen. Wij waren blij te zien dat de aanbevelingen die de rekenkamer deed in lijn zijn met de in 2025 ingezette beweging. We zijn in de organisatie aan de slag gegaan om grip op inhuur en grip op de begroting (formatie) te krijgen. Hiervoor zijn tijdelijke beleidsregels rondom externe inhuur in september 2025 vastgesteld. Dit vooruitlopend op het beleid voor externe inhuur en het beleid voor werving & selectie, waarmee interne mobiliteit wordt bevorderd en meer interne doorstroom en andere vormen van personele inzet worden gestimuleerd. Ook is er een streefpercentage van maximaal 20% externe inhuur op organisatieniveau vastgelegd. In 2025 is ook de opdracht voor de capaciteitendesk vastgesteld. De capaciteitendesk heeft onder andere als doelstelling om inzicht te creëren in onze personeelscapaciteit (kwaliteit, kwantiteit en beschikbaarheid), volledige compliance met wet- en regelgeving, reduceren van personele kosten door inhuur terug te brengen naar een marktconform niveau (20%), de flexibele schil binnen de afgesproken begrotingsruimte te benutten en bij te dragen aan de ontwikkeling en uitvoering van strategische personeelsplanning. Voor een ambitieuze gemeente als Vlaardingen blijft de inzet van tijdelijke externe expertise onmisbaar. Om onze doelstellingen te realiseren en in hoog tempo resultaten voor de stad te boeken, is het noodzakelijk dat we onze organisatie matchen aan onze ambities. De aandacht ligt de komende periode erop om te zorgen dat we dit op een verantwoorde en duurzame manier doen, waardoor we grip krijgen op de externe inhuur.

Verbinden
Als organisatie investeren we in en ontwikkelen we onze huidige medewerkers, onder andere via een talent-motivatie-analyse (TMA). Ook in 2025 hebben medewerkers volop gebruik gemaakt van deze mogelijkheid. Jaarlijks zijn er 50 testen beschikbaar en deze zijn allemaal benut. Medewerkers kunnen zowel op individuele als teambasis onderzoek doen naar hun talenten, competenties en drijfveren. Met deze informatie in de hand onderzoeken we vervolgens hoe we de talenten van onze medewerkers optimaal kunnen inzetten voor Vlaardingen.

Inzetbaarheid
Sinds 2025 kijken we op het gebied van verzuim vooral naar wat er (wel) is en kan. We stimuleren medewerkers om meer eigenaarschap te nemen bij verminderde inzetbaarheid en om zelf aan te geven wat kan wel. Ook hebben we geïnvesteerd in het begeleiden van managers in hun nieuwe rol bij verminderde inzetbaarheid van medewerkers. Met name door te investeren in gezamenlijke regie hierop. Helaas zien we dat in 2025 het Vlaardingse gemiddelde verzuimpercentage naar 7,38% is gestegen van 6,7% in 2024. Vergelijkbare gemeenten hadden in 2024 een gemiddeld verzuimpercentage van 6,2% (cijfers 2025 nog niet bekend). De stijging van het percentage ziekverzuim ligt in lijn met de trend dat gemeenten structureel een hoger verzuim hebben dat boven het landelijk gemiddelde ligt en boven andere organisaties in het openbaar bestuur (A&O gemeentefonds). Het Vlaardingse verzuimpercentage maakt dat met name langdurig verzuim en werkdruk aandacht vragen. Binnen Vlaardingen is zichtbaar dat, net als bij andere gemeenten, krapte op de arbeidsmarkt en de hoeveelheid aan werkzaamheden kan leiden tot verhoogde werkdruk en daarmee een groter risico op uitval. Tegelijkertijd maakt de beperkte vervangbaarheid van functies dat verzuim een versterkend effect heeft op de werkdruk van achterblijvende medewerkers.

Aanbesteding
In 2025 hebben we ervoor gekozen geen aanbesteding te doen voor een nieuw HRM-systeem. De noodzaak was hiervoor niet aanwezig. In plaats daarvan hebben we geïnvesteerd in het slimmer benutten van de aanwezige functionaliteiten in het bestaande systeem. Binnen deze functionaliteiten hebben we stappen gezet in het efficiënter inrichten en digitaliseren van HR-processen, zodat we slimmer kunnen (samen)werken.

Vanwege het aflopen van het contract met onze broker in 2026 hebben we in 2025 onderzocht op welke wijze wij onze inhuur willen inkopen. De keuze is gemaakt om wederom met een broker te werken. Een broker ontzorgt ons en helpt om het inhuurproces te professionaliseren, risico’s te beperken en de kosten inzichtelijk te maken. In 2025 is er een aanbestedingstraject gestart om per maart 2026 met een (nieuwe) broker te kunnen gaan werken. Ter voorbereiding hierop is het inhuurproces opnieuw bekeken en beschreven. Hierbij is er actief een link gelegd met het initiatief om met een capaciteitendesk te gaan werken waarbij team HRM een regierol krijgt, zodat we meer grip krijgen op onze inhuur. Een van de randvoorwaarden bij deze aanbesteding was het nog strakker vastleggen van dossiers van inhuurtrajecten en het centraal opslaan van informatie.

Loonkosten
In 2025 was er € 59.428.123,- beschikbaar voor loonkosten en inhuur. Uitgesplitst in € 55.978.942,-  voor vaste werknemers en € 3.449.181,- voor inhuur. Zoals in programma 1 taakveld 0. 4 overhead is aangegeven en toegelicht was er in 2025 sprake van een overschrijding van € 3,05 miljoen. Verdere (inhuur)cijfers vindt u bij de tabel verplichte indicatoren in programma 1.

Cao-gemeenten 2025
De Cao gemeenten 2025 is op 1 april 2025 in werking getreden en loopt tot en met 31 maart 2027. Er is een doorrekening gemaakt van de structurele financiële effecten en deze zijn verwerkt in de begroting 2026, waaronder de salarisaanpassingen en de ophoging van de thuiswerkvergoeding van €2,15 naar €2,40 per dag. Verplichtingen die voortvloeien uit de Cao zijn direct meegenomen in de actualisatie van het personeelshandboek. Zoals de mogelijkheid voor (jonge) ambtenaren om hun studieschuld bij DUO af te lossen via het IKB (individueel keuzebudget).

CO2-voetdruk reisbewegingen medewerkers
Vanaf 1 juli 2024 zijn werkgevers in Nederland met 100 of meer werknemers wettelijk verplicht om de CO2-uitstoot van de zakelijke ritten en het woon-werkverkeer van hun medewerkers te registreren en te rapporteren. De gemeente heeft in 2025 aan deze taak voldaan. Deze maatregel komt voort uit het Klimaatakkoord en is gericht op het in kaart brengen en verminderen van de klimaatimpact van mobiliteit.

Motie 'Werk maken van Werk'

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - Motie 'Werk maken van Werk'

De ambities en uitdagingen voor de komende jaren zijn groot en daar hoort een stevige organisatie op sterkte bij die deze ambities kan realiseren. Dankzij de motie werk maken van werk (ingediend bij de Voorjaarsnota 2023) hebben we incidenteel één miljoen euro te besteden in het vinden en verbinden van medewerkers verspreid over 2024, 2025 en 2026. In 2025 hebben we met name geïnvesteerd in het vinden van medewerkers door bijvoorbeeld de inzet van een extra recruiter en een stagecoördinator. Bij het kopje ‘vinden’ is hierboven te lezen wat dit opgeleverd heeft.

ICT, informatie en data

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - ICT, informatie en data

Digitalisering is niet meer weg te denken uit de maatschappij en blijft het zich (snel) ontwikkelen. Wettelijk gezien zijn er ook steeds meer eisen aan de digitale dienstverlening van de gemeente verbonden. Ook verwachten onze inwoners en ondernemers dezelfde digitale dienstverlening van de gemeente als dat zij bij andere bedrijven krijgen. Ook mogelijke nieuwe werknemers verwachten een moderne informatievoorziening die past bij de huidige tijd.  Daarom hebben we de afgelopen jaren  gewerkt om onze informatievoorziening te verbeteren.  

Informatievoorziening
Op het gebied van de technische infrastructuur zijn in 2025 een aantal cruciale upgrades uitgevoerd, is de telefooncentrale vervangen, toegepaste besturingssystemen vernieuwd en oude in elkaar vergroeide netwerken met Stroomopwaarts en de gemeente Schiedam van elkaar ontvlochten. Ook is de capaciteit van de verbindingen uitgebreid vanwege intensiever digitaal verkeer. Ten aanzien van de digitale werkplek is een traject gestart om door te ontwikkelen naar Werkplek 2.0 onder een nieuwe architectuur. 

Om onze kantoor- en bedrijfsapplicaties beter en vollediger te benutten is er een meerjarig traject ontwikkeld om te komen tot een adequate informatievoorziening die bovengenoemde eisen en ambities mogelijk maakt. In 2024 is een aantal ontwikkelsporen (Vaarroutes) uitgewerkt in de Actualisatie Informatievoorziening die op 13 februari 2024 aan u is aangeboden. We hebben gekeken hoe we met een zo efficiënt mogelijke begroting, zo veel mogelijk van de ambities kunnen realiseren. In 2025 hebben we de volgende onderdelen uit deze ontwikkelsporen uitgevoerd: 

Vaarroute 1 I-projecten en programma’s 
Deze route is gericht op het realiseren van enkele grootschalige projecten. Binnen deze route valt het managen en coördineren van grote projecten op onderlinge afhankelijkheid wat betreft resources, onderlinge afhankelijkheid wat betreft resultaten en individuele impact op de informatievoorziening als geheel.  In 2025:

  • Hebben we 55 projecten afgerond, variërend van kleine vernieuwingen en verbeteringen aan processen en systemen, tot grootschalige aanbestedingen en systeemvervangingen 
  • Hebben we toegezien op de integrale samenhang van de organisatiebrede systemen
  • Hebben we de integrale samenhang bewaakt van alle ontwikkelingen binnen de vaarroutes 
  • Hebben we het kwaliteitskader aangescherpt waarbinnen de I-projecten worden opgestart, uitgevoerd en afgerond
  • Hebben we in alle iProjecten en iStuurgroepen bijgedragen aan het borgen van structuur, samenhang en uitwerking van de oplossingen binnen het kader van het I-beleid
  • Hebben we het proces van ‘Portfoliomanagement’ en projectmanagement in 2025 verder geprofessionaliseerd en verbreed naar concernbreed denken en is de keuze voor een ondersteund systeem voorbereid. 

Vaarroute 2 Processen op orde
In 2025:

  • Sluiten wij aan op de standaard processen vanuit GEMMA 
  • Hebben we van de ca 1250 detailprocessen circa 400 herijkt, herontworpen beschreven en opnieuw ingericht via de uitgevoerde projecten uit vaarroute 1 
  • Hebben we de procesarchitectuur verder opgebouwd en de basis gelegd voor de verbinding tussen processen, informatie, organisatie en applicatie  

Vaarroute 3 Applicatielandschap op orde 
Het rationaliseren van applicatielandschap op het tempo van de organisatie. In 2025:

  • Hebben we onze applicatielandschap verder weten terug te dringen naar ca 200 bedrijfsapplicaties en ca 60 kantoorapplicaties. 
  • Hebben we afscheid kunnen nemen van enkele grote, oude en risicovolle systemen 
  • Hebben we meer grip en controle op de verwerving van nieuwe/vervangende applicaties 
  • Weten we dat er nog een aantal applicaties decentraal geregeld zijn. Dat blijft een punt van aandacht   
  • Hebben we het inzicht vergroot op het gebied van de samenhang tussen systemen. De grip op contracten rond systemen binnen Informatievoorziening zal hierdoor sterker worden zodat betere regie kan worden genomen

Vaarroute 4 BI en datagedreven werken 
In 2025 zijn binnen vaarroute 4 ‘Datagedreven werken en BI’ belangrijke voorbereidingen getroffen om de juiste voorwaarden te creëren om beschikbare data en informatie beter te benutten. Het doel hiervan is om effectiever te kunnen sturen en zo bij te dragen aan de gewenste resultaten voor Vlaardingen, zoals het vergroten van de ‘Vlaardingse glimlach’ bij inwoners en ondernemers.

Bij deze ontwikkeling bouwen we voort op de inzichten en ervaringen uit verschillende (stads)programma’s, waaronder de transformatie van het sociaal domein (inclusief Zorgzaam Vlaardingen en de monitor Sociaal Domein) en het programma Wonen en Volkshuisvesting.

In de Wijk- en buurtanalyses is de Burgerpeiling opgenomen met daarin ken- en stuurgetallen op beleidsterreinen. Bovendien zijn opgeleverde dashboards en monitoren beschikbaar gemaakt voor raadsleden; bredere beschikbaarstelling wordt in 2026 verder onderzocht met name op mogelijkheden die voldoende veiligheid bieden.  

Vaarroute 5: Data op orde 
Binnen deze vaarroute is als gevolg van het streven naar sterkere digitale onafhankelijkheid besloten het nieuwe Dataplatform op niet BIG-Tech technologie te bouwen. Dit geldt in het bijzonder voor het op te bouwen Data Lake en de Data Catalogus als twee fundamentele pijlers onder de Vlaardingse informatiebasis. Het onderzoek naar de alternatieve mogelijkheden en voorwaarden is afgerond waardoor in het komend jaar de opbouw daadwerkelijk kan plaatsvinden. Daarbij hebben we en zoeken we nadrukkelijk de samenwerking met VNG common ground en andere gemeenten die deze stap reeds gemaakt hebben of deze willen maken. 

Vaarroute 6 Informatie Documenten op orde 
In 2025:

  • Hebben we een zestal oude systemen kunnen uitfaseren en zijn we overgestapt op een moderne combinatie van ons zaaksysteem, eraan gekoppelde bedrijfsapplicaties, onze Office365-omgeving en MyLex als vergaar- en bewaarplaats van de oude documenten uit de uitgefaseerde systemen.  
  • Hebben we onze bestaande documenten uit de oude systemen veiliggesteld (bewaren). Het komende jaar werken we eraan om deze documenten op het niveau te brengen die de Archiefwet van ons vereist. 

Vaarroute 7 Organisatie in haar kracht
In 2025:

Voortgang Programma I-Sturing  
Na de cloudmigratie is een plan ontwikkeld om het I-domein te verbeteren. Het ontwikkeltraject is inmiddels in gang gezet. Dit ontwikkeltraject kent een drietal te behalen plateau’s, te weten: 

  1. Grip & Controle krijgen; 
  2. Weerbaar & Voldoende wendbaar zijn; 
  3. Regie & Partnership. 

In 2025 heeft het accent gelegen op de afronding van het eerste plateau en de voorbereidingen voor de overgang naar het tweede plateau.  

Wendbaar en weerbaar slaat ook terug op onze inrichting van de governance en de formatieve bezetting met hun rollen en taken binnen het I-domein.  

Hiervoor is een herinrichtingsplan ontwikkeld waarin nieuwe voorstellen voor de structuur van het I-domein zijn gedaan, waardoor taken logischer worden gegroepeerd/ingedeeld en er zo een coherenter en wendbaarder geheel ontstaat. Daarnaast wordt de integratie tussen documenten en data zichtbaar door een onderdeel in te richten dat zich speciaal richt op de Informatiekwaliteit. 

Deze verandering moet plaatsvinden terwijl de winkel openblijft, dus de noodzakelijke vernieuwingen combineren met behoud van bedrijfscontinuïteit.  

Vanuit ‘Grip en controle’ werken wij toe naar ‘Weerbaar en voldoende wendbaar’ zijn. In het kader van een weerbare informatievoorziening is in 2025 een extra rol voor het operationeel beheren van veiligheid en privacy ingevuld. Dit als operationeel gesprekspartner voor onze CISO en functionaris gegevensbescherming.   
 
Informatiebeveiliging
De maatschappelijke ontwikkelingen en met name de dreigingen vanuit statelijke actoren, (door bijvoorbeeld hackersgroepen die gelinkt zijn aan Rusland), dwingen ons dagelijks alert te zijn en blijven op mogelijke risico’s die we in onze infrastructuur en datalandschap lopen. 2025 stond in het teken staan van de nieuwe Europese richtlijn voor Network & Infrastructure Security versie 2 (NIS2, voorheen NIB2 genoemd). Het in 2025 geactualiseerde Informatiebeveiligingsbeleid is reeds voorbereid op de NIS2 en is in die lijn verder uitgevoerd.   

De komst van de NIS2 heeft behoorlijke impact op de organisatie. Een risico-gedreven aanpak is een vereiste en de aanpak en middelen die daarvoor nodig zijn worden gecontinueerd en zijn deels reeds in lijn gebracht met de normenkaders die vanuit de NIS2 zijn aangereikt. Er is hiervoor nauw samengewerkt met buurgemeenten en organisaties die zijn aangesloten bij de VeiligheidsAlliantie Rijnmond en de Informatiebeveiligingsdienst (IBD).   

Voor wat betreft meld- en zorgplicht zoals de NIS2 vereist, heeft de focus sterk gelegen op optimalisatie van die specifieke processen en overeenstemming met de uitvoering van processen zoals de BIO (Baseline Informatiebeveiliging overheid) en relevante ISO-normering dat vragen. Deze processen zijn in lijn gebracht met de eisen.   
Omdat de NIS2 ook eisen stelt aan preventie en maatregelen om continuïteit van de organisatie te borgen zijn Disaster Recovery tests uitgevoerd en hebben audits en awareness programma's een grotere plaats gekregen in de organisatie. Een programma om Bedrijfscontinuïteit samen te brengen met Digitale Weerbaarheid van de stad is eveneens geïnitieerd. 

Bij de jaarlijks terugkerende ENSIA-Audit (Eenduidig Normenkader Single Information Audit) is in 2025 ook de werking van maatregelen, met aanlevering van operationeel bewijsmateriaal, getoetst met een positief resultaat. Om de processen Incidentmanagement en Wijzigingsbeheer naar een hoger plan te tillen en zijn controles ook rechtstreeks via het ISMS (Information Security management System), efficiënter en sneller uitgevoerd.   
  
Het ISMS is significant uitgebreid met een risicoregister en meer eenduidige processen om cyberrisico's efficiënter en helderder in kaart te kunnen brengen. Alles ter voorbereiding op de komende CBW. 

De stappen die gezet zijn in data-gedreven werken en alle ontwikkelingen daar omheen vragen veel van een informatiebeveiliging en de processen daaromheen. Er is nauwere samenwerking gerealiseerd tussen de verschillende teams (Informatiemanagement, ICT, Informatiebeheer en Interne controle) die hierin een rol spelen binnen de organisatie. Ook omdat er een Information Security Officer (ISO) is aangetrokken ter ondersteuning van zowel de CISO als de Functionaris Gegevensbescherming. De CISO is nauw betrokken bij ontwikkelingen bij ICT, Informatiemanagement en Informatiebeheer. De borging van informatieveiligheid als geheel komt daarmee op een hoger plan. Zo kan de verhoging van het niveau van volwassenheid van de organisatie ook in 2026 beter worden gemeten en gecontroleerd.       

Het verhogen van het volwassenheidsniveau van diverse aan ICT en applicaties gerelateerde beveiligingsprocessen is een complex proces. Er is gestreefd om in 2025 voor deze processen te voldoen aan volwassenheidsniveau 3 (van 5) van het BIO Self Assessment model (BIO-SA). De vervolgmeting is nog niet afgerond en zal met de ENSIA-audit in 2026 worden afgerond.  
Preventieve maatregelen als Penetratietests en Phishingtests zijn geïntensiveerd om aanvallen van buitenaf te voorkomen. In 2025 is een test- en auditplan uitgewerkt om de risico’s en kwetsbaarheden planmatig en periodiek te testen volgens geldende standaarden en met vaste partijen.    

Privacy
In 2025 zijn verdere stappen gezet om de privacybescherming binnen de gemeente te versterken. De geconstateerde knelpunten uit de audit op de Wet politiegegevens (Wpg) zijn samen met de verantwoordelijke teams verder opgepakt. Hierdoor kon in 2025 opnieuw een verplichte audit worden uitgevoerd om de voortgang te monitoren en aanvullende verbetermaatregelen te bepalen. 

In 2025 is daarnaast verder gewerkt aan het versterken van de privacy-governance binnen de gemeente. De focus lag hierbij onder meer op het actualiseren van het verwerkingsregister, het verbeteren van het toezicht op verwerkers en het structureel integreren van privacy by design en privacy by default in projecten en systeemontwikkelingen. De Functionaris Gegevensbescherming houdt onafhankelijk toezicht op de naleving van de AVG en de Wet politiegegevens en adviseert bij nieuwe verwerkingen en digitaliseringsvraagstukken. 

Ook het proces rondom Data Protection Impact Assessments (DPIA’s) is verder geoptimaliseerd. DPIA’s vormen inmiddels een vast onderdeel bij de aanschaf, vernieuwing of wijziging van systemen en applicaties met een verhoogd privacyrisico. Dit proces wordt ondersteund door het ISMS, waarin relevante privacy- en informatiebeveiligingsnormenkaders zijn geïntegreerd. 

Sinds 2025 werkt de gemeente samen met een externe partner voor audits en awarenessactiviteiten op het gebied van informatiebeveiliging en privacy. Deze samenwerking draagt bij aan het vergroten van bewustwording binnen de organisatie en ondersteunt het beschermen van persoonsgegevens tegen digitale dreigingen. 

Bewustwording Informatiebeveiliging en Privacy
Op het gebied van security en privacy awareness zijn stappen gezet door het geven van korte awareness sessies. Verder is meer en meer gebruik gemaakt van de Vlaardingse Academie waarin webinars en trainingen zijn opgenomen. Bij de onboarding van nieuwe medewerkers wordt het digitale aspect standaard meegenomen. 
Daarnaast zijn door middel van apps bewustwording van digitale gevaren efficiënter en meer frequent onder de aandacht gehouden. In 2025 heeft awareness voornamelijk digitaal plaatsgevonden. 

Verhuur

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - Verhuur

In 2025 is het nieuwe vastgoedbeleid door de raad vastgesteld  Dit beleid heeft een sterke relatie met het in ontwikkeling zijn maatschappelijk voorzieningenbeleid. Voor de gemeentelijke vastgoedportefeuille heeft dit de consequentie dat huurcontracten op natuurlijke momenten  worden herzien en dat de huurprijzen daarbij minstens kostprijsdekkend of marktconform worden.

Erfpacht

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - Erfpacht

In overleg met de leverancier van het geautomatiseerde erfpachtsysteem (HTA) is in 2025  een aantal maatregelen getroffen om dit systeem aan te laten sluiten bij ERPx ter bevordering van de efficiëntie van het proces. Tevens zijn alle erfpachtprocessen opnieuw gedefinieerd en in het zaaksysteem opgenomen. 

Procesgericht werken

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - Procesgericht werken

Het invoeren van procesgericht werken is één van de speerpunten in het organisatieplan Vlaardingen Voortvarend. Het is het fundament voor goede en voorspelbare dienstverlening en de verbetering daarvan.

In 2025 is de procesorganisatie verder op sterkte gebracht door het aanstellen van een tweede procesadviseur en het opleiden van 5 nieuwe procesondersteuners. De procesondersteuners en de procesadviseurs helpen de teams bij het in kaart brengen en continu verbeteren van de werkprocessen, zowel binnen de teams als in team overstijgende processen.

Hierbij hanteren we een mechanisme voor het inventariseren, prioriteren en selecteren van proces- (verbeter-) vraagstukken, in samenspraak met de managers.

Op het vlak van kortcyclisch, procesmatig werken en continu verbeteren binnen teams zijn goede eerste stappen gezet door diverse teams, bijvoorbeeld door Openbare Orde & Veiligheid, Bestuurssecretariaat en Control & Informatiebeveiliging.

Organisatiebrede ontwikkeling van deze manier van werken, met hulp van de procesorganisatie, blijft de komende 2 jaar een belangrijk aandachtspunt.

Verder zijn alle processen die werden ondersteund door Verseon, met een enkele uitzondering, geborgd in het nieuwe zaaksysteem.

Programmatisch en projectmatig werken

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - Programmatisch en projectmatig werken

In 2025 hebben we belangrijke stappen gezet in het verder professionaliseren van programmatisch en projectmatig werken binnen de organisatie. De basis voor portfoliomanagement is gelegd, onder meer door het ontwikkelen van hulpmiddelen, het verzorgen van trainingen en het opstellen van een ontwikkelplan voor verdere professionalisering. Ook de werkwijze voor programmatisch werken is uitgewerkt en ondersteund met procesbeschrijvingen, een handboek en bijbehorende formats. Door middel van trainingen, intervisie en begeleiding is het leren en ontwikkelen in de praktijk versterkt.

Daarnaast is het projectmatig werken verder doorontwikkeld. Het proces voor projectbeheersing is vastgelegd en voorzien van eenduidige sjablonen, zoals voor projectopdrachten en voortgangsrapportages. Alle projecten zijn ondergebracht in een uniforme digitale werkomgeving (MS Teams) en geregistreerd in ERPx, waardoor ook tijdschrijven en financiële sturing beter mogelijk zijn.

Ook op het gebied van grondbeleid en financiële beheersing zijn stappen gezet. De nieuwe nota grondbeleid is vastgesteld en sluit aan op de processen voor projectbeheersing en grondexploitatie. Met de implementatie van het systeem Total Link is de administratie van grondexploitaties geprofessionaliseerd. In 2026 wordt dit systeem gekoppeld aan ERPx, zodat er integraal inzicht ontstaat in geldstromen en boekwaarden.

Tot slot is gewerkt aan de verdere ontwikkeling van portfoliomanagement. In 2026 wordt dit ondersteund met een systeem, waarmee organisatiebreed overzicht ontstaat van alle projecten. Dit stelt ons beter in staat om te sturen op prioriteiten, capaciteit en budget, in samenhang met het portfolio op het gebied van informatievoorziening (de I-portfolio).

Inkoop

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - Inkoop

2025 heeft vooral in het teken gestaan van de implementatie van het nieuwe financiële systeem ERPx. Inkoop heeft veel tijd gestoken in de inrichting van het proces van bestellen tot betalen. Zo heeft er een uitgebreide inventarisatie plaatsgevonden van de meerjarige inkoopcontracten én de inkoopcontracten met een waarde van meer dan € 40.000 en zijn deze inkoopcontracten voorzien van alle relevante data ten behoeve van de migratie naar ERPx. Daarnaast is de werkwijze rond het registreren van bestelaanvragen en het uitvoeren van inkoop technische toetsen gedetailleerd uitgewerkt en uitvoerig getest in aanloop naar de livegang op 1 januari 2026.

Als gevolg van de grote tijdsinvestering vanuit Inkoop ten behoeve van de inrichting van ERPx in combinatie met verminderde capaciteit als gevolg van ziekte en vacatures en een enorme toename van het aantal aanbestedingen hebben we in 2025 minder tijd kunnen besteden aan professionalisering van de inkoopfunctie en het verder vormgeven van duurzaamheidsaspecten. Dit zal in 2026 verder worden opgepakt. In het kader van maatschappelijk verantwoord inkopen is begin 2025 een kick-off bijeenkomst georganiseerd op het gebied van SROI en zijn er in de loop van het jaar enkele (regionale) vervolgbijeenkomsten geweest om dit onderwerp aan te scherpen. Daarnaast is er uitvoering gegeven aan het organiseren van inkoop- en contractmanagementtrainingen binnen de organisatie.

Audit, control en risicomanagement

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - Audit, control en risicomanagement

Control
In 2025 is de rechtmatigheidsverantwoording over 2024 opgesteld en verantwoord in de jaarrekening 2024. De Governance Risk Compliance (GRC)tool is ingericht ter borging van de kwaliteit van de controles en ter ondersteuning van het Three Lines model. In het controleplan 2025 zijn de financiële processen opgenomen die binnen de reikwijdte van de interne controles vallen. Op basis van risicoanalyses zijn de individuele controle- aanpakken bepaald, die bestaan uit systeem- en gegevensgerichte controles. De vastlegging van de controles zijn vastgelegd in GRC-tool die ter onderbouwing dienen van de  rechtmatigheidsverantwoording en ter ondersteuning van de accountantscontrole.

Audit
Op basis van de verordening 213a is het college verplicht  periodiek onderzoeken te doen naar de doeltreffendheid en doelmatigheid van het door het college gevoerde beleid. In 2025 zijn de aanbevelingen uit 2024 en 2023 opgevolgd. Het onderwerp voor het 213a onderzoek is voor 2025/2026 risicomanagement. 

Risicomanagement
De opdracht voor een evaluatie van de nota risicomanagement is onderdeel van het 213a onderzoek. De uitkomsten hiervan zijn in het volgend kalenderjaar bekend.  Voor de risico-inventarisatie verwijzen we naar de paragraaf weerstandsvermogen. 

Rechtmatigheidsverantwoording

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - Rechtmatigheidsverantwoording

De rechtmatigheidsverantwoording heeft betrekking op drie criteria: begrotingscriterium, voorwaardencriterium en het misbruik en oneigenlijk gebruik criterium.

Begrotingscriterium
De begrotingsrechtmatigheid heeft betrekking op het financiële handelen binnen het kader van de geautoriseerde begroting. Dit wordt formeel als volgt omschreven:

“Financiële beheershandelingen die ten grondslag liggen aan de baten en lasten (exploitatie), alsmede de balansposten (investeringen), dienen tot stand te zijn gekomen binnen de grenzen van de geautoriseerde begroting en hiermee samenhangende programma’s (begrotingscriterium). In de begroting zijn de maxima voor de lasten vermeld die door de raad zijn vastgesteld. Dit houdt in dat de financiële beheershandelingen dienen te passen binnen de begroting, waarbij het juiste programma, de toereikendheid van het begrotingsbedrag alsmede het begrotingsjaar van belang zijn.”

Volgens het Besluit Begroting en Verantwoording provincies en gemeenten (BBV) dienen de afwijkingen in de jaarrekening herkenbaar te worden opgenomen en van een toelichting te worden voorzien. Als blijkt dat de gerealiseerde uitgaven op programmaniveau hoger zijn dan geautoriseerd en de onder- of overschrijdingen van baten niet tijdig zijn gemeld is er sprake van begrotingsonrechtmatigheid. In de Financiële verordening is vastgelegd welke typen begrotingsoverschrijdingen door de raad als acceptabel worden gekwalificeerd.

De verschillen tussen de geautoriseerde lasten en de gerealiseerde lasten worden hieronder per programma weergegeven (lasten x €1.000)

Begrotingsonrechtmatigheid

1a  Overschrijding  lasten programma's 

 

1a. Totaal 

€  11,4mln.

 Programma Bestuur, Dienstverlening en Participatie

€ 3,9mln. 

 Programma Sociaal Domein

€ 6,3 mln. 

Programma  Sport  en Recreatie 

€ 1,2 mln. 

Toelichting overschrijding acceptabel

Programma 1  Bestuur, Dienstverlening en Participatie. 
Een begrotingsonrechtmatigheid van € 0,4  miljoen hogere kosten van ingehuurd personeel  wordt gedekt uit inkomsten o.a. WAZO-gelden vanuit de UWV. 

reactie
In de voortgangsrapportage zal bewuster ingezet moeten worden om de lasten waar compensatie is uit niet geraamde inkomsten ook  mee te nemen in de aanpassingen van de ramingen. 

Programma 8 Sociaal Domein
De businesscase  Oekraïne  is een sluitende  business case.  De  hogere lasten worden gecompenseerd met een specifieke uitkering € 6,3 mln. 

reactie
In de voortgangsrapportage zal bewuster ingezet moeten worden om de lasten waar compensatie is uit specifieke uitkering om deze mee te nemen in de aanpassingen van de ramingen. 

Programma  Sport  en Recreatie 

De overschrijding  van de lasten op sport worden voor 0,5 miljoen  gecompenseerd uit  extra inkomsten en een  resterend bedrag van 0,1 miljoen is sprake van het niet eerder kunnen melden (totaal 0,6 miljoen).

reactie
In de voortgangsrapportage zal bewuster ingezet moeten worden om de lasten waar compensatie is uit specifieke uitkering om deze mee te nemen in de aanpassingen van de ramingen. 

Toelichting overschrijding onacceptabel

Programma 1 Bestuur, Dienstverlening en Participatie
In 2025 is een begrotingsonrechtmatigheid ontstaan door hogere kosten van ingehuurd personeel (€ 2,9 mln), aanschaf van een nieuwe financieel IT-systeem ERPx (€ 0,5 mln) en modernisering van het applicatielandschap binnen de IT-omgeving (€ 0,3 mln). Met  deze hogere kosten wordt  een onderbenutting van lasten (€ 0,2 mln) verrekend.  Een bedrag van  € 3,5  mln  is  onrechtmatig en passen niet binnen het beleid. 

reactie
Er is reeds besloten  om een capaciteitendesk gekoppeld aan een P-monitor in te richten. Deze zal in 2026 in werking zijn.   

Programma  Sport en Recreatie.

In 2025  is een begrotingsonrechtmatigheid ontstaan door hogere  kosten sportaccommodaties   € 0,6 mln. 

reactie

In samenwerking met  vastgoed  wordt  de  uitvoering en beheersing van onderhoud gebouwen, en met name sportaccommodaties  verbeterd.  

1b Overschrijding investeringsbudgetten (kredieten)

1b. Totaal

€   0,0 mln.

   
   

Toelichting overschrijding  

n.v.t. 

2. Ongeautoriseerde mutaties reserves  

2.  Totaal                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                €  4,5 mln. 

Programma  Wonen                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                                        € 4,5 mln.

Toelichting overschrijding acceptabel

In 2025 heeft een reserve-mutatie plaatsgevonden die toeziet op de resterende werkzaamheden van de afgesloten grondexploitatie Holy Zuid-Oost. Het betreft een reserve-dotatie van € 4,5 mln. De reserve-dotatie is niet in 2025 voorgelegd aan de Raad en de Raad is daarmee niet tijdig geïnformeerd. Dit maakt dat de reserve-mutatie onrechtmatig is.   In 2026 wordt de Raad wél geïnformeerd over de reserve-dotatie middels een separate Raadsmemo en daarmee acceptabel.

reactie :   

Vanaf 2026 zal de Raad apart en tijdig geïnformeerd moeten worden over reserve-mutaties die niet zijn opgenomen in de geautoriseerde begroting voor het betreffende jaar. De Raad dient geïnformeerd te worden in het jaar waarin de reserve-mutatie wordt verwerkt.

 

Niet acceptabele afwijkingen (onrechtmatigheden) bij baten anders dan begroot
Geen.

Voorwaardencriterium 
Het voorwaardencriterium heeft betrekking op de eisen die worden gesteld bij de uitvoering van de financiële beheershandelingen. De eisen/voorwaarden zijn afkomstig uit diverse wet- en regelgeving, zowel intern als extern.

Met onze interne controles sluiten we aan bij de vastgestelde  verordening door de raad, . In nauwe samenspraak met de accountant hebben we de omvang van de steekproeven en de uit te voeren controles bepaald. De controles zijn uitgevoerd op de processen personeel, inkoop en aanbesteding, subsidieverstrekkingen, subsidieontvangsten en overige geldoverdrachten (verbonden partijen) en misbruik en oneigenlijk gebruik. Rechtmatigheidsfouten moeten in de verantwoording opgenomen en toegelicht worden indien zij boven het door de raad vastgestelde verantwoordingspercentage   uitkomen. Wij hanteren de rapporteringstolerantie dit is vastgelegd in de verordening en gelijk is aan de rapporteringsgrens van de accountant.  

Aanbestedingsrechtmatigheid
De regels over aanbesteden staan in de Aanbestedingswet 2012. In de Gids Proportionaliteit (flankerend beleid bij de aanbestedingswet 2012) zijn de voorschriften uitgewerkt over de eisen, voorwaarden en criteria die aan inschrijvers en inschrijvingen worden gesteld. Een aanbestedende dienst dient de voorschriften toe te passen of een bewuste afwijking daarvan in de aanbestedingsstukken te motiveren. Het ten onrechte niet toepassen van de Aanbestedingswet 2012 met betrekking tot deze Europese aanbestedingsnormbedragen bij een aanbesteding van opdrachten, leidt tot een financiële rechtmatigheidsfout. Het niet naleven van de overige normbedragen uit de Gids Proportionaliteit leidt niet tot financiële rechtmatigheidsfouten voor zover het college afwijking hiervan adequaat heeft gemotiveerd en gedocumenteerd.

Programma Sociaal Domein
Betreft een opdracht van in totaal € 1.358.000,- die sinds november 2023 bestaat en doorloopt tot en met april 2025. Er was sprake van een acute situatie eind 2023 waarbij voor een tijdelijke oplossing is gezocht, voor beveiliging van opvang. Echter heeft de tijdelijke situatie voortgeduurd tot april 2025; hierdoor zijn grenswaarden overschreden en is er geen sprake meer van noodsituatie.   De aanvulling op de eerder benoemde contractwaarde van € 800.00 is  geen acceptabele afwijking op het  voorwaardencriterium. 

Programma Sociaal domein
De begeleiding Oekraïense Ontheemden is aanbesteed,  echter de uitgaven liggen boven maximum raamcontract die afloopt eind 2025.  Het betreft een bedrag van € 700.000 overschrijding contractwaarde en doorloop tot de nieuwe aanbesteding  medio  2026.  De vertraging  is ontstaan door  de onduidelijkheid van  de go/ no go  op  de voortzetting van Mrija en  de daarbij samenhangende financiering.   Er zijn voldoende middelen beschikbaar (zie toelichting begrotingsrechtmatigheid).

Programma Bestuur, Dienstverlening en Participatie
Drie  ICT-overeenkomsten zijn onrechtmatig waarvan één overeenkomst € 0.5 mln. niet kan worden aangetoond wanneer deze zijn oorsprong heeft en daarom niet kan worden aangetoond dat deze rechtmatig is. Een andere (€ 0.2 mln.) is onrechtmatig omdat deze niet tijdig conform de richtlijnen Europees is aanbesteedt.

Programma Wonen 
Het contract op voorbereiding hoogwateroplossing is aanbesteed, echter de contractwaarde is overschreden  met  € 0,4 mln. 

De totale onrechtmatigheid van aanbestedingen komt daarmee op € 2,6 miljoen.

reactie
Voor het onderwerp inkopen en aanbesteden zijn reeds verbeteringen in gang gezet waaronder de inventarisatie van de contracten van de 90 grootste leveranciers. Inzicht in de grootste contracten levert een bijdrage aan het grip hebben en houden op rechtmatige uitgaven. Daarnaast wil team inkoop en contractbeheer graag samen met de accountant en control optrekken om het bewustzijn voor proces van de aanbesteding  en de belang  van vastlegging van contract- en aanbestedingsgegevens in de organisatie te vergroten. Daarnaast  zal  het nieuwe  systeem (ERPX)  bijdragen in de beheersing van de contracten.  

Fouten of onzekerheden bij verstrekte subsidies
Wij hebben vanuit het oogpunt van efficiency (de gemeente verstrekt op jaarbasis grote aantallen subsidies) gekozen voor een steekproefsgewijze controle aanpak. Dit leidt ertoe dat wanneer gevonden fouten in de steekproef niet “geïsoleerd” kunnen worden (dat wil zeggen: aantoonbaar dermate uniek dat zij op zichzelf staan en niet representatief te achten zijn voor de gehele populatie), deze geëxtrapoleerd moeten worden over (het relevante gedeelte van) de restpopulatie.

De totale subsidielast in de jaarrekening 2025 bedraagt circa € 38 miljoen.  Er zijn geen  bevindingen geconstateerd.

Fouten of onzekerheden bij ontvangen subsidies (SiSa verantwoording)
In de kadernota rechtmatigheid van de Commissie BBV is aangegeven dat SiSa onderdeel is van de rechtmatigheidsverantwoording. Fouten en onduidelijkheden met betrekking tot specifieke uitkeringen (SiSa) dienen derhalve te worden betrokken bij de rechtmatigheids-verantwoording. Dit komt voort uit de opvatting dat de specifieke uitkeringen een regulier onderdeel vormen van de baten, lasten en balansmutaties. Bij de rechtmatigheidscontroles die de gemeente uitvoert, moeten deze baten, lasten en balansmutaties eveneens worden betrokken. Meer specifiek: deze vormen regulier onderdeel uit van de (intern) te controleren baten, lasten en balansmutaties in het kader van de rechtmatigheidsverantwoording en mogen niet worden uitgezonderd van de massa waarop steekproeven worden uitgevoerd.

Het betekent niet dat de gemeente interne controles moet uitvoeren op het niveau van de SiSa-bijlage of individuele specifieke uitkeringen. Voor de accountant geldt deze controleplicht wél op basis van de bepaling in het BADO dat voor regelingen met een omvang vanaf € 125.000 minimaal één waarneming moet worden gedaan. Het kan hierbij voorkomen dat de accountant een onrechtmatigheid constateert, die de gemeente niet heeft geconstateerd, omdat dit niveau van interne controle niet is vereist ten behoeve van de rechtmatigheidsverantwoording. Zolang de verantwoordingsgrens van de gemeente inclusief de door de accountant geconstateerde onrechtmatigheden in de SiSa niet wordt overschreden, leidt dit niet tot een andere rechtmatigheidsverantwoording door de gemeente.

Wanneer de geconstateerde bevindingen van de accountant ertoe leiden dat de verantwoordingsgrens wél (net) wordt overschreden, dan moet deze bevindingen wel worden meegenomen in de rechtmatigheidsverantwoording. In het geval dat gemeente niet zelf maar de externe accountant de onrechtmatigheid heeft geconstateerd, wordt dit in geval van overeenstemming meegenomen in de verantwoording.

Misbruik en oneigenlijk gebruik criterium
In 2025 is gestart  met het opstellen van  M&O-beleid en is  in 2026  ter besluitvorming aan het college  wordt voorgelegd.   Auditcommissie wordt hierover geïnformeerd.  Er zijn  in 2026 geen signalen van M&O.

Inrichting van de fraudebeheersing 
Het risico op fraude en corruptie is een risico waar iedere organisatie mee te maken kan krijgen. Fraude is een opzettelijk handelen of nalaten waarbij misleiding wordt gebruikt om een wederrechtelijk voordeel te behalen. Corruptie is misbruik maken van toevertrouwde macht voor persoonlijk gewin . Bij corruptie gaat het om handelingen die verband houden met het doen van een gift of een belofte om de ander te verleiden, in strijd met zijn plicht, iets te doen of na te laten.)

Gemeente Vlaardingen beschikt over een integriteitsbeleid (waaronder fraude) waarbij is geconcludeerd dat het beleid voldoet aan de wettelijke verplichtingen en er een goed
fundament ligt. Naast maatregelen om integriteitsschendingen te voorkomen heeft de gemeente ook maatregelen getroffen om fraude te ontdekken.

De frauderisicoanalyse wordt jaarlijks uitgevoerd en is een vast onderdeel binnen de Planning & Control cyclus van de gemeente. Door de frauderisicoanalyse jaarlijks uit te voeren en onderzoek te verrichten (onderdeel van de verbijzonderde controle),  houdt de gemeente een actueel inzicht in haar risico’s. Het thema fraude staat centraal op de agenda en wordt steeds meer specifiek aandacht aan besteed.     

Op basis van de bevindingen  zijn verbeteracties  benoemd. Deze  gaan zorgen voor betere beheersing. Vanaf 2025 zijn deze  ook onderdeel van de monitor verbeteracties op basis van diverse audits. 

Op basis van uitgevoerde frauderisicoanalyse zijn in 2025 geen gevallen van fraude bekend.

Verbeteracties bedrijfsvoering (opvolging vanuit interne en externe onderzoeken)

Terug naar navigatie - Paragraaf Bedrijfsvoering - Verbeteracties bedrijfsvoering (opvolging vanuit interne en externe onderzoeken)

De monitor verbeteracties is dynamisch:  er worden onderwerpen toegevoegd gedurende het jaar en afgerond.  Via de voortgangsrapportages en  verantwoordingen  kan  de gemeenteraad toezicht houden.  In deze jaarrekening is een bijlage opgenomen met  de opvolging van de aanbevelingen van :

  1.  De rekenkameronderzoeken
    1. BOR
    2. Jeugdhulp MVS-model
    3. Subsidiebeleid
    4. Toezicht en Handhaving 
    5. Afvalbeleid
    6. Inburgering 
    7. Participatie 
    8. Wonen 
    9. Quick Scan Inhuur derden 
    10. Toegankelijkheid stemlocaties 
  2. De boardletter en accountantsrapportage van de accountant 
  3. 213a onderzoeken
    1. Investeringen
    2. Klachtenafhandeling 

In de bijlage bij de jaarstukken vindt u een totaaloverzicht in de monitor verbeteracties. 

Paragraaf Grondbeleid

Inleiding

Terug naar navigatie - Paragraaf Grondbeleid - Inleiding

De uitvoering van het grondbeleid vindt plaats op basis van de Nota Grondbeleid. In 2025 hebben wij de Nota geactualiseerd en is deze op 26 februari 2026 definitief vastgesteld door de raad. Grondbeleid is een gemeentelijk instrument in de ruimtelijke ordening waarmee de gemeente gewenste ontwikkelingen kan bevorderen en ongewenste ontwikkelingen kan beperken. Het kan hierbij gaan om ontwikkelingen met betrekking tot volkshuisvesting (waaronder woningdifferentiatie), economie (groei werkgelegenheid, ontwikkeling van bedrijventerreinen) en natuur en milieu (duurzame natuurontwikkelingen en herstructurering van stedelijk gebied).

In het MPG 2026 hebben we gestreefd naar meer inzicht krijgen in de grondexploitaties en facilitaire (bouw)projecten waar de gemeente Vlaardingen aan (mee)werkt. Om dit te bereiken worden er periodiek overleggen gevoerd om de voortgang en ontwikkelingen binnen lopende projecten bij te houden. Deze overleggen zijn tevens integraal voor een tijdige beheersing van de financiële administratie. Daardoor hebben we stappen gezet in het beter in controle komen. Natuurlijk blijven we onszelf verbeteren. We streven ernaar om bij het volgende MPG verdere stappen te zetten op het gebied van inzicht en controles van de projecten.

De grondprijsbenadering

Terug naar navigatie - Paragraaf Grondbeleid - De grondprijsbenadering

Voor de grond die door de gemeente wordt uitgegeven geldt als uitgangspunt een marktconforme grondprijs. De berekening daarvan gebeurt op basis van relevante marktprijzen voor het betreffende type vastgoedobject.

Voordat daadwerkelijk tot koop of verkoop wordt overgegaan, vindt er een onafhankelijke taxatie plaats om de marktconformiteit van de berekende grondwaarde te toetsen en ongeoorloofde staatsteun te voorkomen.  

Vormen van exploitatie

Terug naar navigatie - Paragraaf Grondbeleid - Vormen van exploitatie
  1. Grondexploitaties 
    Grondexploitaties betreffen meerjarige toekomstberekeningen. Daardoor kunnen de financiële resultaten door vele, externe en interne, factoren in de loop der jaren veranderen. Grondexploitaties hebben tot doel om bouwrijpe gronden die door de gemeente zijn ontwikkeld uit te geven. 
    Marktomstandigheden en langdurige ruimtelijke procedures kunnen aanleiding zijn tot (grote) afwijkingen ten opzichte van de oorspronkelijke ramingen. Elke grondexploitatie wordt door de gemeenteraad vastgesteld. Elk jaar wordt de raad geïnformeerd over de (grond)exploitaties, via het Meerjaren Programma Grondzaken (MPG). Hierin wordt de stand van zaken en de verschillen t.o.v. voorgaande perioden en de voorziene of verwachte ontwikkelingen, zoals de risico-ontwikkeling, weergegeven. Het MPG is gekoppeld aan de jaarrekening en betreft een actualisering van alle resultaten. De resultaten worden direct meegenomen in de betreffende jaarrekening. Tevens vormt het MPG de basis voor de (meerjaren)begroting. In het onderdeel ‘stand van zaken grond- en bouwexploitaties’ is per grondexploitatie een stand van zaken weergegeven en een (financiële) doorkijk gegeven naar de komende jaren. Het MPG wordt door de gemeenteraad vastgesteld.

  2. Erfpachtexploitaties 

    Vlaardingen heeft van oudsher een omvangrijke erfpachtportefeuille. Al deze erfpachten tezamen vormen de erfpachtexploitatie. Het beleid rond de erfpachtexploitatie is neergelegd in de Nota Erfpacht. Ter uitvoering van de Nota Grondbeleid is in oktober 2022 de Nota Erfpacht 2022 vastgesteld door het college. 
    Het erfpachtbeleid ziet met name op de volgende aspecten:
    a.    nieuwe uitgiften in erfpacht van tot ontwikkeling te brengen bouwgrond, 
    b.    de verkoop van de bloot-eigendom van reeds in erfpacht uitgegeven gronden en 
    c.    het omzetten van tijdelijke erfpachtrechten in eeuwigdurende erfpachten (heruitgifte).

    De basis voor het afwikkelen van erfpachttransacties is een onafhankelijke taxatie van de grondwaarde, waarop in de onder b en c vermelde transacties een depreciatie wordt toegepast, die afhankelijk is van de looptijd van de erfpacht. In de Nota Erfpacht 2022 zijn ook de spelregels vastgelegd voor onder meer het bepalen van de jaarlijkse erfpachtcanon, het herzien of indexeren van de canon, het tijdvak waarvoor de getaxeerde grondwaarde als basis voor de canonberekening geldt, welke rol erfpacht op herontwikkelingslocaties en in herstructureringsgebieden speelt en hoe wordt omgegaan met corporatiebezit op erfpacht.
    Met ingang van 1 april 2023 is het nieuwe erfpachtbeleid in werking getreden. 

    Ten tijde van de vaststelling van de Nota Erfpacht 2022 waren met name de aspecten erfpacht op herontwikkelingslocaties en corporatiebezit op erfpacht nog niet volledig uitgekristalliseerd. Ook waren er nog geen nieuwe algemene erfpacht- en omzettingsvoorwaarden. In december 2023 is de Nota Erfpacht aangepast op deze punten en heeft het college de Algemene Erfpachtvoorwaarden Vlaardingen 2023 (AEV 2023) en de Algemene Omzettingsvoorwaarden Vlaardingen 2023 (AOVV 2023) vastgesteld. De algemene voorwaarden en de wijzigingen/aanvullingen op de Nota Erfpacht 2022 zijn per 1 januari 2024 in werking getreden.
    In de erfpachtexploitatie moeten de kosten van de erfpachtportefeuille worden goedgemaakt door de canonopbrengsten. Door de periodieke canonherzieningen van de oudere erfpachten is het kostendekkend maken van de erfpachtexploitatie steeds moeilijker geworden. Veel van deze oudere erfpachten zijn inmiddels omgezet in volle eigendom of in een nieuwe eeuwigdurende erfpacht. Als onderdeel van het Herstelplan zijn de in de Nota Erfpacht 2022 neergelegde voorstellen er tevens op gericht erfpacht beter te laten renderen.
    Voor 2023 en 2024 is dat het geval, mede door het grote aantal erfpachters dat als gevolg van de overgangsregeling van de Nota Erfpacht 2022 gebruik heeft gemaakt van een aanbieding op basis van het oude erfpachtbeleid. Verzoeken om een erfpachttransactie die na 1 april 2023 zijn en worden gedaan, worden op basis van het nieuwe beleid afgewikkeld. Daaruit zal blijken in welke mate de nieuwe rekenregels het rendement van het product erfpacht verhogen.

Actualisatie en herziening

Terug naar navigatie - Paragraaf Grondbeleid - Actualisatie en herziening

Op basis van een grondbrief worden de grondexploitaties aan het begin van ieder jaar geactualiseerd. Met de uitgangspunten uit deze grondbrief worden de daadwerkelijke inkomsten en uitgaven verdisconteerd in die zin dat daarbij de parameters worden gebruikt zoals weergegeven. Dit geactualiseerd beeld van de eindwaarden van de grondexploitaties wordt via het MPG aan de raad voorgelegd. De grondexploitaties worden hierbij niet opnieuw vastgesteld.

Zodra er besluiten zijn genomen over (wezenlijke) wijzigingen in het plan, programma of planning en/of een (wezenlijke) verandering van het resultaat, is dit aanleiding om een herziene grondexploitatie voor te leggen aan de raad. Herzieningen kunnen het gehele jaar door plaatsvinden. 

Winstneming en voorziening

Terug naar navigatie - Paragraaf Grondbeleid - Winstneming en voorziening

De regels ten aanzien van winstneming op grondexploitaties zijn vastgelegd in het Besluit Begroting en Verantwoording (BBV). Winst moet worden genomen naar rato van de voortgang van een project. Voor winstneming geldt de percentage of completion methode: voor zover gronden zijn verkocht en opbrengsten zijn gerealiseerd kan tussentijds naar rato van de voortgang van de grondexploitatie winst worden genomen. Als de prognose van het eindresultaat van een grondexploitatie negatief is, wordt direct bij vaststelling van de (herziene) grondexploitatie, een voorziening getroffen ter dekking van dit negatieve resultaat.  Inflatie kan tot fluctuaties leiden in het eindresultaat.  Deze effecten zullen in het MPG gerapporteerd worden.

Kostenverhaal

Terug naar navigatie - Paragraaf Grondbeleid - Kostenverhaal

Elk jaar wordt gewerkt aan een overzicht van alle projecten waarop kostenverhaal van toepassing is.

Het kostenverhaal voornamelijk bij anterieure overeenkomsten wordt bepaald met behulp van de plankostenscan, een rekenmodel van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties ontwikkeld voor de berekening van de plankosten bij exploitatieplannen. Dit rekenmodel is ook goed bruikbaar om de gemeentelijke plankosten van de plannen in beeld te brengen die door derden worden uitgevoerd (particuliere grondexploitatie). Belangrijk uitgangspunt van deze systematiek is de principeverdeling tussen de kosten die bij de ontwikkelende partij en bij de gemeente thuishoren. Deze verdeling is gebaseerd op het feit dat de gemeente faciliterend, begeleidend en toetsend is en de ontwikkelaar bijvoorbeeld het stedenbouwkundig plan, de ruimtelijke onderbouwing en het buitenruimteplan opstelt.

In het derde kwartaal van 2023 stelde het college een Nota Kostenverhaal vast als uitvoeringsnota van de nieuwe Nota Grondbeleid. Naar verwachting zal deze nota in 2027 worden herzien. Hierbij wordt naast het verhalen van plankosten ook aandacht besteed aan het verhalen van kosten voor bovenwijkse voorzieningen, bijdrage in ruimtelijke ontwikkeling en bovenplanse kosten (verevening) op initiatiefnemers van ruimtelijke ontwikkelingen. Deze kosten worden per project bepaald en betrokken in anterieure overeenkomsten. 

Stand van zaken grondexploitaties

Terug naar navigatie - Paragraaf Grondbeleid - Stand van zaken grondexploitaties

Fortunapark (voorheen Marathonweg Noord- en Zuidelijk deel) 
In het raadsvoorstel d.d. 19 december 2023 is besloten tot herziening van de grondexploitatie Marathonweg Noord(z) (Fortunapark) waarbij het zuidelijk deel een het noordelijk deel van de locatie Marathonweg Noord tot één plangebied zijn samengevoegd.

Na het doorlopen van Europese aanbestedingsprocedure middels de concurrentiegerichte dialoog is in februari 2023 de gebiedsontwikkeling voor de locatie Marathonweg gegund aan de combinatie Timpaan Hoofddorp B.V./Ouwehand B.V. voor hun plan Fortunapark.

Het plan Marathonweg wordt vanaf 2025 in samenwerking met de VOF ontwikkelcombinatie Marathonweg verder uitgewerkt naar een definitieve koop- realisatieovereenkomst. Een onderdeel van de uitwerking betreft o.a. de verkeerstechnische ontsluiting van het plangebied. Vervolgens kunnen de ruimtelijke procedures worden doorlopen voor het realiseren van de hier geplande woningen.

HZO Vogelbuurt (voorheen de nieuwe Vogelbuurt (Holy Zuidoost) 
Met het realiseren van de laatste woningen en het inrichten en reconstrueren van de openbare ruimte is de laatste fase van dit project ingegaan. Het totale programma komt uit op 418 woningen.

De grondexploitatie wordt in 2026 afgesloten waarbij het restant aan investeringskosten wordt opgenomen in een krediet.

Westwijk Centrum (Erasmusplein)  
Het programma in de grondexploitatie betreft de locatie B4 Erasmusplein locatie en de locatie Heemtuinen en omvat in totaal 285 woningen en 2.000 m2 bvo  (bruto vloeroppervlakte) maatschappelijke voorziening. In 2025 is de tender voor de B4 locatie afgerond met een positief financieel resultaat waarbij Timpaan de aanbesteding heeft gewonnen. 

Ten opzichte van het MPG 2025 is het saldo met €1,2 mln toegenomen. Dit is met name het gevolg van het positieve resultaat van de B4 aanbesteding. Uit de stand van zaken bij het MPG 2025 volgt een positief saldo van €357.000 op eindwaarde (31-12-2030). 

Jumbo de Loper
De ontwikkelingen rondom winkelcentrum de Loper betreffen de supermarktlocatie aan de zuidzijde van het complex. Op de bestaande locatie van de supermarkt vindt een herontwikkeling plaats met toevoeging van m2 winkeloppervlak, het toevoegen van 60 apartementen met de bijbehorende gebouwde parkeercapaciteit. Gemeente Vlaardingen voert het bouw- en woonrijpmaken uit. De huidige erfpachtconstructie met Fimek waarop de bestaande supermarkt is gerealiseerd wordt omgezet naar eigendom. De noodzakelijke aanpassing van de omliggende infrastructuur vindt plaats buiten de grondexploitatie. De grondexploitatie kent een negatief resultaat op eindwaarde 2028 van €155.000,- . Bij de opening van de grondexploitatie is hiervoor een voorziening getroffen.  

AWZI (voorheen Vergulde Hand West)
De bestaande grondexploitatie VGW wordt herzien naar aanleiding van aanhoudende onzekerheden rondom de planologische en procedurele voortgang van het project Mrija binnen het exploitatiegebied. Gezien deze onzekerheden wordt het, vanuit het oogpunt van een prudent en transparant financieel beheer conform het BBV, niet langer passend geacht om beide projectonderdelen binnen één integrale grondexploitatie te administreren.

Om deze reden is besloten de oorspronkelijke grondexploitatie VGW te herstructureren en te splitsen. Het projectonderdeel met een voldoende mate van planologische en financiële zekerheid, betrekking hebbend op de ontwikkeling van de AWZI, blijft onderdeel van een grondexploitatie. Het projectonderdeel met een hogere mate van onzekerheid, zijnde de ontwikkeling van de bedrijfslocatie (Mrija), wordt voorlopig buiten de grondexploitatie geplaatst en administratief verantwoord onder de materiële vaste activa. Deze werkwijze sluit aan bij de BBV-uitgangspunten dat uitsluitend projecten met een reëel en voldoende zeker perspectief op ontwikkeling binnen een grondexploitatie worden opgenomen.

Met deze herstructurering wordt beter aangesloten bij de actuele stand van zaken van de verschillende projectonderdelen en wordt een transparante en prudente financiële verantwoording geborgd. De gronden ten behoeve van de realisatie van de nieuwe AWZI worden naar verwachting begin 2027 bouwrijp opgeleverd aan het Hoogheemraadschap van Delfland (HHD).

Zwanensingel
In het raadsvoorstel d.d. 19 december 2024 is besloten tot het openen van de grondexploitatie Zwanensingel. Het programma van de grondexploitatie omvat in totaal 150 woningen. Naar verwachting zullen deze woningen worden opgeleverd in 2029. In 2025 is er een start gemaakt aan het bouwrijp maken van de Zwanensingel.

Uit de stand van zaken bij het MPG 2026 volgt een voordelig saldo van €7.570.000 op eindwaarde (31-12-2030). 

Stationsgebied Centrum (Nieuw Sluis)
De ontwikkeling van Nieuw Sluis maakt, net als Eiland van Speyk, onderdeel uit van het Kerngebied Rivierzone. Een groot deel van het project is reeds gerealiseerd: op de Galgkade zijn 141 woningen opgeleverd. Voor de resterende deelgebieden (Spoor & Sluis en Parallelweg) ligt nog geen definitief planologisch besluit en kan het overeengekomen woningbouwprogramma met CRV nog wijzigen in aantallen en prijsklassen. Het vervolgprogramma wordt daarom pas vastgesteld zodra de stedenbouwkundige uitwerking en de contractuele afspraken met CRV zijn afgerond.

Conform de Nota Grondbeleid 2026–2030 wordt de grondexploitatie Nieuw Sluis per 31-12-2025 afgesloten. De gerealiseerde kosten en opbrengsten van het deelgebied Galgkade worden definitief verwerkt. De boekwaarde van dit gerealiseerde deel (€1.779.993) wordt afgeboekt via de verliesvoorziening Nieuw Sluis (JR2024) en de Reserve Rivierzone. Het resterende deel van de boekwaarde (€1.518.649) wordt geactiveerd onder de materiële vaste activa (MVA), in afwachting van een nieuw planologisch besluit.

Voor de verdere planuitwerking wordt een voorbereidingskrediet van € 100.000 aangevraagd. Zodra het programma, de financiële consequenties en de ruimtelijke procedures zijn uitgewerkt, wordt een nieuwe grondexploitatie Nieuw Sluis opgenomen in de integrale grondexploitatie Rivierzone en ter besluitvorming aan de raad voorgelegd.

Schiereiland (Eiland van Speyk)
Eiland van Speyk vormt eveneens een belangrijk onderdeel van het Kerngebied Rivierzone. De locatie beschikt inmiddels over een onherroepelijk bestemmingsplan, waarin een bouwprogramma van circa 540–646 woningen mogelijk is. De wijze waarop de aanvullende opbrengst wordt berekend voor het nieuwe programma van circa 576 appartementen is afgelopen jaar definitief met CRV vastgelegd.

Conform de Nota Grondbeleid 2026–2030 wordt de grondexploitatie Eiland van Speyk per 31-12-2025 afgesloten en ondergebracht in de nieuwe integrale grondexploitatie Rivierzone (prijspeil 1-1-2026). De reeds gerealiseerde kosten, opbrengsten en rentekosten worden samengevoegd tot één inbrengwaarde van € 6.563.500, die als kostenpost wordt ingebracht in de nieuwe exploitatie.

Op basis van de actualisatie richting 1-1-2026 is de netto contante waarde gestegen met €668.000 naar €1.777.000. Deze stijging wordt met name veroorzaakt door de toevoeging van de bijdrage Hoogwateroplossing op basis van de nieuwe contractuele afspraken.

Strategische gronden, materiële vaste activa

Terug naar navigatie - Paragraaf Grondbeleid - Strategische gronden, materiële vaste activa

De locaties Parallelweg 2, Touwbaankwartier en Westhavenkade worden, conform het addendum op de koop-, ontwikkel- en realisatieovereenkomst Kerngebied Rivierzone, verkocht aan de ontwikkelaar van Nieuw Sluis en Eiland van Speyk.

Zodra deze strategische gronden programmatisch en financieel voldoende zijn uitgewerkt, worden zij eveneens ingebracht in de integrale grondexploitatie Rivierzone, evenals de overige gemeentelijke eigendommen binnen de Rivierzone. Tot dat moment worden zij verantwoord onder de materiële vaste activa.

Paragraaf Verbonden partijen

Inleiding

Terug naar navigatie - Paragraaf Verbonden partijen - Inleiding

Om de beleidsdoelen van de gemeente Vlaardingen te kunnen realiseren, wordt, indien dit wenselijk wordt geacht, een belang genomen in een organisatie die aan de doelverwezenlijking kan bijdragen. De huidige wet- en regelgeving (BBV) verplicht onze gemeente om in de begroting en de jaarstukken aan te geven in welke privaatrechtelijke en publiekrechtelijke organisaties zij een bestuurlijk en/of financieel belang heeft.

Van een bestuurlijk belang is sprake als de gemeente een zetel in het bestuur van een organisatie bekleedt en/of stemrecht heeft in een vergadering van belanghebbenden. Van een financieel belang is sprake als er door de gemeente aan een organisatie financiële middelen beschikbaar zijn gesteld die verloren kunnen gaan in geval van een faillissement of als financiële problemen van een organisatie kunnen worden verhaald op de gemeente.

Inzicht in de gang van zaken bij verbonden partijen is nodig uit hoofde van bestuurlijke, beleidsmatige en/of financiële belangen. Op basis van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) is een aantal financiële kengetallen weergeven per verbonden partij: de omvang van het eigen vermogen, het vreemd vermogen en het resultaat.

Visie verbonden partijen

Terug naar navigatie - Paragraaf Verbonden partijen - Visie verbonden partijen

In december 2025 heeft de raad de evaluatie van het toepassen van risicoprofielen voor gemeenschappelijke regelingen vastgesteld. De jaarlijks te actualiseren risicoprofielen worden gebruikt als toetsingskader bij de jaarrekeningen van de gemeenschappelijke regelingen en als inspiratiebron voor beïnvloeding van hun toekomstige beleidskaders. Vanaf 2026 wordt in het najaar voor, in beginsel, alle gemeenschappelijke regelingen een zgn. kaderbrief opgesteld, waarin de raad aangeeft welke prestatie-indicatoren voor de betreffende regeling zijn geformuleerd. Ook zal in het najaar 2026 een integrale beleidsnota ‘Sturing verbonden partijen’ worden opgesteld, waarin de raad vastlegt hoe de algemene sturing op alle verbonden partijen (ook de deelnemingen) voor de periode 2026-2030 wordt ingevuld. Gestreefd wordt naar vierjaarlijkse vaststelling/actualisering van deze beleidsnota.

Financiële risico's verbonden partijen

Terug naar navigatie - Paragraaf Verbonden partijen - Financiële risico's verbonden partijen

De financiële risico’s van de vennootschappen zijn beperkt tot het aandelenbezit van de gemeente. Bij een faillissement van een vennootschap daalt de waarde van dit bezit tot nihil. De financiële risico’s van de gemeenschappelijke regelingen hebben geen beperking. Bij een faillissement worden de deelnemers van de gemeenschappelijke regeling volgens de verdeelsleutel aangeslagen voor eventueel resterende schulden na verkoop van de bezittingen. Gezien de aard van de werkzaamheden van de verbonden partijen is de kans op een faillissement van zowel de vennootschappen als de gemeenschappelijke regelingen klein. Uitgesloten is het niet.

Vennootschapsbelasting (Vpb)

Terug naar navigatie - Paragraaf Verbonden partijen - Vennootschapsbelasting (Vpb)

Per 2016 vallen uitsluitend door de gemeente beheerste entiteiten (verbonden partijen) ook onder de vennootschapsbelastingplicht (vpb-plicht) voor overheidsondernemingen. Dit betekent dat ze aan diverse extra fiscale verplichtingen moeten voldoen, wat mogelijk resulteert in een jaarlijkse vpb-afdracht.

In de jaarrekeningen van de verbonden partijen is opgenomen wat de stand van zaken is ten aanzien van de vpb-plicht.

Overzicht verbonden partijen

Terug naar navigatie - Paragraaf Verbonden partijen - Overzicht verbonden partijen

Op grond van het Besluit begroting en verantwoording provincies en gemeenten (BBV) zijn we verplicht om in de paragraaf verbonden partijen een overzicht van de verbonden partijen op te nemen onderverdeeld naar gemeenschappelijke regelingen, vennootschappen en coöperaties, stichtingen en verenigingen en overige verbonden partijen. In de tabel met financiële positie verbonden partij is het eigen vermogen en het vreemd vermogen per 31-12-2025 en het gerealiseerde resultaat over 2025 opgenomen. Op de volgende pagina’s vindt u het overzicht waarin de voorgeschreven informatie is opgenomen.

Metropoolregio Rotterdam Den Haag
Vestigingsplaats Den Haag
Relatie met programma Bestuur, Dienstverlening en Participatie. Vervoersautoriteit met programma verkeer en mobiliteit. Economisch vestigingsklimaat met programma onderwijs, economie en haven.
Openbaar belang en visie De gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag (MRDH) is in december 2014 in werking getreden. De missie van de MRDH is:
De Metropoolregio Rotterdam Den Haag werkt aan een Europese topregio. De MRDH heeft tot doel het bevorderen van de samenwerking tussen de gemeenten met het oog op een voorspoedige ontwikkeling van het gebied en het beheer van de aan de regio toevertrouwde voorzieningen. Zij houdt zich daartoe bezig met:
a. Het vaststellen van doelstellingen op het gebied van verkeer en vervoer en de verbetering van het economisch vestigingsklimaat;
b. Het uitvoeren van de, met betrekking tot het onder a. genoemde beleid, aan de MRDH opgedragen taken en bevoegdheden.
De inhoudelijke agenda’s van de Vervoersautoriteit en Economisch Vestigingsklimaat zijn hierbij leidend en de basis voor de MRDH-brede strategie.
Betrokken partijen De volgende gemeenten maken deel uit van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Rotterdam Den Haag: Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Delft, Den Haag, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Leidschendam-Voorburg, Maassluis, Midden-Delfland, Nissewaard, Pijnacker-Nootdorp, Ridderkerk, Rotterdam, Rijswijk, Schiedam, Vlaardingen, Voorne aan Zee, Wassenaar, Westland en Zoetermeer.
Overige betrokken overheden en/of marktpartijen:
Naast het bundelen van de krachten van de 21 gemeenten is samenwerking met onder meer bedrijfsleven, kennisinstellingen, omliggende regio’s zoals Drechtsteden en Leiden, de provincie en het Rijk noodzakelijk om de ambities te realiseren.
De MRDH werkt daarnaast nauw samen met de Economische Programmaraad Zuidvleugel (EPZ), het triple helix orgaan van vertegenwoordigers van bedrijfsleven, overheden en kennisinstellingen. Samenwerking met omliggende regio’s en de andere partners vindt zowel plaats bij de strategische trajecten als bij de uitvoering van concrete activiteiten.
Bestuurlijk belang De gemeente Vlaardingen werd in 2025 in het Algemeen Bestuur vertegenwoordigd door burgemeester B. Wijbenga- van Nieuwenhuizen.
Wethouder Verkeer en Vervoer H.E. de Ron, maakt deel uit van de Vervoersautoriteit. Wethouder Economische Zaken H.E. de Ron maakt deel uit van de Bestuurscommissie Economisch Vestigingsklimaat.
In de Adviescommissie Vervoersautoriteit hebben zitting de raadsleden L.W.M. Claessen en T. van Vugt. In de Adviescommissie Economisch Vestigingsklimaat hebben zitting de raadsleden C. Stevens en S. Sonneveld. Als lid van de Rekeningcommissie MRDH heeft zitting het raadslid L.W.M. Claessen.
Financieel belang Deelnemersbijdrage 2025 € 234.769
Het programma Vervoersautoriteit wordt geheel financieel gedekt uit de BDU-gelden.
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 41.203 45.948
Vreemdvermogen 1.752.607 1.901.656
Resultaat 832 604
Risico’s Momenteel zijn er geen substantiële risico’s met betrekking tot deze verbonden partij. Als uitwerking van de Nota Implementatie Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen, vastgesteld op 6 april 2023, heeft het college op 18 maart 2025 voor alle regelingen een zgn. Risicoprofiel opgesteld. Voor de MRDH betreft dit een laag risicoprofiel met het bijbehorende Sturingspakket ’Basis’, hetgeen geen extra maatregelen met zich meebrengt voor overlegintensivering of informatieverstrekking aan de raad.
Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond
Vestigingsplaats Rotterdam
Relatie met programma Veiligheid en Handhaving
Openbaar belang en visie Op grond van de Wet op de Veiligheidsregio’s heeft de gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond de volgende taken:
a. Het inventariseren van risico’s van branden, rampen en crises;
b. Het adviseren van het bevoegd gezag over risico’s van branden, rampen en crises in de bij of krachtens de wet aangewezen gevallen evenals in de gevallen die in het beleidsplan zijn bepaald;
c. Het adviseren van het college van burgemeester en wethouders over de taal, bedoeld in artikel 3, eerste lid;
d. het voorbereiden op de bestrijding van branden en het organiseren van de rampenbestrijding en de crisisbeheersing;
e. Het instellen en in stand houden van een brandweer;
f. Het instellen en in stand houden van een GHOR;
g. Het voorzien in de meldkamerfunctie;
h. Het aanschaffen en beheren van gemeenschappelijk materieel;
i. Het inrichten en in stand houden van de informatievoorziening binnen de diensten van de veiligheidsregio en tussen deze diensten en de andere diensten en organisaties die betrokken zijn bij de onder d, e, f, en g genoemde taken.
Betrokken partijen De volgende gemeenten maken deel uit van de Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond: Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Goeree Overflakkee, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Nissewaard, Ridderkerk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Voorne aan Zee.
Bestuurlijk belang De gemeente Vlaardingen werd in 2025 in het Algemeen Bestuur vertegenwoordigd door burgemeester B. Wijbenga- van Nieuwenhuizen. Wethouder H.E de Ron was plaatsvervangend lid.
Financieel belang Deelnemersbijdrage 2025: € 7.083.801
Begroot: € 7.083.801
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 11.745 14.743
Vreemdvermogen 89.099 86.068
Resultaat 1.347 4.495
Risico’s Momenteel zijn er geen substantiële risico’s met betrekking tot deze verbonden partij. Als uitwerking van de Nota Implementatie Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen, vastgesteld op 6 april 2023, heeft het college op 18 maart 2025 voor alle regelingen een zgn. Risicoprofiel opgesteld. Voor de VRR betreft dit een laag risicoprofiel met het bijbehorende Sturingspakket ’Basis’, hetgeen geen extra maatregelen met zich meebrengt voor overlegintensivering of informatieverstrekking aan de raad.
DCMR Milieudienst Rijnmond
Vestigingsplaats Schiedam
Relatie met programma Groen en Milieu
Openbaar belang en visie Het bevorderen van een duurzame ontwikkeling van de stad. Via de vergunningverlening Wet Milieubeheer, de afhandeling van meldingen in het kader van het Activiteitenbesluit, het uitvoeren van toezicht en handhaving en de advisering aan gemeenten op het gebied van de verschillende milieuthema’s en ruimtelijke ontwikkelingen, draagt de DCMR er mede zorg voor dat de milieubeleidsdoelen in de gemeente Vlaardingen worden behaald.
Betrokken partijen De provincie Zuid Holland en de gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Goeree-Overflakkee, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Nissewaard (voormalig Spijkenisse en Bernisse), Ridderkerk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Voorne aan Zee.
Bestuurlijk belang De gemeente Vlaardingen werd in 2025 in het Algemeen Bestuur vertegenwoordigd door wethouder K. Kegel.
Financieel belang Voor de uitvoering van de werkzaamheden van de DCMR voor Vlaardingen wordt jaarlijks een werkplan gemaakt. De kosten bedroegen in 2025: € 2.296.696.
(begroot € 2.296.696)
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 7.341 7.305
Vreemd vermogen 16.565 14.705
Resultaat 3517 3.187
Risico’s Momenteel zijn er geen substantiële risico’s met betrekking tot deze verbonden partij. Als uitwerking van de Nota Implementatie Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen, vastgesteld op 6 april 2023, heeft het college op 18 maart 2025 voor alle regelingen een zgn. Risicoprofiel opgesteld. Voor de DCMR betreft dit een laag risicoprofiel met het bijbehorende Sturingspakket ’Basis’, hetgeen geen extra maatregelen met zich meebrengt voor overlegintensivering of informatieverstrekking aan de raad.
GGD Rotterdam- Rijnmond
Vestigingsplaats Rotterdam
Relatie met programma Sociaal Domein
Openbaar belang en visie Het op een proactieve wijze beschermen, bewaken en bevorderen van de gezondheid van inwoners in het bedieningsgebied van de GR GGD-RR. Gezondheid wordt gedefinieerd als een toestand van compleet fysiek, mentaal en sociaal welbevinden en is niet alleen van toepassing op de afwezigheid van ziekte of een handicap. De GR GGD Rotterdam-Rijnmond is primair verantwoordelijk voor de uitvoering van de wettelijk basistaken volgens de Wet Publieke Gezondheid. Operationeel uitvoerder is de GGD Rotterdam-Rijnmond (onderdeel van het concern Rotterdam).
Betrokken partijen De GR GGD Rotterdam-Rijnmond is een samenwerkingsverband van de volgende gemeenten: Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Goeree Overflakkee, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Nissewaard, Ridderkerk, Rotterdam, Schiedam, Vlaardingen en Voorne aan Zee.
Bestuurlijk belang De gemeente Vlaardingen wordt in het Bestuur vertegenwoordigd door wethouder A. Proos. Wethouder J.J. Silos – Knaap is plaatsvervangend lid.
Financieel belang Deelnemersbijdrage 2025: € 689.335.
(begroot € 689.335)
Financiële positie De GGD-RR heeft geen eigen of vreemd vermogen. De gemeenschappelijke regeling van de GGD-RR heeft geen balans en andere financiële staten om in de begroting (en jaarverslag) op te nemen aangezien de GGD-RR onderdeel uitmaakt van de gemeente Rotterdam.
Risico’s Momenteel zijn er geen substantiële risico’s met betrekking tot deze verbonden partij. Als uitwerking van de Nota Implementatie Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen, vastgesteld op 6 april 2023, heeft het college op 18 maart 2025 voor alle regelingen een zgn. Risicoprofiel opgesteld. Voor de GGD betreft dit een laag risicoprofiel met het bijbehorende Sturingspakket ’Basis’, hetgeen geen extra maatregelen met zich meebrengt voor overlegintensivering of informatieverstrekking aan de raad.
ROG Plus NWN
Vestigingsplaats Maassluis
Relatie met programma Sociaal Domein
Openbaar belang en visie Het bieden van maatwerkvoorzieningen ter bevordering, behoud of compensatie van zelfredzaamheid en ter ondersteuning van participatie aan ingezetenen van de gemeente die daartoe op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met hulp van andere personen uit hun sociale netwerk niet of onvoldoende in staat zijn. De maatwerkvoorzieningen richten zich ook op de ondersteuning van mantelzorgers.
Artikel 2.3.5, lid 3 van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning 2015 legt het college daarbij de plicht op om, na onderzoek, een maatwerkvoorziening te bieden die een passende bijdrage levert aan het realiseren van een situatie waarin de cliënt in staat wordt gesteld tot zelfredzaamheid en participatie en zo lang mogelijk in de eigen leefomgeving kan blijven.
Betrokken partijen De gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam.
Bestuurlijk belang De gemeente Vlaardingen wordt in het Bestuur vertegenwoordigd door wethouder J.J. Silos – Knaap en door wethouder H.E. de Ron.
Financieel belang Deelnemersbijdrage 2025 € 71.464.800.
(begroot € 71.464.800).
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 0 n.b. *
Vreemdvermogen 8.822 n.b. *
Resultaat 0 n.b. *
Risico’s De financiële ontwikkeling van de gemeentelijke bijdrage blijft een aandachtspunt. Als uitwerking van de Nota Implementatie Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen, vastgesteld op 6 april 2023, heeft het college op 18 maart 2025 voor alle regelingen een zgn. Risicoprofiel opgesteld. Voor Rogplus betreft dit een middel risicoprofiel met het bijbehorende Sturingspakket ’Versterkt’, waardoor extra maatregelen zijn getroffen voor overlegintensivering of informatieverstrekking aan de raad.
*De cijfers van de jaarrekening 2025 zijn tijdens het collegevaststelling van deze jaarrekening niet beschikbaar. Zodra de definitieve resultaten zijn vastgesteld en gepubliceerd, zullen deze worden gedeeld.
Gemeenschappelijke Regeling Jeugdhulp Rijnmond
Vestigingsplaats Rotterdam
Relatie met programma Sociaal Domein
Openbaar belang en visie Het uitvoeren van de bovenlokale taken door middel van:
a. Het contracteren en/of subsidiëren van aanbieders van jeugdhulp en uitvoerders jeugdreclassering en jeugdbeschermingsmaatregelen in het kader van de Jeugdwet;
b. Het organiseren van een advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling;
c. Het bevorderen van gezamenlijk overleg van de gemeenten voor de uitvoering van de jeugdhulptaken, die in de Jeugdwet aan de gemeenten zijn opgedragen.
Deze taken zijn bovenlokaal, dat wil zeggen aanvullend en in aansluiting op het lokale aanbod.
Betrokken partijen De gemeenten Albrandswaard, Barendrecht, Capelle aan den IJssel, Goeree-Overflakkee, Krimpen aan den IJssel, Lansingerland, Maassluis, Ridderkerk, Rotterdam, Schiedam, Nissewaard, Vlaardingen en Voorne aan Zee.
Bestuurlijk belang De gemeente Vlaardingen wordt in het Bestuur vertegenwoordigd door wethouder J.J. Silos – Knaap. Wethouder A. Proos is plaatsvervangend lid.
Financieel belang Deelnemersbijdrage 2025: € 6.683 943.
(begroot € 6.683.943)
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 0 n.b. *
Vreemdvermogen 6.303 n.b. *
Resultaat 0 n.b. *
Risico’s De financiële ontwikkeling als gevolg van de resultaatgerichte financiering blijft een aandachtspunt. Als uitwerking van de Nota Implementatie Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen, vastgesteld op 6 april 2023, heeft het college op 18 maart 2025 voor alle regelingen een zgn. Risicoprofiel opgesteld. Voor de GRJR betreft dit een middel risicoprofiel met het bijbehorende Sturingspakket ’Versterkt’, waardoor extra maatregelen zijn getroffen voor overlegintensivering of informatieverstrekking aan de raad.
*De cijfers van de jaarrekening 2025 zijn tijdens het collegevaststelling van deze jaarrekening niet beschikbaar. Zodra de definitieve resultaten zijn vastgesteld en gepubliceerd, zullen deze worden gedeeld.
Stroomopwaarts MVS
Vestigingsplaats Schiedam
Relatie met programma Sociaal Domein
Openbaar belang en visie De gemeenschappelijke regeling is ingesteld ter behartiging van het belang van een kwalitatief hoogwaardige en doelmatige uitvoering van de taken en bevoegdheden van de deelnemers op het gebied van het sociaal domein. Meer in bijzonder de uitvoering van de Participatiewet, de Wet inkomensvoorziening (werkloze werknemers en gewezen zelfstandigen), de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening en de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (art. 1.13).
Vanaf 1 januari 2022 voert Stroomopwaarts eveneens de Nieuwe Wet Inburgering uit.
Betrokken partijen De gemeenten Maassluis, Vlaardingen en Schiedam.
Bestuurlijk belang De gemeente Vlaardingen wordt in het Bestuur vertegenwoordigd door wethouders A. Proos en door wethouder H.E. de Ron.
Financieel belang Deelnemersbijdrage 2025 € 82.707.000.
(begroot € 82.707.000)
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 6.331 7.810
Vreemdvermogen 12.366 16.379
Resultaat 2.051 2.116
Risico’s De financiële ontwikkeling van de gemeentelijke bijdrage en kosten huisvesting Stroomopwaarts blijven aandachtspunten. Als uitwerking van de Nota Implementatie Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen, vastgesteld op 6 april 2023, heeft het college op 18 maart 2025 voor alle regelingen een zgn. Risicoprofiel opgesteld. Voor Stroomopwaarts betreft dit een middel risicoprofiel met het bijbehorende Sturingspakket ’Versterkt’, waardoor extra maatregelen zijn getroffen voor overlegintensivering of informatieverstrekking aan de raad.
Regionale Belasting Groep
Vestigingsplaats Schiedam
Relatie met programma Financiën
Openbaar belang en visie Het heffen en invorderen van de gemeentelijke belastingen en heffingen en het uitvoeren van de werkzaamheden in het kader van de Wet Waardering onroerende zaken.
Betrokken partijen Hoogheemraadschap Schieland en de Krimpenerwaard, Hoogheemraadschap Delfland, gemeente Delft, gemeente Schiedam, gemeente Vlaardingen.
Bestuurlijk belang De gemeente Vlaardingen wordt in het Algemeen Bestuur vertegenwoordigd door wethouder H.E. de Ron.
Financieel belang Deelnemersbijdrage 2025 € 1.476.000.
(begroot € 1.476.000)
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 2.789 2.487
Vreemd vermogen 2.864 2.413
Resultaat 520 1.925
Risico’s Momenteel zijn er geen substantiële risico’s met betrekking tot deze verbonden partij. Als uitwerking van de Nota Implementatie Wijziging Wet gemeenschappelijke regelingen, vastgesteld op 6 april 2023, heeft het college op 18 maart 2025 voor alle regelingen een zgn. Risicoprofiel opgesteld. Voor de RBG betreft dit een laag risicoprofiel met het bijbehorende Sturingspakket ’Basis’, hetgeen geen extra maatregelen met zich meebrengt voor overlegintensivering of informatieverstrekking aan de raad.
Intergemeentelijke Reiniging-, Afvalinzameling- en Dienstverlening Organisatie (IRADO)
Vestigingsplaats Schiedam
Relatie met programma Groen en Miilieu
Openbaar belang en visie Het in opdracht van de gemeente Vlaardingen uitvoeren van het inzamelen en afvoeren van huishoudelijk afval en op basis hiervan adviseren en rapporteren.
Betrokken partijen Gemeenten Vlaardingen, Schiedam en Capelle a/d IJssel zijn ieder voor 1/3 aandeelhouder.
Bestuurlijk belang De Raad van Commissarissen bestaat uit externe commissarissen:
de heer B.K.A van Rijsbergen (voorzitter), mw. M.M.C. Lansbergen-Kerklaan (plv vooorzitter) en de heer H.G.M. Mogezomp. Wethouder I.M. Somers-Gardeniers bekleedt namens de gemeente Vlaardingen de rol van opdrachtgever. Wethouder H.E. de Ron bekleedt namens de gemeente Vlaardingen de rol van aandeelhouder.
Financieel belang De deelneming staat voor € 1.196.000,- op de balans van de gemeente Vlaardingen.
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 18.940 18.957
Vreemdvermogen 26.478 16.726
Resultaat 489 350
Risico’s Momenteel zijn er geen substantiële risico’s met betrekking tot deze verbonden partij.
Waterbedrijf Evides
Vestigingsplaats Rotterdam
Relatie met programma Groen en Miilieu
Openbaar belang en visie Met de deelneming wordt beoogd invloed uit te oefenen op het beleid van watervoorziening en tariefstelling. Door een aantal fusies is de invloed van de gemeente de afgelopen jaren sterk afgenomen. De gemeente heeft op dit moment nog 1,8% van het totale aandelenpakket in bezit.
Betrokken partijen De aandelen van Waterbedrijf Evides zijn voor 50% in handen van de vroegere aandeelhouders van Delta Waterbedrijf en voor de andere 50% in handen van de vroegere aandeelhouders van Waterbedrijf Europoort. De laatste groep bestaat uit 24 gemeenten uit deze regio, waaronder de gemeente Vlaardingen.
Bestuurlijk belang De gemeente heeft stemrecht in de algemene vergadering van aandeelhouders. De gemeente Vlaardingen wordt hierin vertegenwoordigd door wethouder H.E. de Ron.
Financieel belang De deelneming staat voor € 245.041,- op de balans van de gemeente Vlaardingen.
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 631.500 675.700
Vreemdvermogen 878.600 875.800
Resultaat 53.300 56.200
Risico’s Momenteel zijn er geen substantiële risico’s met betrekking tot deze verbonden partij.
Bank Nederlandse Gemeenten
Vestigingsplaats Den Haag
Relatie met programma Financiën
Openbaar belang en visie De Bank Nederlandse Gemeenten (BNG) stelt zich ten doel gemeenten en andere decentrale overheden te ondersteunen bij hun maatschappelijke activiteiten middels het aanbieden van tal van bancaire diensten. Onze gemeente levert door haar deelneming een bijdrage hieraan.
Betrokken partijen De aandelen van de Bank Nederlandse Gemeenten zijn voor 50% in handen van het Rijk en voor de resterende 50% in handen van gemeenten. Onze gemeente heeft een belang van 0,36% in de bank.
Bestuurlijk belang De gemeente heeft stemrecht in de algemene vergadering van aandeelhouders. De gemeente Vlaardingen wordt hierin vertegenwoordigd door wethouder H.E. de Ron.
Financieel belang De deelneming staat voor € 33.807 op de balans van de gemeente Vlaardingen.
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 4.777 4.863
Vreemdvermogen 123.614 110.701
Resultaat 294 172
Risico’s Momenteel zijn er geen substantiële risico’s met betrekking tot deze verbonden partij.
Stadsherstel Maassteden
Vestigingsplaats Schiedam
Relatie met programma Financiën
Openbaar belang en visie Opknappen en behouden van gebouwd erfgoed in Vlaardingen, Maassluis en Schiedam.
Betrokken partijen Het Fonds Schiedam Vlaardingen e.o., de gemeenten Schiedam, Vlaardingen en Maassluis zijn sinds januari 2018 aandeelhouders.
Bestuurlijk belang De gemeente Vlaardingen wordt hierin vertegenwoordigd door wethouder H.E. de Ron.
Financieel belang De deelneming staat voor € 100.000 op de balans van de gemeente Vlaardingen.
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 6.143 6.039
Vreemdvermogen 1.245 1.946
Resultaat -227 -108
Risico’s Geen
Coöperatief beheer groengebieden Midden-Delfland
Vestigingsplaats Midden-Delfland
Relatie met programma Sport en recreatie
Openbaar belang en visie De coöperatie stelt zich ten doel de leden te faciliteren in de doelmatige en rechtmatige uitvoering van beheer- en onderhoudstaken ter zake van groengebieden in Midden-Delfland en omgeving en al hetgeen met het vorenstaande verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn.
Betrokken partijen De gemeenten Delft , Midden-Delfland, Maassluis, Schiedam, Vlaardingen en Westland.
Bestuurlijk belang Wethouder L. van Kalken is door het college van B&W benoemd als lid van de algemene deelnemersvergadering.
Financieel belang De bijdrage van de gemeente Vlaardingen aan het CBG bedraagt € 621.516 per jaar.
Financiële positie Bedragen x € 1.000 Per 01-01-2025 Per 31-12-2025
Eigen vermogen 6.678 n.b. *
Vreemdvermogen 1.759 n.b. *
Resultaat 238 n.b. *
Risico’s Geen
*De cijfers van de jaarrekening 2025 zijn tijdens het collegevaststelling van deze jaarrekening niet beschikbaar. Zodra de definitieve resultaten zijn vastgesteld en gepubliceerd, zullen deze worden gedeeld.

Paragraaf Wet open Overheid

Inleiding

Terug naar navigatie - Paragraaf Wet open Overheid - Inleiding

In 2025 hebben we voldaan aan onze wettelijke verplichtingen in het kader van de WOO.

Sinds 1 mei 2022 is de nieuwe Wet open overheid (Woo) in werking getreden, die de Wet openbaarheid van bestuur (Wob) vervangt. Het grote verschil tussen de Woo en de Wob betreft de actieve openbaarmaking van documenten behorende tot 11 informatiecategorieën. Deze verplichting is in de afgelopen jaren en zal de komende jaren stapsgewijs worden ingevoerd. Hiervoor is een landelijke planning opgesteld die aangeeft wanneer welke categorie bij Koninklijk Besluit verplicht zal worden gesteld. De verwachting is dat de volledige implementatie van de Woo eind 2027 zal zijn afgerond.

In 2025 hebben we in de verbetering van de informatiehuishouding met onder meer de implementatie van het zaaksysteem en de uitrol van MS 365 een stevige stap voorwaarts gezet. Werkprocessen zijn verder geoptimaliseerd en zodanig ingericht dat al bij de creatie van informatie rekening gehouden wordt met de WOO-eisen en openbaarmaking op een later moment. 

Verder is in 2025 een professionele oplossing geselecteerd en geïmplementeerd voor het sneller en efficienter anonimiseren van passief of proactief openbaar te maken stukken. Ook is het fundament gelegd voor een voorziening waarmee in 2026 via een centraal publicatieplatform aan verplichte openbaarmaking in de toekomst kan worden voldaan.

Ook is in 2025 gewerkt aan de verdere bewustwording van de organisatie waar het gaat om werken voor de openbaarheid en goed informatiebeheer.

 

Stadsprogramma's

Zorgzaam Vlaardingen

Inleiding

Terug naar navigatie - Zorgzaam Vlaardingen - Inleiding

'Een hoopvolle toekomst in een stad waar wordt omgezien naar jou'

Iedereen die hulp nodig heeft, moet die tijdig kunnen krijgen. We willen er zijn als iemand hulp nodig heeft, zorgen voor kwalitatief goede zorg, meer ruimte voor maatwerk geven en de menselijke maat het uitgangspunt laten zijn. Dit is ook de basisgedachte achter de door ons ingezette transformatie van het sociaal domein. 

We geloven erin dat de beste manier om problemen aan te pakken is om ze te voorkomen. Preventief handelen kan op allerlei gebieden. Armoede kan leiden tot veel zorgen en is daarom een speerpunt in de aanpak. Zonder huis, baan, opleiding, voldoende mogelijkheden om te bewegen en een stabiel thuisfront is het moeilijk om jezelf te ontwikkelen. Daarom werken we in onze preventieve aanpak aan deze basisvoorwaarden. Hierbij hebben we de volgende vier doelstellingen:

  • Vlaardingers zijn maatschappelijk actief en kunnen voor zichzelf en elkaar zorgen
  • Vlaardingers zijn (langer) vitaal en gezond
  • Vlaardingers kunnen zich ontwikkelen en ontplooien
  • Vlaardingers kunnen zo lang mogelijk zelfstandig en veilig wonen en leven

Voor Zorgzaam Vlaardingen hebben we drie focuspunten benoemd:

  1. Armoede
  2. Gezondheid
  3. Sport en Bewegen

Daarnaast zetten we een aantal acties in die overkoepelend zijn aan deze focuspunten. Tot slot hangt dit Stadsprogramma ook samen met de door ons ingezette transformatie van het sociaal domein. De acties die daarbij horen vallen echter onder ambitie 18 binnen het Programma Sociaal Domein van deze jaarrekening.

Ambities

Terug naar navigatie - Zorgzaam Vlaardingen - Ambities

Overkoepelend

Terug naar navigatie - Zorgzaam Vlaardingen - Ambities - Overkoepelend

Sommige acties binnen Zorgzaam Vlaardingen richten zich op meerdere focuspunten of op het bredere sociaal domein. Deze staan hieronder beschreven.

Acties

Armoede

Terug naar navigatie - Zorgzaam Vlaardingen - Ambities - Armoede

Inwoners begeleiden naar (beter) betaald werk, zodat er minder mensen onnodig langs de kant staan. Voorkomen van (grote) financiële problemen en ervoor zorgen dat mensen met schulden hun leven zo snel mogelijk weer zonder onnodige onzekerheden en druk kunnen oppakken. Aandacht hebben voor de relatie tussen armoede en schulden en het hebben van te weinig basisvaardigheden. Daarop zetten we in om armoede en schulden duurzaam aan te pakken.

Acties

Gezondheid

Terug naar navigatie - Zorgzaam Vlaardingen - Ambities - Gezondheid

Een goede gezondheid is een van de ingrediënten van een gelukkig leven. De gemeente Vlaardingen wil daarom investeren in een betere gezondheid van haar inwoners. Kernwaarden zijn: preventie, positieve gezondheid, werken aan achterliggende problematiek en domeinoverstijgend denken en samenwerken. 

Acties

Sport en Bewegen

Terug naar navigatie - Zorgzaam Vlaardingen - Ambities - Sport en Bewegen

Iedere Vlaardinger moet kunnen sporten of bewegen. Met name de kwetsbare groep gaan we in beweging brengen. Hiermee zetten we sport als preventief middel in om gezondheidsgerelateerde en sociale problematiek te voorkomen. Meer Vlaardingers halen de beweegnorm. Sport draagt bij aan minder verzuim en schooluitval, bestrijding van eenzaamheid en vroegsignalering van psychische, financiële en sociale problematiek. Meer Vlaardingers hebben een beweegvriendelijke leefomgeving.

Acties

Financiële middelen

Terug naar navigatie - Zorgzaam Vlaardingen - Financiële middelen

In 2025 is binnen het stadsprogramma Zorgzaam  Vlaardingen een bedrag van € 488.340,-  gerealiseerd, op een budget van € 743.319,- Afwijkingen ten opzichte van de begroting zijn te verklaren onder andere doordat een aantal begrote subsidies niet zijn verstrekt en er minder incidentele uitgaven zijn geweest dan begroot.

Bedragen x € 1.000) Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Zorgzaam Vlaardingen 459 743 488 255 Sociaal Domein
Totaal 459 743 488 255

Nieuwe Rivierzone

Inleiding

Terug naar navigatie - Nieuwe Rivierzone - Inleiding

Een stoere nieuwe stadswijk aan de Maas. Dat wordt de Rivierzone. Hier wonen, werken en studeren Vlaardingers straks tussen het historisch centrum, de pakhuizen en de Nieuwe Maas. Een weidse industriële omgeving waar je vanuit je raam, of vanuit het nog te ontwikkelen Maaspark, spectaculair zicht hebt op voorbijvarende schepen. 
De belangrijkste pijlers van dit stadsprogramma zijn de (woning)bouwontwikkelingen en de herinrichting van de gehele openbare ruimte en infrastructuur. Daarnaast wordt gestuurd op het fysiek mogelijk maken en zorgdragen voor het laten realiseren van voorzieningen, zoals scholen, zorg, horeca, werkplaatsen en kantoren. Hierdoor ontstaat een nieuw stadsdeel, met een stoer en groen jasje. Een stadsdeel waar volop bedrijvigheid is en waar mensen langs de kaden flaneren en genieten van het Maaspark met zicht op de Nieuwe Maas.
Samen met ontwikkelaars voegen we de komende jaren rond de 3000 woningen toe aan dit gebied. De Rivierzone wordt een wijk waar iedere Vlaardinger een fijn en betaalbaar dak boven het hoofd kan vinden. Ook in 2025 hebben we weer flinke voortgang geboekt binnen de ontwikkeling van de Rivierzone.

Ambities

Terug naar navigatie - Nieuwe Rivierzone - Ambities

(Woning)bouwontwikkelingen

Terug naar navigatie - Nieuwe Rivierzone - Ambities - (Woning)bouwontwikkelingen

Gemengd programma voor alle doelgroepen

Om de Vlaardingse woningmarkt in balans te brengen, bouwen we ook in de Rivierzone een gemengd programma voor alle doelgroepen, zowel huur als koop, in de categorie duur, middelduur, bereikbaar maar ook sociaal. Hiermee bevorderen we doorstroom op de woningmarkt binnen en buiten Vlaardingen.

Klimaatadaptief en natuurinclusief

De woningen zullen zo veel mogelijk klimaatadaptief en natuurinclusief zijn. Door realisatie van de hoogwateroplossing blijven de kades ook met hoogwater droog. Erfgoedpanden kunnen nieuwe bestemmingen krijgen, zodat zij gerestaureerd worden. Diverse partijen rond KW-haven en Buitenhaven zijn, in combinatie met nieuwbouw, al actief met de planvorming hiertoe.

Acties

Openbare ruimte en infrastructuur

Terug naar navigatie - Nieuwe Rivierzone - Ambities - Openbare ruimte en infrastructuur

Door het water van de kades te houden zorgen we voor droog gebied met een goede bereikbaarheid voor bewoners en ondernemers tijdens hoogwater. We beschermen ook het cultureel erfgoed en maken het daarmee ook mogelijk dat hier nieuwe functies in kunnen komen.

Niet alleen op de kades maar ook in de rest van de Rivierzone krijgen de voetgangers en fietsers meer ruimte door een grotendeels autoluwe omgeving met gebouwde parkeervoorzieningen.

We zetten in op een toegankelijke openbare ruimte waarin de behoeften van alle Vlaardingers waar mogelijk zijn meegenomen. We ontwerpen dus een inclusieve buitenruimte met daarin aandacht voor een dementievriendelijk omgeving en een 'vergevingsgezinde infrastructuur' (dit is een inrichting van de infrastructuur met maatregelen om de nadelige gevolgen van menselijke fouten in het verkeer te minimaliseren ). 

Het verbinden van de stad met het water gaan we vormgeven door fietsers en wandelaars indien mogelijk te scheiden van autoverkeer, de oversteek over spoor, dijk en weg beter inrichten, maar ook door aansluitingen vanuit de Rivierzone op de Deltaweg en de Vulcaanweg goed vorm te geven.

Acties

Voorzieningen

Terug naar navigatie - Nieuwe Rivierzone - Ambities - Voorzieningen

Zorg voor voorzieningen:

In de Rivierzone bouwen we aan een toekomstbestendige stad waar onderwijs, zorg, werk en mobiliteit samenkomen. Vanuit een stimulerende en faciliterende rol maken we ruimte voor een moderne mbo-campus met sporthal, een nieuwe basisschool en een gezondheidscentrum, zodat Vlaardingen uitgroeit tot een echte onderwijs- en zorgstad. We stimuleren schone bedrijvigheid, creatieve werkplekken en passende horeca, en zorgen voor goede verbindingen met de metro, het centrum en de waterkant volgens het STOMP-principe (van Stappen naar Trappen, OV, (moderne) mobiliteitsoplossingen en dan pas privéauto's) . Zo wordt de Rivierzone een levendige, gezonde en goed bereikbare stadswijk voor iedereen.

Acties

Financiële middelen

Terug naar navigatie - Nieuwe Rivierzone - Financiële middelen

Voor dit stadsprogramma hebben wij in onderstaande tabel opgenomen de begrote en de gerealiseerde bedragen over 2025.

Bedragen x € 1.000) Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Nieuwe Rivierzone, incidenteel 0 1.149 1.459 -310 Wonen
Totaal 0 1.149 1.459 -310

Nieuwe Binnenstad

Inleiding

Terug naar navigatie - Nieuwe Binnenstad - Inleiding

In 2025 is erop diverse ‘sporen’ van het Programma Nieuwe Binnenstad vooruitgang geboekt, zowel in de planvorming voor de lange-termijn gebiedsontwikkeling als bij de korte termijn ingrepen, met name om de buitenruimte te verbeteren. De additionele middelen die in 2025 zijn vrijgemaakt zijn aangewend voor onderzoeken ten behoeve van de gebiedsontwikkeling en het verbeteren van de buitenruimte in de binnenstad. 

Ambities

Terug naar navigatie - Nieuwe Binnenstad - Ambities

Compacte Binnenstad

Terug naar navigatie - Nieuwe Binnenstad - Ambities - Compacte Binnenstad

Omschrijving (toelichting)

We hebben door diverse onderzoeken een beter beeld bij hoe een compacte binnenstad eruit moet zien.

Acties

Bruisende Binnenstad

Terug naar navigatie - Nieuwe Binnenstad - Ambities - Bruisende Binnenstad

Omschrijving (toelichting)

Het creëren van een bruisende binnenstad is een belangrijke ambitie binnen het programma Nieuwe Binnenstad. Om die ambitie te realiseren zijn er verschillende elementen waarmee we aan de slag zijn gegaan. De volgende acties uit 2025 hebben bijgedragen bij aan het verhogen van de beleving en verblijfskwaliteit in de binnenstad.

Acties

Bereikbare Binnenstad

Terug naar navigatie - Nieuwe Binnenstad - Ambities - Bereikbare Binnenstad

Omschrijving (toelichting)

In een gebiedsontwikkeling dragen gemeentelijke investeringen in de openbare ruimte bij aan het verbeteren van de kwaliteit van de leefomgeving, zoals het Liesveldpark.

Acties

Schone, Hele & Veilige Binnenstad

Terug naar navigatie - Nieuwe Binnenstad - Ambities - Schone, Hele & Veilige Binnenstad

Omschrijving (toelichting)

Een andere belangrijke pijler is een schone, hele en veilige binnenstad. De binnenstad moet een visitekaartje zijn. Dit past in het beeld van het Koopstromenonderzoek waarin staat dat consumenten de sfeer, de beleving, de veiligheid en netheid in een centrum zeer belangrijk vinden in de totale beoordeling van een centrum. Het is belangrijk dat de binnenstad een hoge verblijfskwaliteit heeft. De buitenruimte moet aantrekkelijk ingericht zijn, een geheel vormen en passen bij de functies van het gebied. Voor de programmalijn Schone, Hele & Veilige Binnenstad binnen Programma Levendige Binnenstad betekent dit dat we in 2025 de volgende acties hebben uitgevoerd: 

Acties

Toekomstbestendige en gezonde binnenstad

Terug naar navigatie - Nieuwe Binnenstad - Ambities - Toekomstbestendige en gezonde binnenstad

Omschrijving (toelichting)

Stevige vooruitgang is geboekt op het deelomgevingsprogramma Integrale gebiedsontwikkeling Nieuwe Binnenstad en het daarbij behorende Ontwikkelkader (concept vastgesteld in 2025), het plan voor de lange-termijn ontwikkeling van de binnenstad. Dit doen we niet alleen, maar in nauwe samenwerking met vastgoedeigenaren, ondernemers en met betrokkenheid van inwoners. Hierbij wordt ingezet op het autoluw maken van de binnenstad, het toevoegen van 800 woningen, een radicale omvorming van het Liesveldviaduct naar een groene leefomgeving.

De woningbouwambitie in de binnenstad is primair in verband met de huidige wooncrisis naar boven bijgesteld, met een focus op het hogere (middel-) dure huur en koopsegment. Tegelijkertijd maken deze toekomstige bewoners gebruik van de maatschappelijke, culturele en commerciële voorzieningen en daarmee de kwaliteit van de binnenstad. Zoals hiervoor al werd vermeld, is een subsidie van 8,5 mln ontvangen voor Woningbouw op korte termijn (WOKT). Daarnaast zijn de voorbereidingen getroffen voor de 8e tranche van de subsidieregeling Woningbouwimpuls (WBI), waarvoor in Q1 2026 een subsidieaanvraag werd ingediend.  

Vooruitlopend op de gebiedsontwikkeling is beleid vastgesteld dat invloed heeft op de haalbaarheid van de ontwikkeling. Het gaat onder andere om nieuwe parkeernormen, het  deelomgevingsprogramma Duurzame Mobiliteit, de Kaderstellende Startnotitie Nieuwe Binnenstad en programmatische en ruimtelijke uitgangspunten die zijn vertaald in het deelomgevingsprogramma Integrale gebiedsontwikkeling Nieuwe Binnenstad en het Ontwikkelkader. In 2026 wordt het deelomgevingsprogramma, aangevuld met uitgangpunten voor een economisch vitale binnenstad, uitgewerkt tot het Omgevingsprogramma Binnenstad. Dit programma wordt aangevuld met een milieueffectrapportage en een gebiedsexploitatie.

Acties

Het activeren, meekrijgen en stimuleren van samenwerking met en tussen stakeholders in de binnenstad

Terug naar navigatie - Nieuwe Binnenstad - Ambities - Het activeren, meekrijgen en stimuleren van samenwerking met en tussen stakeholders in de binnenstad

Omschrijving (toelichting)

Met diverse stakeholders hebben gesprekken plaatsgevonden in het kader van de herontwikkeling. We hebben gesproken met ondernemers; sommigen op wie de herontwikkeling directe invloed had en sommigen die zich goed wilden voorbereiden op de ontwikkelingen. Ook zijn gesprekken gevoerd met VvE’s, met de Coöperatie Weekmarkt en met de SSV (Stichting Stadshart Vlaardingen). 

Acties

Levendige en gave binnenstad

Terug naar navigatie - Nieuwe Binnenstad - Ambities - Levendige en gave binnenstad

Omschrijving (toelichting)

In het afgelopen jaar zijn diverse projecten uitgevoerd om de leefbaarheid en uitstraling van de binnenstad te verbeteren. Dit gebeurde in nauwe samenwerking met bewoners, ondernemers en andere betrokken partijen.

Acties

Financiële middelen

Terug naar navigatie - Nieuwe Binnenstad - Financiële middelen

De totale realisatie in 2025 is uitgekomen € 2.305.882,-op een budget van € 2.606.198,-. Omdat naar verwachting de kosten de komende jaren flink zullen gaan oplopen, vooral door strategische aankopen en andere investeringen in de Binnenstad, is het voorstel om de onderbesteding  ten gunste te laten komen van de begroting Programma Binnenstad de komende jaren.

Bedragen x € 1.000) Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Binnenstad 2.936 2.606 2.302 304 Onderwijs, Economie en Haven
Totaal 2.936 2.606 2.302 304

Nieuwe Westwijk

Inleiding

Terug naar navigatie - Nieuwe Westwijk - Inleiding

Het stadsprogramma de nieuwe Westwijk bestaat voornamelijk uit de uitvoering van de activiteiten van het programma onder regie van het programmabureau en onder verantwoordelijkheid van de stuurgroep. Als gemeente leverden we hier in 2025 een financiële bijdrage voor. Het afgelopen jaar verstevigden we verder het nationaal programma in de Westwijk.

In april 2025 is de waarnemend programmadirecteur benoemd tot de nieuwe programmadirecteur, zodat de werkzaamheden in volle vaart verder konden.

Onze gemeente vervult binnen dit kader belangrijke functies:

  1. Juridische Basis: Zorgt voor een betrouwbare juridische onderbouwing van initiatieven.
  2. Personeelsbeleid: Trekt en behoudt cruciale professionals voor projectrealisatie.
  3. Financieel Beheer: Waakt over zorgvuldig beheer en verantwoording van middelen.
  4. Samenwerking: Bevordert de samenwerking voor maximale programma-impact
  5. Stuurgroep: neemt deel  aan de stuurgroep in de persoon van de portefeuillehouder uit het college.

In 2025 zijn succesvolle en uitgebreide aanvragen gedaan voor financiering door de Rijksoverheid. Zowel de subsidieaanvraag Preventie met Gezag als voor de SPUK Kansrijke wijk werden goedgekeurd.

Ambities

Terug naar navigatie - Nieuwe Westwijk - Ambities

Perspectief voor elk Kind

Terug naar navigatie - Nieuwe Westwijk - Ambities - Perspectief voor elk Kind

Omschrijving (toelichting)

Het afgelopen jaar hebben we samen met de drie IKC’s in de wijk verder gewerkt aan uitvoering en organisatie van de programma-activiteiten rondom het kind. Enkele hoogtepunten die hierin te benoemen zijn:

  • Laagdrempelige ondersteuning op IKC’s voor gezinnen en doorbraken forceren (doelgroep is 2 tot 12 jaar en ouders van PO). Dankzij hun inzet zijn er in 2025 168 kinderen en 134 ouders ondersteund; de maatschappelijke werkers worden steeds bekender binnen de scholen en hebben korte lijnen met zorgverleners. In sommige casussen blijkt de problematiek stevig; zowel individueel als in klas- of groepsverband. 2025 heeft laten zien dat de maatschappelijke werkers signalen snel opvangen en goed kunnen schakelen met lokale partners om in samenwerking tot juiste vervolgstappen te komen.
  • In 2025 hebben alle kinderen op de IKC een aanbod ontvangen op het gebied van talentontwikkeling (naschools programma-aanbod). In 2025 hebben de scholen hun schooltijden op elkaar aangepast, zodat verder samenwerking mogelijk is. In 2025 is eveneens succesvol financiering bij het Rijk aangevraagd voor financiering voor de jaren 2026-2029. Daarmee kan de komende drie jaar verder worden gebouwd aan uitbreiding van het programma.
  • In 2025 is de Rupsengroep geopend. De Rupsengroep biedt een plek voor jongere kinderen die nog niet klaar zijn voor de basisschool. Dat kan op didactisch vlak, of sociaal-cognitieve punten. Met de Rupsengroep maken we kinderen klaar voor het regulier onderwijs, en houden we kinderen in hun eigen wijk zonder door te verwijzen naar speciaal onderwijs. In 2025 was er plek voor 12 kinderen uit de wijk.
  • PIT-team: Inzet van het PIT-team (het Preventie Interventieteam) voor gezinsgerichte problematiek. Toeleiding vindt plaats vanuit het basisonderwijs.
  • In het begin van het schooljaar 2025 is het PIT-team doorontwikkeld door op meer dagen en vaste tijden sessies te plannen. Leerlingen ervaren dit als een verbetering: de sessies zijn populair en de hulp is doelgerichter. Bovendien zijn de studiesessies uitgebreid om jongeren tot ongeveer 23 jaar ook op te vangen, in plaats van 18 jaar. Dankzij kortere en directe lijnen met scholen vinden leerlingen deze begeleiding optie makkelijker. Daarbij is de verbinding van de jongerenwerkers verbeterd met andere partners in het onderwijs, welzijn en vrijetijdsbesteding waardoor er meer contact is met leerlingen. Daarnaast is bij 10 leerlingen studievertraging/uitval voorkomen door stagebegeleiding.
  • Vechten met de Meiden is een preventief sportprogramma dat bijdraagt aan het versterken van weerbaarheid, zelfvertrouwen en sociale verbondenheid. In 2025 hebben 22 meiden tussen de 12 en 15 jaar meegedaan aan het traject. De meiden zeggen aan het einde van het traject niet alleen te willen blijven sporten, maar ook dat ze vriendschappen hebben opgebouwd met andere deelnemers. Het programma blijft door ontwikkelen in 2026 met oog voor de wensen van de deelnemende meiden om de impact te vergroten. In 2025 is het gelukt om meerjarige financiering te organiseren. 

 

Iedereen doet mee

Terug naar navigatie - Nieuwe Westwijk - Ambities - Iedereen doet mee

Omschrijving (toelichting)

Enkele hoogtepunten rondom de programmering voor ouders en gezinnen zijn:

  • In de pilot Lerende Flat is in 2025 onderzocht op welke wijze signalen over kwetsbaarheid in de wijk beter benut kunnen worden binnen de kaders van privacywetgeving. Daarbij is onder andere verkend of en hoe informatie op postcode-6 niveau kan worden gebruikt om patronen in kwetsbaarheid te duiden. Hiervoor is een Data Protection Impact Assessment (DPIA) uitgevoerd waarin risico’s van gegevensverwerking in beeld zijn gebracht. Op basis hiervan wordt in 2026 verder uitgewerkt welke vormen van informatiegebruik juridisch en praktisch mogelijk zijn voor het selecteren van een geschikt woningcomplex voor de pilot.Start pilot preventiemedewerker schuldhulpverlening. Voor inwoners met (beginnende) geldzorgen is laagdrempelige ondersteuning beschikbaar in de Westwijk, onder andere via aanwezigheid in het wijkcentrum en bij activiteiten.

 

  • Start pilot preventiemedewerker schuldhulpverlening. Voor inwoners met (beginnende) geldzorgen is outreachende ondersteuning in de Westwijk aanwezig, laagdrempelig in het wijkcentrum en tijdens activiteiten.

Het bereik in de wijk is in 2025 22,32 procent en de verwijzing naar een hulptraject 43,58 procent. Voor heel Vlaardingen zijn die percentages respectievelijk 27,00 en 34,67. Impactmetingen laten een toename zien van financiële weerbaarheid en positieve effecten op mentale gezondheid. Het voortzetten van preventieve schuldhulpverlening is cruciaal voor vertrouwen en tijdige hulp om maatschappelijk en financieel zwaardere problemen te voorkomen. Uitbreiding via aanwezigheid op scholen en bibliotheken is een focus in 2026.

  • Wat zijn de behoeften en belemmeringen van alleenstaande moeders in de bijstand? In de Westwijk is in 2025 een plan van aanpak gemaakt om dit te onderzoeken als basis voor passende interventies. Het behoefteonderzoek voeren we uit in 2026 en moet leiden tot een vergroting van participatie en bestaanszekerheid voor deze moeders.
  • Buurtgezinnen Vraaggezinnen en steungezinnen vinden elkaar voor tijdelijke verlichting en ondersteuning waar daaraan behoefte is. Buurtgezinnen organiseerde hiervoor activiteiten op scholen en in het wijkcentrum. In 2025 zijn 18 matches gemaakt.

Werk en opleiding

Terug naar navigatie - Nieuwe Westwijk - Ambities - Werk en opleiding

Omschrijving (toelichting)

In 2025 zijn we gestart met het onderdeel werk. In het eerste half jaar hebben we de volgende interventies georganiseerd:

  • Werk Leer Loket. In 2025 is het programma verder uitgedacht zodat het in 2026 in de uitvoering als pilot kan worden opgestart. Het loket moet een herkenbaar en laagdrempelig hart van de buurt worden, waarbij bewoners informatie, begeleiding, training en directe verbinding met werkgevers en opleidingen vinden. Hierbij kijken we ook naar de ervaringen in Rotterdam. Het loket moet meer dan alleen een balie zijn; het is een inspiratiepunt en een plek waar nieuwe kansen op de arbeidsmarkt ontstaan, voor iedereen die ondersteuning kan gebruiken bij het vinden van passend werk.
  • Werkfestival. Werkgevers en werkzoekenden ontmoeten elkaar tijdens een fysiek evenement met een banenmarkt en workshops 2026 evalueren we deze bijeenkomst Daarbij kijken we ook naar het organiseren van een fysiek werk-leerloket waardoor de match met opleidingen en werk in de wijk kan worden gemaakt.

Veilige buurten

Terug naar navigatie - Nieuwe Westwijk - Ambities - Veilige buurten

Omschrijving (toelichting)

Enkele hoogtepunten rondom de programmering van veiligheid:

  • Veiligheidspost en veiligheidsteam Westwijk. De post is in 2025 uitgegroeid tot een uitvalsbasis voor toezichthouders, boa’s en wijkagenten. Het wekelijks spreekuur op de locatie werd gemiddeld bezocht door 9 inwoners. Door meer te investeren in goede samenwerking politie en handhaving, goede informatie-uitwisseling, en vaste gezichten en aanspreekpunten hebben we verder gebouwd aan een veilige wijk. De raad heeft via een amendement besloten dat er twee toezichthouders kunnen worden ingezet.
  • Preventie interventieteam op basisscholen. Het Preventie Interventie Team (PIT) ondersteunt op basis van vroegsignalering kinderen van 4 tot 12 jaar met (ernstig) externaliserend gedrag en hun gezin. PIT vormt een van de steunpilaren voor de aanpak Preventie met Gezag (PmG). De drie basisscholen in de Westwijk zijn zeer tevreden met deze extra inzet, die direct helpt om situaties te verbeteren. In 2025 heeft het PIT 16 kinderen en hun gezinnen onderzocht, begeleid en passende hulp geboden. Het doel voor 2026 is het uitbreiden van deze interventie.
  • Inzet van de RIO Westwijk (re-integratie officier). De RIO (0,5 FTE) ondersteunt inwoners van 16–35 jaar die uit detentie komen en helpt hen werken aan toekomstperspectief op het gebied van school, werk, financiën en huisvesting, om terugval in criminaliteit te voorkomen. In 2025 zijn in totaal 14 casussen begeleid.  
  • In het laatste kwartaal van 2025 werd ondermijning in de Westwijk onderzocht. De conclusies van dit onderzoek worden in 2026 binnen de alliantie van veiligheidspartners besproken, evenals mogelijke vervolgstappen om een gerichtere aanpak vorm te geven. 
  • Periodiek voerden de politie en het interventieteam van de gemeente verschillende veiligheidsacties en controles uit in de Westwijk gedurende 2025. Dit ging om verkeersacties, preventieve fouilleeracties, drugsacties, ondermijning en woonfraude controles. Deze acties waren op straat, in woningen, bedrijfspanden en op het bedrijventerrein De Vergulde Hand, dat aan de Westwijk grenst. Tijdens deze acties werd direct geacteerd en samengewerkt met partners in geval van criminele activiteiten.  
  • Eind 2025 is de quickscan bevindingen en aanbevelingen gepresenteerd over veiligheidsbeleving Westwijk. Deze quickscan biedt inzicht in verschillende aspecten: de veiligheidsbeleving in de Westwijk (en welke factoren dit gevoel beïnvloeden) en de onderwerpen van veiligheidsbeleving die spelen in de Westwijk. Ten slotte was de focus op aanbevelingen aandragen voor de alliantie in de Westwijk om de veiligheidsbeleving te verhogen. Begin 2026 worden deze bevindingen gepresenteerd aan diverse partners van de alliantie van Wij de Westwijk.
  • Jeugdboa’s. In 2025 zijn twee jeugdboa’s ingezet om jongeren in de Westwijk actief op straat, bij scholen, sportclubs en ontmoetingsplekken te benaderen en op jeugdoverlast op te treden. Zij hebben in 2025 een plan ontwikkeld om hun nieuwe rol vorm te geven. In 2026 zal dit nieuwe plan verder doorgezet worden.
  • Jongerenwerkers waren in 2025 extra aanwezig in de Westwijk op de basisscholen, middelbare scholen en het MBO. De focus van deze jongerenwerkers is op outreachend contact maken met jongeren en hen vroegtijdig te begeleiden als zij problemen ervaren. 2025 laat zien dat jongerenwerkers op de scholen steeds beter in contact staan met scholen en partners. Bovendien hebben meer jongeren de jongerenwerkers gevonden en zijn zij begeleid door de werkers in 2025

 

Leefbare wijk

Terug naar navigatie - Nieuwe Westwijk - Ambities - Leefbare wijk

Omschrijving (toelichting)

Enkele hoogtepunten rondom de programmering van leefbaarheid:

  • In 2025 zijn er 25 wijkambassadeurs die actief meededen binnen verschillende thema’s van Wij de Westwijk en bewoners betrokken bij activiteiten; hieronder vallen onder andere de opening van het Marnixpark, als vrijwilligers optreden als verkeersbrigadiers en meehelpen met het Werkfestival. In het laatste kwartaal volgden zij een training gesprekstechnieken, waardoor zij bewoners beter  kunnen benaderen.
  • Minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening Mona Keijzer heeft op 20 januari 2025 een werkbezoek gebracht aan de Westwijk om de samenwerking tussen organisaties en bewoners in de wijk te zien. Daarnaast stond het thema van verbeteren en vernieuwen van de woningvoorraad en woonomgeving centraal. De gemeente en woningbouwcorporatie legden hun plannen bij de minister voor. Ten slotte heeft de minister Wijkcentrum West en Talentstage Huis Level Up bezocht en met bewoners gesproken over wonen en leven in de Westwijk.
  • In een formele afspraak van 24 juni 2025 hebben het Rijk, NPLV gebieden en gemeenten ingestemd met versnelde bouwplannen voor betaalbare woningen in de NPLV gebieden, waaronder de Westwijk en de gemeente Vlaardingen. Volgens deze afspraak voorziet de gemeente Vlaardingen in de bouw van 1257 extra woningen in de Westwijk waarvan er 407 versneld gebouwd worden. Met aandacht voor diverse woningsoorten zou doorstroming binnen de wijk beter mogelijk gemaakt worden. Met extra aandacht voor herzien van openbare ruimten investeert de gemeente ook in een sociale, gezondere en veiligere wijk. 
  • Op 14 juni 2025 werd de Stadskaravaan in de Westwijk georganiseerd. Een gratis cultuurfestival in Vlaardingen voor jong en oud. Met muziek, theater, dans en eten. Het evenement werd samen met buurtbewoners (waaronder de wijkambassadeurs), de lokale partners (onder andere Minters. Level UP en bibliotheek De Plataan), de Kroepoekfabriek en KADE40 georganiseerd. Bezoekers konden workshops volgen, optredens bijwonen en genieten van lokale hapjes gemaakt door de bewoners.
  • Pilot ophaallocatie Afval. Deze aanpak staat voor het starten van een pilot voor aanvullende grofvuil-ophaallocaties in een buurt van de Westwijk. Op deze manier hoeven bewoners niet zelf naar het grofvuil en hun afval zelf sorteren, maar wordt dat door partners gesorteerd op een centraal punt in de wijk. In 2025 werd in de buurt Lage Weide een mobiele pilot gedraaid, waarvan de resultaten in 2026 worden geanalyseerd.
  • Meerdere keren per jaar organiseert het programmabureau met inwoners en professionals zoals woningbouwcorporaties een wijkschouw met daarbij een schoon- en heel week waarbij opruimacties en reparaties door de gemeente en partners wordt georganiseerd. In 2025 vonden deze acties in maart en november plaats. 
  • Vergroening van Wijken. In 2025 zijn de parkeerplaats van winkelgebied Dirk de Derdelaan, het schoolplein van IKC de Wereldwijzer en het plein naast de wijkbieb ingericht en vergroend.

Voor de volledige activiteiten verwijzen we naar het jaarverslag Wij de Westwijk 2025. 

Financiële middelen

Terug naar navigatie - Nieuwe Westwijk - Financiële middelen

Voor dit stadsprogramma staat in onderstaande tabel opgenomen welke bedragen in 2025 zijn begroot en welke bedragen in 2025 gerealiseerd zijn. 

Bedragen x € 1.000) Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Nieuwe Westwijk 562 1.037 1.089 -51 Sociaal Domein
Bijdragen partners -102 -102 -105 3 Sociaal Domein
Inkomsten- subsidies 0 -475 -475 0 Sociaal Domein
Totaal 460 460 508 -48

Nieuwe Energie

Inleiding

Terug naar navigatie - Nieuwe Energie - Inleiding

'Een stad die minder afhankelijk is van fossiele energiebronnen'

Een stad die in zijn energie en warmte voorziet door middel van duurzame bronnen, aan dat toekomstbeeld werkten we ook in 2025. Een omslag die we alleen kunnen maken, als we dat samen doen. We hebben in 2025 in samenspraak met de gemeenteraad, inwoners, organisaties en bedrijven gewerkt aan concrete stappen in de energie- en warmtetransitie en energiebesparing. Daarbij hanteerden we als uitgangspunt dat de gemeente haar eigen verantwoordelijkheid moet nemen en dat we anderen stimuleren om dat ook te doen. Degenen voor wie dat een uitdaging is door onvoldoende eigen middelen, die helpen we. Zo werken we niet alleen aan stappenrichting een duurzamere toekomst, maar zo blijft ook de energierekening betaalbaar voor iedereen. 

In 2025 boekten we de volgende resultaten op onze vier focuspunten:

  1. Stadsbrede energiebesparing:  De woningscans van de 10 aardgasvrije straten die we in 2024 zijn gestart zijn opgeleverd. De resultaten hiervan zijn beschikbaar gemaakt in het digitale woon- en energieloket van de gemeente wat sinds de zomer van 2025 online toegankelij is. De Lokale Aanpak Isolatie (LAI) is in november 2025 opengesteld, de eerste fase was binnen 3 weken al vol.
  2. Uitvoeren drie aardgasvrije wijken:  In 2025 is een intentieovereenkomst gesloten met Netverder om te kijken of de businesscase voor de Drevenbuurt haalbaar te maken is. Daarnaast werken we met beide woningbouwcorporaties, als uitwerking van de prestatieafspraken aan een intentieovereenkomst om de hele Holy aardgasvrij te maken. Deze overeenkomst wordt verwacht in het eerste kwartaal van 2026. Daarnaast is ook de notitie reikwijdte en detailniveau voor het omgevingsprogramma warmte vastgesteld. Zodat eind 2026 het programma kan worden vastgesteld op basis van een in 2026 uit te voeren MER. Naast de geplande acties is in 2025 ook nog 2,1 mln subsidie binnen gehaald voor plankosten om de voorbereiding van het aardgasvrij maken van de Holy verder voor te bereiden
  3. Gemeentelijk vastgoed verduurzamen: De verduurzaming van ons vastgoed is in voorbereiding. De projecten die voor 2024 en 2025 op de planning stonden, zijn in 2025 verduurzaamd. Daarnaast wordt vanaf 2026 alle gemeentelijke stroom duurzaam lokaal ingekocht
  4. Realiseren meer hernieuwbare energie (zon, wind, duurzame warmte):  Het realiseren van meer hernieuwbare energie loopt op schema. Er zijn nog twee windmolens bij de Blankenburgverbinding en 1 bij DFDS in voorbereiding. De intentieovereenkomsten voor deze inititiatieven worden in het eerste kwartaal van 2026 ondertekend. Naast de beoogde acties is er in 2025 ook nog ingezet op het binnenhalen van 2,25 mln subsdie in het kader van het project “Roos” om het energiesysteem van Vlaardingen rondom de 2 turbines bij de Blankenburgverbinding en de nieuw te realiseren AWZI robuuster te maken.

Ambities

Terug naar navigatie - Nieuwe Energie - Ambities

20% energie besparen in 2030 t.o.v. 2014

Terug naar navigatie - Nieuwe Energie - Ambities - 20% energie besparen in 2030 t.o.v. 2014

Voor iedereen die aan de slag wil met het verduurzamen van de woning (ook de woningeigenaren in de aardgasvrije wijken) gaan wij het Servicepunt Woningverbetering uitbreiden met een Energieloket waar mensen terecht kunnen voor informatie, advies en ondersteuning en geholpen worden bij het verkrijgen van financiering en/of subsidies. Wij onderzoeken of een nieuw (of een aangepast en/of uitgebreid) revolverend fonds meerwaarde heeft om Verenigingen van Eigenaren extra te ondersteunen. Dit fonds maakt  het mogelijk laagrentende leningen te verstrekken aan VVE’s die naast woningverbetering aan de slag willen met verduurzamen.

Met informatie, voorlichting en handhaving bevorderen wij: CO2-arme nieuwbouw van woningen en utiliteitsgebouwen; de energiebesparingsplicht van bedrijven en toetsen wij op de energielabel C verplichting voor kantoorpanden (vanaf 2023). Naast ons eigen gemeentelijk vastgoed stimuleren wij het verduurzamen van het andere  maatschappelijke vastgoed en het commerciële vastgoed in de stad.

Acties

Verlagen van de energierekening (voorkomen en verminderen armoede)

Terug naar navigatie - Nieuwe Energie - Ambities - Verlagen van de energierekening (voorkomen en verminderen armoede)

We zetten energiecoaches in om de doelgroep te helpen met eenvoudige en relatief goedkope maatregelen die leiden tot een lagere energierekening

Acties

Per jaar gemiddeld 1.200 woningen en 140 utiliteitsgebouwen aardgasvrij tot 2030

Terug naar navigatie - Nieuwe Energie - Ambities - Per jaar gemiddeld 1.200 woningen en 140 utiliteitsgebouwen aardgasvrij tot 2030

De huidige coalitieperiode staat voor de energietransitie in het teken van het fundament leggen om exponentiele groei te kunnen gaan realiseren om uiteindelijk tegen 2030 op gemiddeld 1200 woningen per jaar te komen, zoals afgesproken in het coalitieakkoord Groei & Bloei. Hierin kiezen wij voor een combinatie van top-down en bottom-up aanpak.

Top-down: in samenwerking belangrijkste stakeholders (woningbouwcorporaties, Stedin, etc.) tot integrale toekomstplannen komen (daar vraagt de energietransitie namelijk om). In een nieuw op te stellen Warmteprogramma (de opvolger van de Transitievisie Warmte) zullen we het tijdspad tot 2050 verder concretiseren. Daarnaast bundelen we regionaal de krachten richting Rijksoverheid om te zorgen dat er een sterker (betaalbaar) aanbod voor warmtenetten kan komen.
Bottom-up: de pilot aardgasvrij zijn we aan het opschalen van woningen naar een straataanpak, waarbij we bewoners heel concreet ondersteunen middels advies en subsidies om hun huis aardgasvrij te maken.
 
Tevens wordt een brede aanpak om woningen in Vlaardingen te isoleren uitgerold. Dit varieert van kleine maatregelen voor bewoners met een kleine portemonnee tot een brede collectieve inkoopactie voor alle Vlaardingse woningeigenaren

Acties

Drie buurten aardgasvrij in 2032

Terug naar navigatie - Nieuwe Energie - Ambities - Drie buurten aardgasvrij in 2032

Drie buurten lijkt te ambitieus. Op dit moment ligt de focus op de Drevenbuurt. Voor de hele Holy is een intentieovereenkomst voorbereid met de beide woningbouwcorporaties

Acties

27 Megawatt windenergie in 2025 (vergund)

Terug naar navigatie - Nieuwe Energie - Ambities - 27 Megawatt windenergie in 2025 (vergund)

Wij geven uitvoering aan het Beleidskader windenergie (2017) en het Convenant Realisatie Windenergie Stadsregio Rotterdam. Hierin is in stadsregionaal verband en met provincie een inspanningsverplichting afgesproken waarmee we uiterlijk in 2025 minimaal 21 Megawatt windenergie hebben gerealiseerd. Na de realisatie in 2023 van 2 windturbines in het Oeverbos werken we in 2024-2025 aan de ontwikkeling van nog drie windturbines. Een windturbine aan de Vlaardingse kant van de Benelux-tunnel op het terrein van DFDS. Twee windturbines aan weerszijden van Maasdelta-tunnel (Oeverwind 2). Dit doen we in samenwerking met het Vlaardings Energiecollectief, de Windvogel, Energiecoöperatie Waterweg en de Energie coöperatie Rotterdam Rijnmond. Samen met de gemeente Schiedam en de hiervoor genoemde partijen ondersteunen we bovendien de ontwikkeling van een windturbine aan de Schiedamse kant van de Benelux-tunnel.

Acties

40% benutbaar dakoppervlak met zonnepanelen in 2030

Terug naar navigatie - Nieuwe Energie - Ambities - 40% benutbaar dakoppervlak met zonnepanelen in 2030

Deze ambitie is opgenomen in de nieuwe Omgevingsvisie waardoor nieuwe projecten een grote bijdrage zullen leveren om deze ambitie te realiseren.

Acties

Financiële middelen

Terug naar navigatie - Nieuwe Energie - Financiële middelen

Voor het stadsprogramma Nieuwe Energie ie er € 1.000.000 per jaar beschikbaar gesteld. De grootste uitdaging binnen het stadsprogramma is het aardgasvrij maken van wijken door de aanleg van collectieve warmtevoorzieningen. De voorbereidingen hiervan lopen langer dan de huidige collegeperiode er is sprake van een voorbereiding van meerdere jaren. Voor het definitief kunnen vast stellen van businesscases moet de WCW door de Rijksoverheid zijn vastgesteld. Daarom wordt voorgesteld om de middelen die zijn gereserveerd voor het stadprogramma Nieuwe Energie voor 2025 over te hevelen naar 2026. Het voorstel is om deze middelen in een bestemmingsreserve energietransitie te stoppen. Dit doet recht aan het doel. Het aardgasvrij maken van de eerste wijken kent, door nog niet vastgestelde wetgeving, een vertraging. Door de middelen in een bestemmingsreserve te stoppen blijven we als gemeente in staat om het proces van voorbereiding en onderzoeken te faciliteren en daarnaast een bijdrage of co-financiering te leveren voor subsidies die landelijk beschikbaar komen en/of een bijdrage te leveren aan het verplichte publieke warmtebedrijf. In de jaarrekening gaat het om een bedrag van € 687.659,85 welk in de reserve wordt gestort.

Bedragen x € 1.000) Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Nieuwe Energie 2.419 1.176 448 728 Groen en Milieu
Inkomsten-subsidies 0 44 50 -6 Groen en Milieu
Totaal 2.419 1.220 498 722

Veilig Vlaardingen

Inleiding

Terug naar navigatie - Veilig Vlaardingen - Inleiding

In 2025 zette de gemeente Vlaardingen zich opnieuw actief in om de veiligheid en leefbaarheid in in de stad te verbeteren. Het Stadsprogramma Veilig Vlaardingen vormde hierbij het kader. Dit programma richt zich op:

  • Versteviging van de aanpak van ondermijning;
  • Intensivering van de aanpak van woonoverlast;
  • Versterking van de samenwerking tussen zorg en veiligheid, met focus op jongeren.

Daarnaast zijn vanuit de prioriteiten van het Integraal Veiligheidsplan (IVP) twee extra thema’s opgepakt; digitale veiligheid en de aanpak van de problematiek rondom arbeidsmigranten.

Veiligheid dicht bij de inwoners

Onze inzet richtte zich op preventie met zichtbaar toezicht. Zo is de wijkboa in het centrum drie maanden lang als pilot volledig vrijgesteld van reguliere taken en specifiek ingezet op signalering, preventie en contact met inwoners en ondernemers. Deze pilot heeft laten zien dat door de aanwezigheid van de wijkboa:

  • Het veiligheidsgevoel van inwoners en ondernemers is verhoogd;
  • De zichtbaarheid en toegangkelijkheid van de gemeente is toegenomen;
  • Problemen vroegtijdig konden worden gesignaleerd, waardoor escalatie werd voorkomen;
  • De samenwerking tussen gemeente, politie en partners werd verstevigd.

Op basis van de resultaten is besloten de wijkboa structureel in het centrum te behouden in 2026 en uit te breiden naar andere wijken zodra er uitbreiding in capaciteit mogelijk is. Hiermee wordt de doelstelling, “Beter, Bekender en Bereikbaarder”, verder gerealiseerd.

Versterking van Toezicht & Handhaving (T&H)

De eerste resultaten van het Versterkingsplan werden dit jaar zichtbaar. De nadruk in het plan lag op drie speerpunten: kwaliteit, zichtbaarheid en bereikbaarheid van het team. In dat kader zijn er diverse ontwikkelingen geweest:

  • De nieuwe unitleider T&H is gestart en begeleidde de ontwikkeling van medewerkers.
  • Het jaarlijkse bijscholingsprogramma is gestructureerd, waardoor alle boa’s hun certificaten tijdig konden verlengen.
  • De zichtbaarheid op straat is vergroot door de introductie van flexibele werktijden, waaronder een pilot op vrijdag- en zaterdagavond. Dankzij deze flexibele inzet konden de boa’s extra toezicht houden en bijdragen aan een gecontroleerde uitstroom bij (grote) evenementen in de stad (Zomerterras en sHaring the city).
  • De uitrusting van het team is verder verbeterd: de voertuigen zijn voorzien van een AED en het juiste gereedschap.
  • Om de zichtbaarheid en verbinding met inwoners te verbeteren, is een pilot gestart op social media (Facebook en Instagram), waarbij boa's posten over hun dagelijkse werkzaamheden.
  • De boa’s zijn na sluitingstijd van de gemeente telefonisch bereikbaar. Tot slot is ook het proces rondom het afhandelen van meldingen verbeterd en is er geëxperimenteerd met de inzet van een centralist.

Innovatieve pilots

  • Pilot werken in het weekend (1 juni tot 31 augustus 2025): de eerste signalen zijn dat aanwezigheid tijdens piekmomenten bijdraagt aan de leefbaarheid en veiligheid in de stad. De resultaten worden momenteel geëvalueerd. Op basis daarvan wordt bepaald of deze inzet structureel kan worden voortgezet.
  • Pilot social media (30 juni t/m 31 december 2025): gedurende deze periode zijn ervaringen en cijfers verzameld over het effect van digitale zichtbaarheid. De boa’s blijven actief op social media. De evaluatie levert aanbevelingen op voor de eventuele verdere inzet van online communicatie.

Onderzoek en evaluatie
In navolging van de aanbeveling uit het rekenkamerrapport Toezicht & Handhaving is onderzoek uitgevoerd door Van der Torre en Van Duijn. Dit onderzoek laat zien dat de veiligheidsorganisatie sinds 2022 aanzienlijk is gegroeid en geprofessionaliseerd. Tegelijkertijd signaleert de analyse dat de unit T&H kampt met een hoge meldingsdruk en een structureel tekort aan boa’s. De onderzoekers geven als overweging mee dat een uitbreiding van de formatie mogelijk nodig is om de doelstellingen uit de begroting en het Versterkingsplan OOV volledig te kunnen realiseren.

Cameratoezicht toekomstbestendig maken
De gemeente Vlaardingen maakt voor het uitkijken van gemeentelijke camera’s gebruik van het uitkijkcentrum van de gemeente Rotterdam. Per 1 januari 2027 wordt de gemeente geconfronteerd met een substantiële kostenstijging voor cameratoezicht. De kosten stijgen van € 4.000,- naar ruim € 16.000,- per camera per jaar. Deze ontwikkeling maakt dat het huidige camerabeleid, zowel het aantal camera’s als de mate van uitkijken, financieel niet zonder meer houdbaar is. Uit een verkenning is gebleken dat het in eigen beheer nemen van cameratoezicht de meest haalbare oplossing is. Dit vraagt weliswaar investeringen in faciliteiten en medewerkers, maar biedt een structurele oplossing voor de inzet, betaalbaarheid en toekomstbestendigheid van cameratoezicht.

Inzet stadsmarinier
In 2025 is de stadsmarinier ingezet op de integrale aanpak van de problematiek op en rond winkelcentrum Holiërhoek. Op basis van een uitgevoerde nulmeting is een gebiedsgerichte aanpak ontwikkeld, gericht op zowel fysieke verbeteringen, toezicht en handhaving als samenwerking met ondernemers en vastgoedeigenaren. In samenwerking is onder andere permanent cameratoezicht gerealiseerd, de openbare verlichting vernieuwd en zijn diverse maatregelen genomen om de openbare ruimte schoner, veiliger en aantrekkelijker te maken. Daarnaast is ingezet op het verminderen van overlast en criminaliteit, onder meer door gerichte surveillance en het verbeteren van het ondernemersklimaat. Deze inzet heeft in 2025 geleid tot een zichtbaar positiever veiligheidsbeeld in de Holiërhoek, met een daling van zowel overlastmeldingen als geregistreerde criminaliteit ten opzichte van 2024.

Financiële middelen

Terug naar navigatie - Veilig Vlaardingen - Financiële middelen

Binnen het Stadsprogramma Veilig Vlaardingen is in 2025 € 50.000 meer besteed aan communicatie dan begroot. Deze extra inzet was nodig omdat de communicatieactiviteiten rondom veiligheid, bewustwording en preventie uitgebreider en intensiever bleken dan oorspronkelijk ingeschat. Om deze activiteiten alsnog te kunnen uitvoeren, is vanuit het Stadsprogramma aanvullende financiering beschikbaar gesteld. Hierdoor konden alle geplande initiatieven plaatsvinden en werd de continuïteit en impact van de campagnes gewaarborgd.

Bedragen x € 1.000) Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Veilig Vlaardingen 318 303 341 -38 Veiligheid en Handhaving
Totaal 318 303 341 -38

Groen Vlaardingen

Inleiding

Terug naar navigatie - Groen Vlaardingen - Inleiding

Stadsprogramma Groen Vlaardingen

Vlaardingen is een stad met een groen hart. Groen is van grote waarde voor het welzijn en de gezondheid van inwoners en draagt bij aan verkoeling, een betere luchtkwaliteit en een klimaatbestendige stad. In 2025 is binnen het stadsprogramma Groen Vlaardingen ingezet op het versterken van bestaand groen, het toevoegen van nieuw groen en het beter verbinden van groene gebieden. Daarmee hebben we verder gewerkt aan een groener en toekomstbestendig Vlaardingen.

Ambities

Terug naar navigatie - Groen Vlaardingen - Ambities

Groenbeleid en groenstructuren

Terug naar navigatie - Groen Vlaardingen - Ambities - Groenbeleid en groenstructuren

In 2025 werkten we aan het versterken van de beleidsmatige en structurele basis voor groen.

Acties

Groen en identiteit

Terug naar navigatie - Groen Vlaardingen - Ambities - Groen en identiteit

In 2025 heeft de gemeente zichtbaar gewerkt aan het versterken van de groene identiteit van Vlaardingen.

Grote groenprojecten: we werken aan de uitvoering van de verschillende grote groenprojecten, waaronder: 

  • Groene entrees: Verfraaiing van belangrijke entrees van de stad met bloembakken. Bij de afrit Holy zijn deze aangevuld met vaste beplanting.
  • Realisatie van het pop-up bos.
  • Verdere vergroening van de binnenstad, onder andere in de Hoogstraat, Markgraaflaan en op het Veerplein.
  • Toepassing van ecologisch onderhoud in het Holypark.
  • Deelname aan het NK-tegelwippen, waarbij 116.559 tegels zijn vervangen door groen.

Communicatie over biodiversiteit via het initiatief Wild van Vlaardingen, aangevuld met diverse reportages over groene initiatieven in de stad.

Voortzetting van de samenwerking tussen kunst en groen:

  • Vergroening van het Verploegh Chasséplein met respect voor het monumentale karakter.
  • Vergroening van de Dayer in combinatie met nieuwe kunstwerken.

Kwaliteitsimpuls van het groen in het Marnixpark, Vaartlandpark en Holypark.

Acties

Sociaal groen

Terug naar navigatie - Groen Vlaardingen - Ambities - Sociaal groen

In 2025 hebben we ingezet op het versterken van de sociale functie van groen en het vergroten van de betrokkenheid van bewoner

Acties

Vergroenen privaat eigendom

Terug naar navigatie - Groen Vlaardingen - Ambities - Vergroenen privaat eigendom

In 2025 stimuleerden we bewoners en ondernemers om hun eigen terrein te vergroenen

Acties

Financiële middelen

Terug naar navigatie - Groen Vlaardingen - Financiële middelen

In 2025 is binnen het stadsprogramma Groen Vlaardingen een bedrag van € 1.182.865,- gerealiseerd, op een budget van € 1.376.063,-. Afwijkingen ten opzichte van de begroting zijn te verklaren doordat een aantal werkzaamheden in 2025 is voorbereid, maar eind 2025 nog niet uitgevoerd waren.

Bedragen x € 1.000) Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Groen Vlaardingen 1.150 1.376 1.180 196 Groen en Milieu
Totaal 1.150 1.376 1.180 196

Leefbaar Vlaardingen

Inleiding

Terug naar navigatie - Leefbaar Vlaardingen - Inleiding

We werken aan een Vlaardingen waar het prettig wonen en recreëren is. In 2025 hebben we daarom ingezet op een schone, veilige en toegankelijke openbare ruimte. Door samen te werken met andere beleidsvelden, (stads)programma’s en gebiedspartners hebben we werkzaamheden slim gecombineerd en zijn diverse initiatieven gerealiseerd.

Ambities

Terug naar navigatie - Leefbaar Vlaardingen - Ambities

Parels en zwijnen

Terug naar navigatie - Leefbaar Vlaardingen - Ambities - Parels en zwijnen

In 2025 is gewerkt aan het verbeteren van de uitstraling van de stad

Acties

Financiële middelen

Terug naar navigatie - Leefbaar Vlaardingen - Financiële middelen

In 2025 hebben we binnen het stadsprogramma Leefbaar Vlaardingen een bedrag van €523.983,- gerealiseerd, op een totaal budget van €669.595,-. Afwijkingen ten opzichte van de begroting zijn te verklaren doordat een aantal werkzaamheden in 2025 is voorbereid, maar nog niet uitgevoerd is. Daarnaast is de BRP-controleur later gestart dan gepland.

 

Bedragen x € 1.000) Primaire begroting 2025 Begroting 2025 na wijziging Realisatie 2025 Verschil begroting - realisatie Programma
Leefbaar Vlaardingen 409 533 376 157 Verkeer en Mobiliteit
Leefbaar Vlaardingen 181 136 136 0 Veiligheid en handhaving
Totaal 590 670 512 157

Inleiding

Terug naar navigatie - Stadsprogramma's - Inleiding

Het Coalitieakkoord 'Groei en bloei voor Vlaardingen' beschrijft de beleidsvoornemens op hoofdlijnen. De pijlers van het akkoord zijn de acht stadsprogramma's. Dit zijn grote maatschappelijke vraagstukken voor Vlaardingen die over grenzen van de portefeuilles heen gaan. In deze paragraaf worden de acht stadsprogramma's omschreven.