Een compacte binnenstad moet een binnenstad zijn met een compleet en aantrekkelijk aanbod voor bezoekers en een goed ondernemersklimaat.
In 2025 heeft het college de Kaderstellende Startnotitie Nieuwe Binnenstad en het concept deelomgevingsprogramma Integrale gebiedsontwikkeling Nieuwe Binnenstad, met als bijlagen het Ontwikkelkader en de nota Reikwijdte en Detailniveau, vastgesteld. In de nota Reikwijdte en Detailniveau worden de kaders voor de uit te voeren milieueffectrapportage beschreven. In het deelomgevingsprogramma zijn voor de integrale gebiedsontwikkeling de ruimtelijk, programmatische kaders en de strategie vastgelegd. Voor vastgoedeigenaren zijn hiermee de contouren voor herontwikkeling van de locaties vastgelegd, zoals rooilijnen, bouwhoogtes en programma. De strategie is om voldoende ontwikkelruimte en bouwvolume te bieden, waardoor er een haalbare businesscase ontstaat en er bijgedragen kan worden aan (gemeentelijke) ingrepen in het openbaar gebied zoals vergroening van het Liesveldviaduct. Belangrijk hierin is dat het winkeloppervlak wordt teruggebracht door met name m2 te schrappen op verdiepingen en dit om te zetten naar woningbouw met maximaal 800 woningen.
In 2026 is na consultatie met de raad het deelomgevingsprogramma door het college definitief vastgesteld. Dat jaar wordt ook gewerkt aan het Omgevingsprogramma, onderdeel daarvan is Economische Vitaliteit. In 2025 zijn onderzoeken uitgevoerd ten behoeve van het bepalen van de ideale marktomvang (kernwinkelgebied) van de binnenstad in relatie tot de omgeving. Het omgevingsprogramma wordt in 2026 uitgewerkt, in samenhang met het Thematisch omgevingsprogramma Werken.